• woensdag 22 July 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Jessurun vecht na gedwongen vertrek bij OAS op meerdere fronten voor eerherstel

| waterkant | Door: Redactie

Voormalig OAS-kabinetschef Xaviera Jessurun zegt haar strijd voor eerherstel te hebben uitgebreid naar internationale instanties. In een persoonlijke verklaring stelt zij dat haar fundamentele rechten jarenlang zijn geschonden en dat de aanhoudende juridische onzekerheid haar zowel professioneel als privé grote schade heeft toegebracht.

In de verklaring, getiteld ‘Gerechtigheid die te laat komt, is geen gerechtigheid’, schrijft Jessurun dat beginselen als het vermoeden van onschuld, het recht op een eerlijk strafproces en de bescherming van haar eer, goede naam en privéleven volgens haar in de praktijk niet zijn gerespecteerd.

Ondanks haar gedwongen vertrek blijft zij naar eigen zeggen op meerdere continenten zoeken naar gerechtigheid. Zo is volgens haar een formele klacht ingediend bij de Inspecteur-Generaal van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) over de omstandigheden rond haar ontslag. Daarbij wordt onder meer gewezen op een vermeende schending van het non-interventiebeginsel uit het OAS-Handvest.

Daarnaast is volgens Jessurun een melding gedaan bij de Inspecteur-Generaal van het

Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken. Daarin wordt gevraagd onderzoek te doen naar het handelen van de permanente vertegenwoordiger van de Verenigde Staten bij de OAS, ambassadeur Leandro Rizzuto. Volgens haar moet worden onderzocht of sprake is geweest van misbruik van bevoegdheden, misbruik van een ambtelijke positie of andere schendingen van toepasselijke beleidsregels en ethische normen.

Jessurun zegt verder dat zij jarenlang het slachtoffer is geweest van een ‘trial by media’. Volgens haar kregen de berichtgevingen een internationaal karakter en circuleerde binnen het diplomatieke corps van de OAS zelfs het bericht dat zij in Suriname met 185 strafrechtelijke aanklachten te maken zou hebben. Zij noemt die informatie ongefundeerd en stelt dat dergelijke beschuldigingen haar reputatie ernstig hebben geschaad.

Ook reageert zij op een van de beschuldigingen in het Surinaamse strafonderzoek. Volgens het Openbaar Ministerie zou zij zich schuldig hebben gemaakt aan de diefstal van een creditcard, een benzineboekje en een sleutelbos. Jessurun ontkent dat met

klem en stelt dat zij deze goederen nooit heeft gezien, laat staan in haar bezit heeft gehad.

Volgens haar loopt het strafrechtelijk onderzoek, dat in augustus 2022 begon en waarbij zij naar eigen zeggen vanaf het begin volledige medewerking heeft verleend, nog altijd. De zaak bevindt zich volgens haar momenteel in de bezwaarschriftprocedure, waarbij de volgende beraadslaging door de rechters is vastgesteld op 10 augustus 2026.

Vier jaar van juridische onzekerheid hebben volgens Jessurun geleid tot onherstelbare professionele en persoonlijke schade. Zij spreekt van materiële en immateriële schade die nauwelijks nog volledig is te herstellen of te kwantificeren.

Aan het einde van haar verklaring vraagt zij zich af wie uiteindelijk verantwoordelijkheid zal nemen voor de schade die haar volgens eigen zeggen is berokkend. Zij sluit af met een oproep aan onderzoeksjournalisten om de door haar genoemde informatie te verifiëren bij onder meer de OAS, het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, het Openbaar Ministerie en

het Surinaamse ministerie van Buitenlandse Zaken.

| waterkant | Door: Redactie