• zondag 20 September 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Suriname heeft een nieuw energieparadigma nodig!

Suriname heeft een nieuw energieparadigma nodig!

| starnieuws | Door: Redactie

De energiesector omvat elektriciteitsopwekking, transmissie en distributie, olie en gas (upstream, midstream en downstream) en hernieuwbare bronnen zoals waterkracht en zonne-energie. Deze sector moet niet alleen als nutsvoorziening worden gezien, maar als strategische motor voor productie, export, werkgelegenheid en economische groei.

Van Afobaka tot Staatsolie
De basis voor grootschalige energieontwikkeling werd gelegd met de Brokopondo-overeenkomst van 1958 en de bouw van de Afobakadam. De centrale leverde goedkope elektriciteit aan de bauxiet- en aluminiumindustrie. Energie werd zo rechtstreeks verbonden aan industrialisatie en
export. Deze ontwikkeling had echter ook een sociale prijs: dorpen kwamen onder water te staan en bewoners moesten verhuizen.

Sinds 2020 is de Afobakadam eigendom van de Staat Suriname en wordt deze beheerd door Staatsolie. Dit bedrijf bewees sinds zijn oprichting in 1980 dat Suriname zelf aardolie kan opsporen, produceren en raffineren. De Petroleumwet verankerde zijn positie en maakt samenwerking met internationale bedrijven mogelijk via Production Sharing Contracts.

Staatsolie moet zich verder ontwikkelen over de volledige waardeketen. Suriname moet niet alleen olie en gas winnen en exporteren, maar samen met de private sector ook producten blijven ontwikkelen die daaruit kunnen worden vervaardigd. Zo blijven kennis, werkgelegenheid en toegevoegde waarde in ons land.

Zonne-energie en wetgeving

Een van Surinames eerste gedocumenteerde grootschalige zonne-energieprojecten werd in 1994/1995 uitgevoerd in Kwamalasamutu, een inheems dorp in het uiterste zuiden van Suriname, nabij de grens met Brazilië. Met Nederlandse ontwikkelingsfinanciering werden bij

individuele huishoudens zonne-energiesystemen geïnstalleerd.


Orlando Olmberg
In 2013 heeft ondergetekende, in samenwerking met het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen, het project geëvalueerd. Uit het evaluatierapport bleek dat vrijwel geen enkel oorspronkelijk systeem nog volledig functioneerde. Gebrekkig onderhoud, onvoldoende lokaal beheer en het uitblijven van tijdige vervanging van batterijen en andere onderdelen waren belangrijke oorzaken.

De les is duidelijk: energieprojecten in het binnenland mogen niet eindigen bij de installatie. Opleiding van bewoners, structurele onderhoudsbudgetten, beschikbare reserveonderdelen en duidelijke verantwoordelijkheden zijn noodzakelijk. Deze ervaringen leverden belangrijke lessen op voor de latere ontwikkeling van hybride microgrids met batterijopslag.

In 2014 volgde met de realisatie van het 5 MW-zonne-energieproject van Rosebel Gold Mines een belangrijk industrieel keerpunt, het eerste grote megawatt zonne-energie project in Suriname.

De Elektriciteitswet van 2016 opende vervolgens de markt voor Independent Power Producers en particuliere opwekkers. Verdere uitwerking van tarieven, vergunningen, netcodes, batterijopslag en teruglevering blijft noodzakelijk.

/>Een regionale energiepositie
Oorlogen, spanningen rond de Straat van Hormuz en rivaliteit tussen grootmachten tonen aan dat energie opnieuw een strategisch machtsmiddel is. Guyana kan richting 2030 ongeveer 1,7 miljoen vaten olie per dag produceren. Met de geplande Surinaamse productie kunnen beide landen samen in de buurt komen van 2% van de mondiale olieproductie.

Arco Norte, het geplande elektriciteitsnet tussen Suriname, Guyana, Frans-Guyana en Noord-Brazilië, kan Suriname toegang geven tot een regionale elektriciteitsmarkt.
Gas-to-Shore moet niet alleen elektriciteit leveren. Aardgas kan ook worden benut voor kunstmest, petrochemie, aluminiumverwerking en andere industrieën. Afobaka en mogelijke ontwikkelingen bij Tapajai en Kabalebo bieden daarnaast kansen voor baseload, energie-export en groene waterstof.

De ontwikkeling van Tapajai moet worden gekoppeld aan infrastructuur, onderwijs, gezondheidszorg en economische ontsluiting van het binnenland. Dit kan alleen met transparante participatie en voorafgaande instemming van de betrokken gemeenschappen.

De toekomst van EBS en EAS
EBS moet financieel
en operationeel gezond worden gemaakt, zodat het zelfstandig, efficiënt en toekomstgericht kan functioneren. Transmissie en distributie moeten centraal binnen één EBS blijven. Zo kan het bedrijf investeringen coördineren en leveringszekerheid, betaalbaarheid en landelijke toegankelijkheid beschermen.

De ontwikkeling van de gassector biedt EBS daarnaast commerciële kansen. Met Gas-to-Shore en een mogelijke aansluiting op Arco Norte kan het bedrijf een grotere nationale en regionale rol vervullen.

EAS heeft als onafhankelijke toezichthouder een andere verantwoordelijkheid. Zij moet de sector reguleren, monitoren en adviseren. Bij verdere liberalisering moet EAS duidelijke regels vaststellen voor tarieven, vergunningen, technische normen en toegang tot het elektriciteitsnet. Zo ontstaat ruimte voor IPP’s, hernieuwbare energie en particuliere investeringen.

Voor Arco Norte zijn bovendien heldere afspraken nodig over grensoverschrijdende levering, netgebruik en tarieven. EBS kan daarbij de operationele en commerciële rol vervullen, terwijl EAS onafhankelijk toezicht houdt.

Gedeeltelijke privatisering van EBS en Staatsolie moet bespreekbaar zijn. Surinaamse
burgers, bedrijven en pensioenfondsen kunnen onder strenge voorwaarden participeren. Buitenlands kapitaal kan beperkt worden toegelaten, terwijl de Staat voldoende zeggenschap behoudt.

Suriname eerst!
De paradigmaverschuiving is helder: van energie als kostenpost en sociale voorziening naar energie als commodity, industriële grondstof, exportproduct en fundament voor nationale ontwikkeling.

Suriname moet zijn eigen weg bewandelen, met één uitgangspunt: Suriname eerst!

Orlando Olmberg
President 
Suriname Energy Chamber

| starnieuws | Door: Redactie