• dinsdag 19 May 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
DNA mag alleen de politieke ambtsdrager horen, niet de procureur-generaal

DNA mag alleen de politieke ambtsdrager horen, niet de procureur-generaal

| suriname herald | Door: Redactie

Keer op keer worden wij geconfronteerd met opmerkelijke gang van zaken binnen De Nationale Assemblee (DNA) sinds Ashwin Adhin voorzitter is. Maar niet alleen onder zijn voorzitterschap zijn er volgens ons vreemde ontwikkelingen geweest. Ook tijdens het voorzitterschap van Jenny Geerlings-Simons (thans president) hebben wij merkwaardige situaties binnen DNA geconstateerd.

Ondanks het feit dat artikel 5 van de Wet In Staat van Beschuldigingstelling en Vervolging Politieke Ambtsdragers luid en duidelijk bepaalt dat DNA niet treedt in de beoordeling van de gegrondheid van de vordering van de procureur-generaal (pg), besloot de toenmalige NDP-fractie tijdens het voorzitterschap van Jenny Geerlings-Simons dat de

vordering tegen Gilmore Hoefdraad ongegrond was. Men stelde onomwonden dat Hoefdraad niet schuldig was, terwijl artikel 5 van de genoemde wet juist verbiedt om een dergelijk oordeel te vellen. Dit werd destijds schaamteloos gepasseerd door voorzitter Jenny Geerlings-Simons. Elke keer wanneer de NDP aan de macht is, lijken wetten met
voeten te worden getreden.

Onlangs werd de samenleving ermee geconfronteerd dat de Commissie van Onderzoek van DNA de pg wilde horen met betrekking tot de drie vorderingen die de pg heeft ingediend bij DNA om de gewezen politieke ambtsdragers Gillmore Hoefdraad, Bronto Somohardjo en Riad Nurmohamed in staat van beschuldiging

te stellen. In de wet staat echter duidelijk dat de betreffende commissie uitsluitend de politieke ambtsdrager mag horen en niemand anders. Artikel 8 lid 2 van de eerder aangehaalde wet geeft expliciet aan wie DNA mag horen. Daarbij wordt alleen de politieke ambtsdrager genoemd. Wat begrijpt men daar niet aan?

Artikel 8 Wet In Staat van Beschuldigingstelling en Vervolging Politieke Ambtsdragers1. Indien De Nationale Assemblée besluit tot het instellen van een nader onderzoek, stelt zij de stukken in handen van een Commissie van Onderzoek die zij daartoe aanwijst. De Nationale Assemblée stelt in het geval genoemd in lid 1 de

betreffende politieke ambtsdrager of gewezen politieke ambtsdrager in de gelegenheid om te worden gehoord. 2. Indien ingevolge lid 1 van dit artikel een Commissie van Onderzoek is benoemd, geschiedt het horen van de politieke ambtsdrager of gewezen politieke ambtsdrager door die commissie. 3. Indien een dergelijke commissie niet is benoemd,
wijst De Nationale Assemblée een commissie aan die met het horen als voormeld wordt belast en stelt zij daartoe de stukken ter beschikking.

Ebu Jones en Raymond Sapoen strooien zand in de ogen Ebu Jones en Raymond Sapoen hebben zich in niet mis te verstane bewoordingen publiekelijk en laatdunkend uitgelaten

over het feit dat de pg niet is ingegaan op het verzoek van de commissie om in DNA gehoord te worden. Beide heren zijn juristen, maar geven blijk van het feit dat zij kennelijk niet eens een wetsartikel begrijpend kunnen lezen, terwijl zij de samenleving wel proberen op te jutten
met hun retoriek.

In dit kader past een oud Duits gezegde: “Mit der Dummheit kämpfen Götter selbst vergebens”, wat betekent: “Zelfs de goden strijden tevergeefs tegen de domheid.”

Pg toont respect voor de rechtsstaat Het zou de omgekeerde wereld zijn als DNA (de wetgevende macht) de rechterlijke macht zou mogen

horen. Waar haalt de betreffende commissie het lef vandaan om de pg te willen horen? Wij achten het volkomen terecht dat de pg de bepalingen van de Wet In Staat van Beschuldigingstelling en Vervolging Politieke Ambtsdragers heeft gevolgd en geen gehoor heeft gegeven aan het onbevoegde verzoek van DNA om
gehoord te worden.

Artikel 3 van de Wet In Staat van Beschuldigingstelling en Vervolging Politieke Ambtsdragers bepaalt dat de vordering van de pg een korte feitelijke omschrijving bevat van het misdrijf of de misdrijven waarvan de betreffende politieke ambtsdrager of gewezen politieke ambtsdrager wordt verdacht, alsmede de wettelijke of verdragsrechtelijke

bepalingen waarbij of krachtens welke die misdrijven strafbaar zijn gesteld.

De pg hoeft bij de vordering dus niets te bewijzen, maar kan volstaan met de vermelding van de misdrijven en een korte omschrijving daarvan. DNA heeft volgens deze wet niet de bevoegdheid om de gegrondheid van de vordering te beoordelen

(zie artikel 5: “De Nationale Assemblée treedt niet in de beoordeling van de gegrondheid…”). Wat wij nu zien, is dat DNA juist de gegrondheid van de vordering wil beoordelen, terwijl zij dat volgens de wet niet mag.

Wij vernamen bovendien dat de betreffende commissie verschillende functionarissen en instanties heeft gehoord.

Ook daartoe was die commissie niet bevoegd. Sapoen en Jones kunnen kennelijk nog niet eens een wetsartikel correct interpreteren, maar willen wel ingewikkelde juridische materie beoordelen op basis waarvan politieke ambtsdragers worden beschuldigd. En dit zijn dan onze volksvertegenwoordigers.

In dit verband verwijzen wij ook naar het zeer prijzenswaardige ingezonden

artikel van dr. Headly R. Binderhagel. Wij vrezen echter dat het artikel van Binderhagel te hoog gegrepen is voor degenen die de pg onheus bejegenen.

DNA pleegt obstructie van de rechtsgang Artikel 5 van de bovengenoemde wet bepaalt dat DNA uitsluitend beoordeelt of de vervolging van de politieke ambtsdrager in

politiek-bestuurlijk opzicht in het algemeen belang moet worden geacht. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan situaties van een ernstige crisis, zoals een pandemie of oorlogssituatie, waarbij leiding aan het land moet worden gegeven.

Voorbeeld: Tijdens de Covid-pandemie zou het in politiek bestuurlijk opzicht niet in het algemeen belang zijn dat

de minister van volksgezondheid in staat van beschuldiging wordt gesteld en daardoor van rechtswege op non-actief wordt gesteld.

Het is overduidelijk dat de commissie het proces zodanig probeert te sturen dat de termijn van negentig dagen voor het nemen van een beslissing verstrijkt. In dat geval moet het verstrijken

van die termijn als een afwijzing worden aangemerkt (artikel 4 lid 3).

De NDP had jarenlang de mond vol over de bestrijding van corruptie. Nu het moment daar is, probeert de NDP-fractie de vervolging van verdachte politieke ambtsdragers te blokkeren.

Sunil Sookhlall & Kries Mahabier[email protected]Facebook

| suriname herald | Door: Redactie