
Rondhoutexport blijft een gemiste kans voor economie
| starnieuws | Door: Redactie
Suriname beschikt over een van de grootste bosarealen ter wereld. Al tientallen jaren wordt de houtsector genoemd als een belangrijke motor voor economische ontwikkeling, export en werkgelegenheid. Toch blijft een groot deel van de economische waarde van deze natuurlijke rijkdom buiten de landsgrenzen. De export van onbewerkt rondhout staat opnieuw in de belangstelling na een afstudeeronderzoek aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname, waarin wordt geconcludeerd dat structurele knelpunten binnen de zagerij-industrie de lokale verwerking van hout belemmeren.
Op zichzelf is die conclusie niet nieuw. Wel bevestigt het onderzoek van Sharvan Jagernath, die vrijdag zijn Bachelor of Science aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname behaalde, met actuele gegevens wat beleidsmakers, ondernemers en onderzoekers al jarenlang signaleren: Suriname beschikt over voldoende hout én over voldoende verwerkingscapaciteit, maar slaagt er onvoldoende in om daar maximaal economisch voordeel uit te halen.
Een oude discussie
De discussie over de
De gedachte daarachter is eenvoudig: hoe meer bewerkingen in eigen land plaatsvinden, hoe groter de toegevoegde waarde voor de economie.
De capaciteit is aanwezig
Een belangrijk uitgangspunt in deze discussie werd al gelegd door de Stichting voor Bosbeheer en Bostoezicht (SBB). Uit een onderzoek uit 2022 bleek dat Suriname beschikt over voldoende geïnstalleerde zaagcapaciteit om de nationale rondhoutproductie lokaal te verwerken. Toch wordt nog altijd meer dan de helft van het geoogste hout als rondhout uitgevoerd.Dat roept een logische vraag op: als de capaciteit aanwezig is, waarom gebeurt die verwerking dan niet? Juist
De knelpunten liggen niet in het bos
Uit het onderzoek blijkt dat de zagerijsector kampt met een combinatie van structurele problemen. Bedrijven beschikken vaak over verouderde technologie, onvoldoende droog- en opslagfaciliteiten en beperkte mogelijkheden voor secundaire houtverwerking. Daarnaast zorgen een onbetrouwbare energievoorziening, hoge energie- en brandstofkosten, logistieke uitdagingen en een tekort aan gespecialiseerd personeel ervoor dat de beschikbare capaciteit niet volledig wordt benut.
Ook de markt speelt een rol. Veel zagerijen verwerken slechts een beperkt aantal bekende houtsoorten en produceren voornamelijk standaardafmetingen. Daardoor sluiten vraag en aanbod op de internationale markt niet altijd op elkaar aan.Het gevolg is dat Suriname wel beschikt over de grondstof én de machines, maar niet altijd over de omstandigheden om daar maximaal rendement uit te halen.
Meer dan alleen hout
De discussie over rondhoutexport gaat uiteindelijk over meer dan bosbeheer alleen. Zij raakt een fundamentele economische vraag:
Wanneer een boom als rondhout wordt geëxporteerd, levert dat inkomsten op uit de verkoop van de grondstof. Maar de verdere verwerking – het zagen, drogen, schaven, produceren en exporteren van eindproducten – vindt vervolgens elders plaats. Daarmee verdwijnen ook een belangrijk deel van de werkgelegenheid, de belastinginkomsten, de technische kennis en de toegevoegde waarde naar andere economieën.
Hetzelfde economische principe speelt ook in andere sectoren. Niet de aanwezigheid van grondstoffen bepaalt uiteindelijk de welvaart van een land, maar de mate waarin die grondstoffen worden verwerkt tot producten met een hogere economische waarde.
Een exportverbod alleen is niet voldoende
Het afstudeeronderzoek laat tegelijkertijd zien dat een verbod op de export van rondhout op zichzelf geen oplossing vormt. Wanneer bedrijven blijven kampen met hoge productiekosten, stroomuitval, personeelstekorten en beperkte investeringsmogelijkheden, ontstaat niet automatisch een concurrerende houtindustrie.
Een succesvolle afbouw van de rondhoutexport
Kans voor economisch beleid
Met de verwachte inkomsten uit de olie- en gassector staat Suriname voor een bredere uitdaging. De vraag is hoe die middelen kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van andere productieve sectoren van de economie. De houtsector zou daarbij een belangrijke rol kunnen spelen.
De bossen zijn er. De ondernemers zijn er. De verwerkingscapaciteit is er grotendeels ook. De uitdaging ligt vooral in het oplossen van de structurele knelpunten die de sector al jarenlang afremmen. Daarmee raakt de discussie over de rondhoutexport aan een veel grotere vraag dan alleen bosbeleid. Het gaat uiteindelijk over de manier waarop Suriname zijn natuurlijke rijkdommen wil benutten.
Tot slot
Suriname beschikt over bossen,
De vraag die daarom boven de houtsector blijft hangen, is niet hoeveel bomen Suriname bezit. Die vraag is al lang beantwoord. De werkelijke vraag is of Suriname erin slaagt om van zijn natuurlijke rijkdom ook duurzame economische welvaart te maken.
| starnieuws | Door: Redactie




































