
Jagesar: Spin-off GranMorgu nu al merkbaar, aandacht verschuift ook naar gas
| starnieuws | Door: Redactie
Staatsolie directeur Anand Jagesar (foto: Leroy Troon) Hoewel de eerste olie uit het GranMorgu-project naar verwachting pas in 2028 wordt geproduceerd, zijn de economische effecten van de ontwikkeling in Blok 58 volgens Staatsolie-directeur Annand Jagesar nu al merkbaar. Alleen al bij de Kuldipsingh Port Facility zijn volgens hem ongeveer 700 Surinamers betrokken bij werkzaamheden voor het offshoreproject. Jagesar sprak tijdens een bezoek aan de faciliteit, waar onderdelen van de onderzeese infrastructuur voor GranMorgu worden voorbereid. Het materieel dat nu nog aan land
Het GranMorgu-project bestaat volgens Jagesar uit drie belangrijke onderdelen: het drijvende productie-, opslag- en overslagschip dat momenteel in China wordt gebouwd, de bronnen die onder de oceaanbodem worden geboord en de onderzeese infrastructuur die de bronnen met het productieschip verbindt. “Dit is de laatste keer dat je het op land ziet. Het gaat de volgende vijftig jaar op de oceaanbodem werken voor de productie en inkomsten van ons land”, zegt Jagesar over de apparatuur die momenteel bij de havenfaciliteit ligt. Staatsolie participeert voor 20 procent in de ontwikkeling van GranMorgu. Daarnaast vervult het staatsbedrijf vanuit zijn wettelijke positie taken rond het beheer van en toezicht op de petroleumactiviteiten.
Jagesar wijst vooral op de werkgelegenheid die de ontwikkeling nu al oplevert. Bij de Kuldipsingh Port Facility zouden ongeveer 700
Volgens Jagesar reikt de economische spin-off verder dan de directe werkzaamheden voor GranMorgu. Ook dienstverleners en andere sectoren profiteren van de toegenomen activiteiten rond d e olie- en gassector. Hij noemt onder meer hotels en restaurants, die profiteren van internationale energieconferenties en de komst van buitenlandse bedrijven en deskundigen.Tegelijkertijd wil Jagesar dat de aandacht niet uitsluitend op olie gericht blijft. De recente gasvondsten in het Surinaamse offshoregebied moeten volgens hem nadrukkelijker worden betrokken bij gesprekken over de verdere ontwikkeling van de energiesector.
Hij overweegt daarom een nieuwe energieconferentie te organiseren. Waar eerdere bijeenkomsten sterk in het teken stonden van de offshore
te zien is, zal uiteindelijk op de zeebodem worden geïnstalleerd en daar voor langere tijd onderdeel vormen van het productiesysteem.
Het GranMorgu-project bestaat volgens Jagesar uit drie belangrijke onderdelen: het drijvende productie-, opslag- en overslagschip dat momenteel in China wordt gebouwd, de bronnen die onder de oceaanbodem worden geboord en de onderzeese infrastructuur die de bronnen met het productieschip verbindt. “Dit is de laatste keer dat je het op land ziet. Het gaat de volgende vijftig jaar op de oceaanbodem werken voor de productie en inkomsten van ons land”, zegt Jagesar over de apparatuur die momenteel bij de havenfaciliteit ligt. Staatsolie participeert voor 20 procent in de ontwikkeling van GranMorgu. Daarnaast vervult het staatsbedrijf vanuit zijn wettelijke positie taken rond het beheer van en toezicht op de petroleumactiviteiten.
Jagesar wijst vooral op de werkgelegenheid die de ontwikkeling nu al oplevert. Bij de Kuldipsingh Port Facility zouden ongeveer 700
Surinamers werkzaam zijn. “Als je dat doorrekent naar hun gezinnen, hebben zo'n 3000 mensen er nu al profijt van”, aldus de Staatsolie-topman. De ambitie is volgens hem om het aantal directe Surinaamse arbeidsplaatsen dat uit de ontwikkeling van de sector voortvloeit uiteindelijk naar ongeveer 2000 te brengen.
Volgens Jagesar reikt de economische spin-off verder dan de directe werkzaamheden voor GranMorgu. Ook dienstverleners en andere sectoren profiteren van de toegenomen activiteiten rond d e olie- en gassector. Hij noemt onder meer hotels en restaurants, die profiteren van internationale energieconferenties en de komst van buitenlandse bedrijven en deskundigen.Tegelijkertijd wil Jagesar dat de aandacht niet uitsluitend op olie gericht blijft. De recente gasvondsten in het Surinaamse offshoregebied moeten volgens hem nadrukkelijker worden betrokken bij gesprekken over de verdere ontwikkeling van de energiesector.
Hij overweegt daarom een nieuwe energieconferentie te organiseren. Waar eerdere bijeenkomsten sterk in het teken stonden van de offshore
olievondsten en de ontwikkeling van GranMorgu, zou een volgende conferentie zich meer moeten richten op gas en de commerciële mogelijkheden daarvan. Het accent wordt nu geleidelijk verlegd van alleen de ontwikkeling van de eerste grote offshore olieproductie naar de vraag welke volgende stappen Suriname kan zetten met zijn olie- én gasvoorraden.
| starnieuws | Door: Redactie


































