• maandag 23 March 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Twijfel zaaien of verantwoordelijkheid nemen?

| waterkant | Door: Redactie

[INGEZONDEN] – De recente uitspraken van mijn goede vriend Mahinder Jogi over het voorzitterschap van Chan Santokhi roepen niet alleen vragen op over leiderschap, maar vooral over timing en verantwoordelijkheid. In een democratie heeft iedereen het recht zijn mening te uiten. Maar niet elke mening, op elk moment, draagt bij aan versterking van de partij of het land.

Over het leiderschap van Santokhi hoeft helemaal geen misverstand te bestaan. Zijn staat van dienst is breed en diepgeworteld, van zijn jaren binnen het Korps Politie Suriname tot zijn periode als minister van Justitie en Politie, en zijn internationale rol binnen de Inter-American

Drug Abuse Control Commission (CICAD) van de Organisatie van Amerikaanse Staten.

Dat traject getuigt van ervaring, erkenning en consistent leiderschap, dus geen twijfel aan zijn leiderschap.

Er bestaat echter een belangrijk verschil tussen interne reflectie en publieke twijfel. Reflectie versterkt. Publieke twijfel, zonder duidelijk doel of alternatief, verzwakt. Zeker wanneer die twijfel gericht is op de persoon die de partij mede heeft uitgebouwd tot wat zij vandaag is. Onder leiding van Santokhi is de Vooruitstrevende Hervormingspartij (VHP) uitgegroeid tot een brede, multi-etnische beweging, in de geest van de legendarische VHP-leider Jagernath Lachmon en diens verbroederingspolitiek.

De koers van Santokhi heeft geleid tot historische

verkiezingsresultaten: 20 zetels in 2020 en 17 zetels in 2025, ondanks een ongekende bundeling van politieke tegenkrachten.

De suggestie dat de partij met Santokhi als voorzitter automatisch richting uitsluiting beweegt, doet geen recht aan de politieke realiteit van Suriname. Het is zeker een misplaatste opmerking. Ons systeem vereist samenwerking. Tot nu toe is gebleken dat geen enkele partij alleen regeert. De vraag wie voorzitter is, is dus slechts één onderdeel van een veel complexer geheel.

De kernvraag zou daarom niet moeten zijn of Santokhi moet plaatsmaken, maar wat het alternatief concreet biedt. Is er binnen de partij iemand met aantoonbaar meer draagvlak? Is er iemand met bewezen bestuurlijke ervaring, internationale erkenning en het vermogen om een diverse samenleving te verbinden? De Bromki Djari-gedachte is van Chan.

Zonder die antwoorden blijft de discussie abstract en potentieel schadelijk. Want leiderschap ter discussie stellen zonder perspectief op opvolging, creëert ruimte voor verdeeldheid. En verdeeldheid is zelden in het belang van de partij, en nooit in het belang van het land. Dat betekent niet dat er geen ruimte is voor kritiek. Integendeel. Elke leider maakt fouten, van Desi Bouterse tot Ronald Venetiaan.

Leiderschap wordt niet gemeten aan foutloosheid, maar aan het vermogen om te corrigeren, te leren en koers te houden onder druk. De afgelopen regeerperiode stond bovendien in het teken van uitzonderlijke uitdagingen: economische herstructurering, de nasleep van de COVID-19-pandemie en complexe coalitiedynamiek.

In zo’n context is het te eenvoudig om één persoon als oorzaak van alle problemen aan te wijzen. De opdracht voor de VHP is nu helder: bouwen, niet afbreken. Verbinden, niet verdelen. Interne discussies zijn noodzakelijk, maar ze moeten gericht zijn op versterking, niet op ondermijning.

Wie verantwoordelijkheid neemt, kiest niet voor publieke twijfel zonder richting, maar voor constructieve bijdragen die de partij en het land vooruithelpen.

Idris Naipal

| waterkant | Door: Redactie