• zondag 19 May 2024
  • Het laatste nieuws uit Suriname

DE ANTI-CORRUPTIEWET ONDER DE LOEP: WET EN RECHT MOETEN ZEGEVIEREN IN SURINAME!

| united news | Door: Redactie

Auteur: L.G. Macnack | CEO LEGAL GENERAL SERVICES

Het zal niemand zijn ontgaan dat het onderwerp corruptie op het hoogste niveau op internationaal en nationaal niveau nauwlettend wordt gevolgd.

Suriname maakt inderdaad “furore” als het om corruptie gaat. De laatste weken wordt Suriname wederom geconfronteerd met vermeende corruptiezaken die illustratief zijn voor het resultaat van de recent uitgebrachte Internationale corruptie-index 2023 van Transparency International.

Naar aanleiding hiervan heb ik samen met een advocatenkantoor in Nederland de vrijheid genomen om het volk van Suriname en de internationale gemeenschap te informeren over onze analyse van de Anti-Corruptiewet en deze te vergelijken met een landmark case

waarin het Openbaar Ministerie prominent zijn standpunt handhaaft.

CONTEXT

Als onderdeel van de TRIAS POLITICA, de wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht, is de onafhankelijkheid van de rechtspraak essentieel. Dit is een noodzakelijke voorwaarde voor de rechtsstaat en een fundamentele waarborg voor een eerlijk proces.

Onafhankelijke rechtspraak in een democratische rechtsstaat is geen privilege van de rechter, maar een fundamenteel recht van de burger. Dit is ook vastgelegd in de protocollen en gedragscode voor rechters in Suriname.

 

Hierin wordt onder meer beschreven dat een rechter zich onafhankelijk opstelt ten opzichte van de samenleving en vermijdt een zodanige band met leden van de uitvoerende macht of

de wetgevende macht. De rechter heeft ook geen band met politieke of religieuze organisaties en vermijdt zelfs de schijn van het tegendeel.

Rechtsgeleerden hebben benadrukt dat het legaliteitsbeginsel een essentieel onderdeel vormt van het strafrecht. Hierbij wordt gesteld dat het strafrecht een gesloten systeem is waarin iets wat niet strafbaar is, nooit ter bescherming van de maatschappij en het rechtssysteem kan worden ingebracht. Dit heeft voornamelijk betrekking op de integriteitscode artikel 4 lid E van de ACW en het feit dat de ten laste gelegde artikelen uit de Bankwet geen strafbepaling bevatten.

ANALYSE PAN AMERICAN CASE

Met concrete bewijzen en feiten is aangetoond dat de anti-corruptiewet, comptabiliteitswet, wettelijke voorschriften en procedures van algemene beginselen van goed bestuur zijn overtreden om de staat te benadelen en een particuliere rechtspersoon te bevoordelen. Het dossier dat wij hebben bestudeerd, toont aan dat een absurd hoog bedrag, bijna 8 miljoen USD, is uitbetaald aan een particuliere organisatie, waarbij opzettelijk financieel nadeel is toegebracht of financieel nadelige voorwaarden zijn bedongen.

Het PAN AMERICAN SCHANDAAL betreft een uitbetaling zonder enige contractuele verplichting, zonder openbare aanbesteding en waar geen enkele noodzaak aanwezig is om zonder een geldige missive van de raad van ministers na afwijzingen van de minister van Financiën en drie keer afwijzingen van de Raad van Ministers buiten alle wettelijke voorschriften over te gaan tot deze daad

Door deze strijdige handeling is aan de staat nadeel toegebracht. Het redelijk vermoeden van feitelijkheden en omstandigheden zal op basis van artikel 13 lid 1 van de anti-corruptiewet, maken dat het Openbaar Ministerie geen keus zal hebben om de maatschappelijke rechtsorde en het volk te dienen. Immers, de maatschappelijke rechtsorde is ernstig verstoord, zoals parlementariërs/volksvertegenwoordigers hebben benadrukt.

OPEN MARKET OPERATIONS

Het staat vast dat de rentevergoedingsafspraken tussen de Centrale Bank van Suriname en de commerciële banken voor de OMO aantoonbaar zeer nadelig zijn geweest voor de staat en de Centrale Bank van Suriname. Immers, de minister van Financiën heeft in De Nationale Assemblee publiekelijk verklaard dat de dure leergelden en de verliezen van de Centrale Bank van Suriname door de staat gedragen moeten worden, en dus door het volk.

In het initiële onderzoeksrapport van de onderzoekscommissie is benadrukt dat de CBVS absurd hoge rentevergoedingen heeft verstrekt die internationaal en nationaal niet verklaarbaar zijn.

De geldcreatie van SRD 4.973 MILJARD SRD (4.973.000.000.000 SRD), die heeft geleid tot absurd hoge winsten van particuliere commerciële banken ten nadele van het volk en de staat door zeer nadelige interestvoorwaarden, heeft in de periode januari 2021 tot heden geleid tot aantoonbare negatieve gevolgen voor de economie en de koersontwikkeling.

Het initiële onderzoeksrapport uitgevoerd door de commissie van de President benadrukt dat de OMO-rente niet kan worden beschouwd als een evenwichtige marktconforme rente. De hoge OMO-rentes worden uitbetaald ten laste van de CBvS, die daardoor enorme hoge en absurde verliezen heeft geleden en de solvabiliteit van de CBvS zwaar heeft aangetast.

CONCLUSIE

Veel internationale en nationale critici hebben al vastgesteld dat het handelen van het Openbaar Ministerie in de landmark CBvS-case vele consequenties heeft voor het functioneren van de publieke sector. In de landmark case is het Openbaar Ministerie van mening dat beleid en beleidskeuzes strafbaar moeten worden vervolgd, omdat naar hun mening de projecten buiten de taken van de Bankwet vallen. In de ogen van het Openbaar Ministerie tonen deze beleidskeuzes strafbaar gedrag, ongeacht of deze middels een door de Raad van Commissarissen goedgekeurd Strategisch Beleidsplan zijn uitgevoerd.

Het feit dat internationale en nationale deskundigen en organisaties in deze landmark CBvS-case benadrukken dat de bevoordeling van de staat in landsbelang, voor het garanderen van hun zorgplicht en stabiliteit, nooit zou mogen vallen onder de noemer van het strafrecht. Immers, Interpol heeft ook bevestigd dat beleid en beleidskeuzes van de uitvoerende macht niet thuishoren in het strafrecht, vooral als het algemeen belang hiermee gediend is. Vaststaat dat deze overheidsmiddelen niet buiten het ambt zijn besteed en niet voor eigen bate zijn aangewend.

Recentelijk heeft het Openbaar Ministerie publiekelijk verklaard dat beleid en beleidskeuzes verantwoordelijkheden zijn van de directie en de Raad van Commissarissen van de EBS. Het Openbaar Ministerie stelt dat beleid en beleidskeuzes niet vallen onder de noemer van het strafrecht.

Het feit dat het Openbaar Ministerie blijft volharden dat bevoordeling van de staat voor overheidsuitgaven moet worden vervolgd, maakt dat er geen enkele belemmering aanwezig is om de anti-corruptiewet toe te passen bij benadeling van de staat. Hoe zal de maatschappij onze rechtstaat moeten beoordelen wanneer de Anti-Corruptiewet definieert dat het juist moet worden toegepast wanneer de staat benadeeld is en nooit wanneer de staat bevoordeeld is.

Dit staat ook niet in de ANTI-CORRUPTIEWET. De lering van TRIAS POLITICA zal ons duidelijk maken welke rechtsontwikkeling wij op dit vlak zullen krijgen. De rechtsgeleerden in Nederland benadrukken dat het legaliteitsbeginsel gebaseerd moet zijn op een vooraf aanwezige bepaling dat de maatschappij inzichtelijk moet hebben wat strafbaar is en wat niet strafbaar is. Dit is het volste recht van de maatschappij.

De positie van onze rechtstaat wordt nu gedefinieerd. Het Openbaar Ministerie zal de komende periode duidelijk een positie moeten innemen. Het toepassen van de anti-corruptiewet bij de cases PAN AMERICAN en OMO, waar geen enkele twijfel bestaat dat de staat is benadeeld, zal een daadkrachtig optreden zijn door de Wet In Staat van Beschuldiging Politieke Ambtsdragers (WIPA) in te stellen. Of het toegeven dat de Landmark case een politieke vervolging is geweest van beleid en beleidskeuzes van de uitvoerende macht, waarbij de Anti-Corruptiewet is misbruikt om politiek andersdenkenden te willen vervolgen.

Het is inmiddels een moeilijke en complexe situatie waarin het handelen of niet handelen van het Openbaar Ministerie door eigen toedoen zich heeft geplaatst.

INGEZONDEN

 

 

| united news | Door: Redactie