• dinsdag 15 September 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Ramautarsing: Suriname moet corruptieketen doorbreken vóór oliedollars komen

Ramautarsing: Suriname moet corruptieketen doorbreken vóór oliedollars komen

| starnieuws | Door: Redactie

Corruptie is niet slechts een verzameling incidenten, maar heeft kenmerken van een structureel bestuursprobleem. Met de verwachte grote inkomsten uit de olie- en gassector wordt het daarom dringend noodzakelijk instituties te versterken, transparantie af te dwingen en corruptie moeilijker te maken. Dat stelt econoom Winston Ramautarsing in Kot A Keti; Waarom Suriname de keten van corruptie nu moet doorbreken, gepubliceerd in Inzicht, het vakblad van de Vereniging van Economisten in Suriname (VES). Het artikel is gebaseerd op zijn masterclass tijdens het Compliance
Congres van 7 augustus.


Ramautarsing noemt corruptie het grootste obstakel voor het vertrouwen van burgers, goed bestuur en duurzame economische groei in Suriname. Hij stelt daarbij scherp dat het bestuurlijke systeem diep door corruptie is aangetast. Corruptie wordt volgens hem te vaak beperkt tot het aannemen van steekpenningen. Het gaat in essentie om misbruik van toevertrouwde macht voor persoonlijk of groepsbelang. Dat kan voorkomen bij overheid, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties.


Ramautarsing waarschuwt ook voor de maatschappelijke acceptatie van zogenoemde kleine corruptie. Een betaling om een procedure sneller te laten verlopen, vriendjespolitiek of het bevoordelen van familieleden wordt soms als betrekkelijk onschuldig gezien. Juist daarin schuilt volgens hem het gevaar. Wanneer burgers, ondernemers en ambtenaren uitzonderingen op regels normaal gaan vinden, ontstaat een cultuur waarin grotere overtredingen gemakkelijker worden geaccepteerd. Corruptie begint niet noodzakelijk bij miljoenencontracten, maar bij de gedachte dat regels vooral voor anderen gelden.


Suriname achteruit op index 

Het

probleem wordt structureel wanneer nepotisme, vriendjespolitiek, cliëntelisme en belangenverstrengeling onderdeel worden van het functioneren van instituties. Burgers krijgen dan het gevoel dat banen, vergunningen, subsidies en overheidscontracten niet worden verdeeld op basis van kwaliteit en eerlijke procedures, maar afhankelijk zijn van connecties. Ramautarsing verwijst naar de Corruption Perceptions Index van Transparency International. Suriname behaalde volgens de aangehaalde gegevens in 2025 een score van 38 op 100 en stond daarmee op plaats 96 van 182 landen. Het wereldgemiddelde was 42. 



Vooral de ontwikkeling over een langere periode baart hem zorgen. In 2016 behaalde Suriname nog 45 punten. De dalende trend beschouwt hij als een waarschuwingssignaal over de integriteit van de publieke sector. De economische gevolgen zijn aanzienlijk. Investeerders kijken behalve naar natuurlijke hulpbronnen ook naar rechtszekerheid, vergunningverlening, eigendomsrechten en voorspelbare regelgeving. Corruptie verhoogt risico's en daarmee de kosten van ondernemen. Ook burgers betalen de rekening. Als overheidsprojecten door corruptie duurder worden

of belastinginkomsten verloren gaan, blijft minder geld over voor gezondheidszorg, onderwijs en infrastructuur. Wanneer toegang tot banen en zakelijke kansen bovendien afhankelijk wordt van connecties, neemt de ongelijkheid toe en gaat talent verloren.


Suriname beschikt sinds 2017 over een Anti-Corruptiewet en in 2023 werd de Anti-Corruptie Commissie (ACC) geïnstalleerd. Ramautarsing vindt echter dat deze commissie onvoldoende is toegerust om complexe corruptiezaken daadwerkelijk te onderzoeken. Hij wijst onder meer op het ontbreken van voldoende gespecialiseerde onderzoekers, forensische expertise, data-analisten en IT-capaciteit. Daardoor lijkt de ACC volgens hem meer op een integriteitsbureau dan op een krachtige anticorruptieautoriteit.


Als voorbeeld noemt hij Singapore, waar de anticorruptieautoriteit over honderden gespecialiseerde medewerkers, ruime onderzoeksbevoegdheden en aanzienlijke financiële middelen beschikt. Suriname hoeft dit systeem volgens hem niet te kopiëren, maar kan er wel een belangrijke les uit trekken: corruptiebestrijding zonder professionele capaciteit en politieke onafhankelijkheid blijft grotendeels symbolisch. Voor een versterkte Surinaamse ACC denkt Ramautarsing aan uitgebreidere
bevoegdheden, ongeveer dertig professionele medewerkers en een jaarbudget van rond US$ 5 miljoen.

Oliedollars vormen grote test 
De ontwikkeling van de olie- en gassector maakt hervormingen volgens Ramautarsing extra urgent. De toekomstige inkomsten bieden Suriname grote mogelijkheden om te investeren in onderwijs, gezondheidszorg, infrastructuur en duurzame ontwikkeling. Tegelijk brengen zulke grote geldstromen aanzienlijke integriteitsrisico's met zich mee. Vergunningen, aanbestedingen, local content, belastingheffing, staatsinkomsten en internationale geldstromen kunnen kwetsbaar worden voor belangenverstrengeling en corruptie. Ramautarsing pleit daarom voor openbaarmaking van belangrijke olie- en gascontracten, onafhankelijke controle van staatsinkomsten en geldstromen en transparante rapportage van royalties en profit oil. Burgers moeten kunnen nagaan hoeveel geld binnenkomt en waaraan het wordt besteed.
Het zou volgens hem een historische fout zijn wanneer olie-inkomsten een nieuw systeem van politieke financiering en patronage creëren. De fundamentele vraag is of olie een bron van duurzame nationale welvaart wordt of “een nieuwe pot met honing”.

Voor

effectieve corruptiebestrijding zijn volgens Ramautarsing niet noodzakelijk tientallen nieuwe wetten nodig. Een beperkt aantal gerichte hervormingen kan al veel veranderen. Digitalisering is daarbij een belangrijk middel. Corruptie gedijt volgens hem vooral bij direct persoonlijk contact, discretionaire beslissingsmacht en gebrek aan een controleerbaar spoor. Door processen bij bijvoorbeeld Douane, Belastingdienst, bouwvergunningen en overheidsinkoop te digitaliseren, worden beslissingen en transacties beter traceerbaar. 


Ook overheidsaanbestedingen zouden van aankondiging tot eindafrekening transparant moeten worden. Achteraf moet kunnen worden nagegaan wat is gekocht, waarom, voor welk bedrag, bij wie en volgens welke procedure. Daarnaast is bescherming van klokkenluiders essentieel. Werknemers die misstanden melden, moeten beschermd zijn tegen ontslag, bedreiging of professionele uitsluiting. Daarvoor zijn vertrouwelijke meldkanalen, wettelijke bescherming en onafhankelijke behandeling van meldingen nodig.

Ramautarsing benadrukt dat corruptiebestrijding niet uitsluitend een taak is van overheid, politie en justitie. Ook bedrijven, maatschappelijke organisaties, media en burgers maken deel uit van het systeem. Daarbij stelt hij de vraag

hoe geloofwaardig de veroordeling van grote corruptieschandalen is wanneer mensen tegelijkertijd bereid zijn kleine vormen van nepotisme, vriendjespolitiek of belangenverstrengeling te accepteren zodra zij er zelf voordeel van hebben. De corruptieketen bestaat immers uit verschillende schakels: iemand vraagt, iemand biedt, iemand betaalt, iemand kijkt weg en iemand profiteert.


Suriname staat volgens Ramautarsing voor een belangrijk keuzemoment. De instituties moeten worden versterkt vóór de grote olie-inkomsten binnenstromen en niet nadat geld door corruptie of slecht bestuur verloren is gegaan. Volledige uitroeiing van corruptie is volgens hem niet realistisch. De inzet moet zijn een samenleving te creëren waarin corruptie niet langer de gemakkelijkste weg naar geld, macht en invloed is. Daarvoor zijn sterke instituties, transparantie, professionele compliance en maatschappelijke controle noodzakelijk.


Maar uiteindelijk ligt er ook een individuele verantwoordelijkheid. De keten, stelt Ramautarsing, wordt pas werkelijk doorbroken wanneer voldoende mensen weigeren eraan mee te doen: “Kot A Keti.”

| starnieuws | Door: Redactie