• dinsdag 01 September 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Lezen is ook een kunst: hoe US$ 4,7 miljard schuld even US$ 8,7 miljard werd

| abc-Suriname | Door: Redactie

INGEZONDEN

Schrijven is een vak. Lezen ook. Vorige week zag je dat gebeuren. Het bedrag van US$ 8,7 miljard ging rond. Bijna het dubbele van wat we dachten te weten. Toen kwam het Bureau voor de Staatsschuld met een correctie: US$ 4,65 miljard. Wie alleen de koppen las, zag twee feiten die elkaar tegenspraken. Wie goed las, zag iets anders. Er was geen tegenspraak. Er was alleen context die onderweg verdween.

De totale staatsschuld stond eind juni 2026 op US$ 4,65 miljard. Dat zegt administrateur-generaal Charlene Soentik. Omgerekend zo’n SRD 175 miljard. Daarvan is US$ 760 miljoen binnenlands. US$ 3,9 miljard buitenlands. Het cijfer groeit elke maand mee met nieuwe leningen, aflossingen en koersverschillen. “Elke trekking wordt onderdeel van de schuld”, zegt Soentik.

Nu wordt het interessant. Hoe zwaar die schuld weegt, hangt af van welk bbp-cijfer je gebruikt. Volgens de wet moet Suriname het cijfer van het ABS gebruiken. Maar het

nieuwste ABS-cijfer is van 2024. Reken daarmee, en je komt op bijna 120 procent van het bbp. Ver boven de wettelijke grens van 60 procent. Het IMF gebruikt een ander, actueler bbp-cijfer voor 2026. Daarmee kom je uit op 74,5 procent. Twee uitkomsten. Eén schuld. Het verschil zit in de meetlat, niet in de werkelijkheid.

Hier zit de kern van het verhaal. US$ 8,7 miljard was geen foute meting. Geen verkeerd overgenomen cijfer. Het kwam uit een opiniestuk. Daarin maakte een auteur een simpele rekensom: als de schuld de komende vier jaar met gemiddeld US$ 1 miljard per jaar groeit, staan we aan het eind op zo’n US$ 8,7 miljard. De auteur was daar zelf duidelijk over. Geen voorspelling. Geen vaststaand scenario. Een rekenvoorbeeld.

Lees je snel, dan onthoud je alleen het getal. Lees je goed, dan zie je drie kleine woorden die alles veranderen: “als”, “gemiddeld”, “theoretisch”. Ergens onderweg vielen die

woorden weg. Het getal ging een eigen leven leiden. Van rekenvoorbeeld tot, in de volksmond, een “recent gepubliceerd bedrag” — alsof de schuld al zo hoog stond. Tegen dat misverstand kwam het Bureau voor de Staatsschuld terecht in verzet.

Makkelijk om dit weg te zetten als een simpel misverstand. Maar er zit meer in. Goed lezen is een vaardigheid. Je leert onderscheid maken. Is dit een gemeten cijfer, of een aanname? Een citaat, of een samenvatting? Spreekt de instantie zelf, of vertelt iemand anders het na? In een tijd van WhatsApp en snelle deelknoppen is dat onderscheid vaak het eerste dat sneuvelt. Een “als dit, dan dat” wordt na een paar keer doorsturen al snel een kaal feit.

Dat betekent niet dat er niets aan de hand is. Een schuld-bbp-ratio van 74,5 tot 120 procent blijft ver boven de wettelijke norm van 60 procent. Het scenario van US$ 8,7 miljard kwam niet

uit de lucht vallen. Als de overheid structureel meer leent dan ze aflost, is zo’n schuldniveau geen ondenkbaar pad. Maar het verschil tussen “dit kan gebeuren als” en “dit is de situatie nu” blijft belangrijk. Het bepaalt of we het hebben over een risico, of over een crisis die er al is.

De les is niet: wantrouw elk cijfer. De les is: lees zoals je een kaart leest, niet zoals je een uitroepteken leest. Kijk naar het getal. Kijk ook naar de zin eromheen. Bij het volgende opvallende bedrag over de staatsschuld — of over wat dan ook — vraag even door. Wie zei het? Hoe? Onder welke voorwaarde? Dat is geen wantrouwen. Dat is gewoon lezen zoals het hoort.

Gerard Lau

| abc-Suriname | Door: Redactie