
Parlementaire oproep: herstel het vertrouwen in de rechtsstaat
| suriname herald | Door: Redactie
De recente vaststelling van de nieuwe bezoldigingsreeks voor de rechterlijke macht, gedateerd 14 juli 2025 en toegepast met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2024, vereist meer dan politieke duiding. Het vereist juridische toetsing.
“Transparantie is geen politieke keuze, maar een constitutionele plicht.”
Wanneer een besluit van deze omvang wordt genomen vlak vóór een machtsoverdracht, ontstaat een verhoogde toetsingsplicht. Niet omdat het per definitie onrechtmatig is, maar omdat het raakt aan de kern van de trias politica en het vertrouwen in de staatsmacht.
Juridische toetsingskaders De Surinaamse Grondwet waarborgt de scheiding der machten. Elke vorm van beïnvloeding tussen de uitvoerende en
Daarnaast kent het Surinaamse Wetboek van Strafrecht bepalingen inzake ambtsmisdrijven, waaronder misbruik van gezag en knevelarij. Indien sprake zou zijn van wederrechtelijke bevoordeling of misbruik van bevoegdheid, kan dit onder deze bepalingen strafrechtelijke consequenties hebben.
Ook het bestuursrecht stelt eisen aan zorgvuldigheid, motivering en proportionaliteit. Een besluit met terugwerkende kracht vereist een deugdelijke rechtvaardiging, met name wanneer het aanzienlijke financiële gevolgen heeft voor de staatsbegroting.
“De vraag is niet alleen of het mocht, maar of het zorgvuldig, proportioneel en controleerbaar was.”
Financiële (dis)proportionaliteit Indien het gerapporteerde salaris van circa
Ter vergelijking: in Nederland bedraagt het salaris van een procureur-generaal indicatief 9000 euro tot 11.000 euro per maand. In de Verenigde Staten ontvangt de Attorney General US$ 250.600 per jaar.
Deze vergelijking roept vragen op over proportionaliteit en draagkracht, zeker in een land waar publieke voorzieningen onder druk staan.
“Een sterke rechtsstaat vereist sterke instituties – maar ook maatschappelijk draagvlak.”
Parlementaire actiepunten Indien De Nationale Assemblee haar controlerende taak serieus neemt, dienen ten minste de volgende vragen te worden onderzocht: 1. Op welke wettelijke grondslag is de beschikking exact gebaseerd? 2. Is de bevoegdheid tot vaststelling correct gedelegeerd? 3. Waarom is gekozen voor terugwerkende kracht? 4. Welke budgettaire dekking is vastgesteld? 5. Heeft een integriteitstoets plaatsgevonden? 6. Is onafhankelijke juridische advisering ingewonnen?
“Geen onderzoek instellen is geen neutraliteit – het is bestuurlijke nalatigheid.”
Conclusie Een onafhankelijk onderzoek – bestuursrechtelijk en indien nodig strafrechtelijk – is geen aanval op de rechterlijke macht. Het is een noodzakelijke stap om vertrouwen te herstellen.
Indien de besluitvorming juridisch correct is verlopen, zal een onderzoek dat bevestigen. Indien er sprake is geweest van onzorgvuldig bestuur of onbehoorlijke bevoordeling, dan vereist de rechtsstaat correctie.
“Het echte risico is niet het salaris. Het echte risico is het verlies van legitimiteit.”
Rodney Cairo
| suriname herald | Door: Redactie



































