• zondag 14 August 2022
  • Het laatste nieuws uit Suriname

EERSTE TRANSPORTVLUCHT MET DRONE NAAR TEXEL

| snc.com | Door: Wouter Hoeffnagel

Een drone vervoert woensdag 3 augustus voor het eerst goederen vanaf Den Helder naar het Waddeneiland Texel. De vlucht vindt plaats vanuit het METIP Den Helder, waarbij de lading wordt afgegeven bij NIOZ, het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee.

De ANWB en PostNL voerden eerder al testvluchten uit met medisch transport per drone tussen ziekenhuizen in Meppel en Zwolle. METIP zet de ervaring en resultaten van dit onderzoek in bij het opzetten van zijn pilotproject. In deze pilot vervoeren drones spoedzending naar de Waddeneilanden. Dit vervoer vindt momenteel nog veel plaats via helikopters. Het gebruik hiervan is niet alleen duurder dan een drone, maar kent ook een grotere impact op het milieu.

Long Distance Cargo Drone Delivery project

Het gaat om de eerste vlucht van het vaste land naar een Waddeneiland. De pilot is onderdeel van het ‘Long Distance Cargo Drone Delivery’ project van METIP. Binnen dit project onderzoekt METIP de inzet van drones en andere onbemande systemen voor maritiem transport, logistiek en zowel inspecties van als onderhoud aan offshore constructies. Denk hierbij aan productieplatforms en het groeiende aantal offshore windparken in de Noordzee.

De drone die METIP bij de pilot inzet is een VTOL-drone, waarbij VTOL staat voor Vertical Take-Off and Landing. De drone stijgt op vanaf het noordelijkste puntje op het Noord-Hollandse vasteland: bij de zeepromenade Den Helder. Vanaf deze locatie vliegt de drone naar NIOZ op Texel.

Uitgevoerd met DroneQ Robotics en Airhub

DroneQ Robotics voert de vlucht uit in samenwerking met Airhub. DroneQ Robotics is een unmanned robotics systems operator en integrator. De kennispartner van METIP beschikt onder meer over vestigingen in Nederland, waaronder Den Helder. Het bedrijf ondersteunt havens rondom de Noordzee, andere havens, de offshore energiesector en aanverwante industrieën in hun streven naar klimaatneutraliteit. Dit doet DroneQ Robotics door de implementatie van onbemande roboticatechnologie.

Airhub ondersteunt bedrijven en overheden bij de implementatie van drone-operaties. Het bedrijf heeft een app ontwikkeld waarin alle benodigde en noodzakelijke voorbereiding en uitvoering is geïntegreerd voor veilig en rechtsgeldig vliegen met een drone. Net als DroneQ Robotics is Airhub een partner van METIP.

EVLOS modus

Tijdens zijn vlucht doorkruist de drone een gecontroleerd militair luchtruim, wat ook wel een militair CTR (controlled traffic region) heet. De vlucht vindt plaats in een zogeheten EVLOS modus, wat staat voor extended visual line of site. Waarnemers houden de drone hierbij op afstand in de gaten, iets wat regelgeving vereist. Met behulp van de proefvlucht wil METIP onder meer inzicht geven in manieren waarop op effectief en efficiënt, commercieel en maatschappelijk gevlogen kan worden binnen de geldende regelgeving.

De vlucht wordt ook gebruikt in het onderzoeksprogramma WATLAS (Waddenzee Advanced Tracking & Localization of Animals in real life Systems). Met behulp van WATLAS volgt NIOZ vogels in het westelijke deel van de Waddenzee. Door in kaart te brengen waar vogels heen vliegen en waarom zij dit doen wil NIOZ in kaart brengen hoe vogels kunnen omgaan met dreigingen zoals de stijgende zeespiegel en de vernietiging van leefgebied. Binnen het project ligt de focus op het volgen van de kanoet, drieteenstrandloper, rosse grutto en visdief.

Bodemmonster en bird tag als lading

Op de heenvlucht vervoert de drone een bodemmonster dat op het wad is genomen. Dit monster is bestemd voor onderzoekers op het NIOZ. Op de retourvlucht naar Den Helder transporteert de drone een kleine zender, die ook wel een bird tag wordt genoemd. Deze kan aan vogels worden bevestigd om hen te volgen. Zo wil NIOZ data verzamelen over het bereik van de zender. NIOZ is ook betrokken bij het ontwikkelen van richtlijnen voor vliegen over het Waddengebied.

Auteur: Wouter Hoeffnagel

 

BRON: maakindustrie

| snc.com | Door: Wouter Hoeffnagel