
SURINAME OP HET KRUISPUNT VAN RIJKDOM EN VERVAL – LESSEN UIT DE VENEZOLAANSE SCHADUW
| united news | Door: Redactie
ANALYSE
Terwijl de economische tragedie in buurland Venezuela een waarschuwende echo voortbrengt, heeft Suriname, ondanks eigen diepe en langdurige crises, een zekere veerkracht getoond. De ineenstorting van Venezuela, gedreven door vijf fatale stappen van wanbeleid en corruptie, biedt een cruciale spiegel voor Suriname dat nu, met de ontdekking van omvangrijke offshore olie- en gasreserves, op een economisch kruispunt staat.
De Surinaamse crisis is veel minder explosief dan de Venezolaanse hyperinflatie van miljoenen procenten, maar de mechanismen van verval – van de verslaving aan grondstoffen en het falen van monetaire discipline tot de massale braindrain – zijn pijnlijk parallel. Beide landen delen de kwetsbaarheid van een economische monocultuur: Venezuela was bijna uitsluitend afhankelijk van olie, terwijl Suriname nu sterk leunt op goud en spoedig op offshore olie.
Dit maakt de economieën extreem gevoelig voor prijsschommelingen en leidt in beide gevallen tot een verwaarlozing van diversificatie. Waar Venezuela 18.000 geschoolde werknemers ontsloeg om ze te
De monetaire ontsporing volgt ook een vergelijkbaar pad: de Venezolaanse Bolivar en de Surinaamse Dollar (SRD) leden onder het financieren van gaten in de staatsbegroting door de geldpers aan te zetten, met als gevolg in beide gevallen een dramatisch verlies van koopkracht.
Toch heeft Suriname de totale anarchie van haar buurman kunnen afwenden door de aanwezigheid van enkele vitale vangnetten. De omvangrijke Surinaamse diaspora in Nederland fungeert als een onmisbaar sociaal en monetair vangnet; de miljarden aan remittenties (geld dat wordt teruggestuurd) injecteren op betrouwbare wijze buitenlandse valuta in de economie, wat de druk op de SRD enigszins verlicht en families helpt overleven.
Bovendien heeft de relatief kleine bevolking van circa 630.000 de crisis beter
Ook de efficiëntie van Chinese en andere Aziatische toeleveranciers in de import- en detailhandel is een factor gebleken in het waarborgen van de voedselzekerheid en het deels draaiend houden van de toeleveringsketens, in tegenstelling tot de totale vernietiging van de private sector in Venezuela door onteigening en chaos.
Suriname staat nu aan de vooravond van een mogelijke transformatie, maar met die rijkdom komt de grootste waarschuwing: de Venezolaanse tragedie leert dat rijkdom niet zaligmakend is als er geen institutionele tucht is. Om de ‘resource curse’ te bezweren, is het absoluut cruciaal dat Suriname onmiddellijk een Sovereign Wealth Fund (Stabilisatiefonds) opricht om de olie-inkomsten te bufferen tegen prijsschommelingen
Daarnaast moeten de inkomsten gericht worden op het forceren van economische diversificatie – de ontwikkeling van landbouw en toerisme – om de afhankelijkheid van één sector te doorbreken. De Surinaamse schaduw is geen voorbestemming. Het is een spiegel die waarschuwt dat de fundamentele regels van goed bestuur – monetaire discipline, institutionele kracht en de strijd tegen corruptie – de enige garantie zijn voor welvaart in het nieuwe tijdperk van offshore-rijkdom.
De ultieme en kortste les die Suriname uit de Venezolaanse tragedie moet trekken, is de noodzaak van een Sovereign Wealth Fund (SWF), ofwel een Stabilisatiefonds. Dit fonds is de enige manier om de olierijkdom te beschermen tegen politieke onmiddellijke besteding en de daarmee gepaard gaande corruptie en inflatie. Het fonds moet daarom via een bindende wet worden opgericht en niet door simpele politieke besluitvorming. Cruciaal is dat het overgrote deel 55−65% van de olie-inkomsten
Dit kapitaal mag vervolgens niet in Suriname worden geïnvesteerd, maar moet internationaal, gediversifieerd en conservatief worden belegd om het te beschermen tegen de devaluatie van de Surinaamse Dollar en tegen het gevaar van de ‘Nederlandse Ziekte’ (inflatie door massale dollartoevoer). Het beheer moet in handen komen van een onafhankelijk bestuur van technocraten, volledig gescheiden van de politiek.
Ten slotte moet de wet een strikte onttrekkingsregel bevatten die bepaalt dat de overheid in de stabilisatiefase het geld primair gebruikt voor schuldvermindering en dat op de lange termijn enkel het reële rendement (bijvoorbeeld 3% van de fonds waarde) mag worden opgenomen. Dit waarborgt dat de rijkdom ook voor toekomstige generaties intact blijft.
UNITEDNEWS
| united news | Door: Redactie



































