
Column: TAS en de politiek van de sterkste
| starnieuws | Door: Redactie
De gebeurtenissen van dinsdag bij de Telecommunicatie Autoriteit Suriname (TAS) illustreren een politieke bestuurscultuur waarin machtsposities, partijbelangen en coalitieafspraken de werking van staatsinstellingen overheersen. Zodra politieke belangen spelen, lijkt niet de wet bepalend, maar wie de meeste macht kan mobiliseren.
Bij TAS eindigde een poging van de Raad van Commissarissen (RvC) om bestuurlijke verantwoordelijkheden over te nemen in een confrontatie. Commissarissen verklaarden hardhandig te zijn aangepakt. Er ontstond onduidelijkheid over de aanwezigheid van politiemannen. Ondertussen verdedigde de ABOP-fractie in De Nationale
Ronnie Brunswijk liet ook tijdens de regering-Santokhi zien hoe belangrijk behoud van politieke invloed voor hem is. Dat patroon zet zich onder president Jennifer Simons voort. Politieke invloed hoort bij coalitievorming, maar wordt schadelijk wanneer bestuurlijke procedures en publieke instellingen afhankelijk worden van partijpolitieke instemming.
Brunswijk zegt nu dat de ABOP niet strijdt om de TAS-directeursfunctie, omdat die aan coalitiepartner NPS is toebedeeld. Ook ontkent hij zijn parlementariërs te hebben aangezet tot hun optreden. Dat wringt met de felle verdediging van Jap-A-Joe door zijn fractie en haar vertrek uit het parlement. Bovendien heeft Brunswijk vaker publiekelijk duidelijk gemaakt dat ABOP-parlementariërs niet eigenhandig zulke besluiten nemen. Zelf verzet hij zich tegen het optreden van de RvC en vindt hij dat Jap-A-Joe
De tegenstrijdige verklaringen over politieke afspraken vergroten het probleem. De ABOP wekt de indruk dat toezeggingen zijn gedaan over het aanblijven van Jap-A-Joe. Simons ontkende woensdagavond daarvoor toestemming te hebben gegeven. Zij moet duidelijk maken welke coalitieafspraken over benoemingen en verantwoordelijkheden bestaan en waar de grenzen liggen. Politieke afspraken kunnen wettelijke bevoegdheden nooit vervangen. Staatsinstellingen zijn geen bezittingen die coalitiepartners verdelen.
Jurist Jennifer van Dijk-Silos wees op de verhouding tussen de wettelijke benoemingstermijn en Jap-A-Joe's arbeidsovereenkomst. De rechter moet de rechtsgevolgen daarvan beoordelen. Maar een arbeidsrechtelijk geschil rechtvaardigt geen politieke machtsstrijd ten koste van de instelling. Simons zegt de wet te respecteren en de rechterlijke uitspraak af te wachten. Haar verantwoordelijkheid gaat verder. Zij moet waarborgen dat ministers, directeuren, commissarissen en instellingen hun wettelijke bevoegdheden kunnen uitoefenen zonder
De escalatie bij TAS had nooit mogen plaatsvinden. Fysieke confrontaties, parlementaire spanningen en vragen over politieoptreden tonen hoezeer de verhoudingen zijn verslechterd. Minister Harish Monorath liet onderzoek instellen nadat volgens hem bleek dat de korpsleiding geen opdracht had gegeven voor de aanwezigheid van politiemannen bij TAS. Dat moet worden opgehelderd. Politiefunctionarissen mogen niet de indruk wekken partijbelangen te dienen.
Iedere nieuwe coalitieconfrontatie kan Simons' gezag aantasten. Wanneer zij voortdurend moet bemiddelen om een coalitiepartner tevreden te houden, dreigt coalitiebehoud belangrijker te worden dan behoorlijk bestuur. Stabiliteit heeft alleen waarde wanneer zij regeringsbeleid mogelijk maakt. Suriname spreekt jarenlang over hervorming, professionalisering, deskundige leiding, toezicht en minder politieke bemoeienis bij staatsbedrijven en publieke instellingen. Toch veroorzaken benoemingen en zeggenschap telkens conflicten. Simons beloofde tijdens haar verkiezingscampagne juist anders te besturen.
TAS is bovendien geen gewoon staatsbedrijf, maar een wettelijk ingestelde toezichthouder. Als daar de bestuurlijke verhoudingen
In de samenleving klinkt de roep om harder optreden tegen de ABOP. Ook een andere coalitiesamenstelling en vervroegde verkiezingen worden genoemd. Een coalitiebreuk of nieuwe verkiezingen zijn geen eenvoudige oplossingen en vereisen naleving van constitutionele regels. Maar het bijeenhouden van een coalitie rechtvaardigt niet onbeperkte bestuurlijke schade. Een rechterlijk vonnis kan het geschil rond Jap-A-Joe beslechten, niet de politieke bestuurscultuur die de escalatie mogelijk maakte. Daar ligt Simons' werkelijke opgave: haar belofte van verandering waarmaken door grenzen te stellen aan politieke druk.
Hoe langer Brunswijk en
Wilfred Leeuwin
Bij TAS eindigde een poging van de Raad van Commissarissen (RvC) om bestuurlijke verantwoordelijkheden over te nemen in een confrontatie. Commissarissen verklaarden hardhandig te zijn aangepakt. Er ontstond onduidelijkheid over de aanwezigheid van politiemannen. Ondertussen verdedigde de ABOP-fractie in De Nationale
Assemblée fel directeur Wendy Jap-A-Joe en verliet na een woordenwisseling de vergadering. Een juridisch geschil was een machtsstrijd geworden waarin de wet van de sterkste dreigde te gelden.
Ronnie Brunswijk liet ook tijdens de regering-Santokhi zien hoe belangrijk behoud van politieke invloed voor hem is. Dat patroon zet zich onder president Jennifer Simons voort. Politieke invloed hoort bij coalitievorming, maar wordt schadelijk wanneer bestuurlijke procedures en publieke instellingen afhankelijk worden van partijpolitieke instemming.
Brunswijk zegt nu dat de ABOP niet strijdt om de TAS-directeursfunctie, omdat die aan coalitiepartner NPS is toebedeeld. Ook ontkent hij zijn parlementariërs te hebben aangezet tot hun optreden. Dat wringt met de felle verdediging van Jap-A-Joe door zijn fractie en haar vertrek uit het parlement. Bovendien heeft Brunswijk vaker publiekelijk duidelijk gemaakt dat ABOP-parlementariërs niet eigenhandig zulke besluiten nemen. Zelf verzet hij zich tegen het optreden van de RvC en vindt hij dat Jap-A-Joe
tot de rechterlijke uitspraak directeur blijft. Ook zonder persoonlijke opdracht aan zijn fractie blijft hij politiek verantwoordelijk voor haar optreden.
De tegenstrijdige verklaringen over politieke afspraken vergroten het probleem. De ABOP wekt de indruk dat toezeggingen zijn gedaan over het aanblijven van Jap-A-Joe. Simons ontkende woensdagavond daarvoor toestemming te hebben gegeven. Zij moet duidelijk maken welke coalitieafspraken over benoemingen en verantwoordelijkheden bestaan en waar de grenzen liggen. Politieke afspraken kunnen wettelijke bevoegdheden nooit vervangen. Staatsinstellingen zijn geen bezittingen die coalitiepartners verdelen.
Jurist Jennifer van Dijk-Silos wees op de verhouding tussen de wettelijke benoemingstermijn en Jap-A-Joe's arbeidsovereenkomst. De rechter moet de rechtsgevolgen daarvan beoordelen. Maar een arbeidsrechtelijk geschil rechtvaardigt geen politieke machtsstrijd ten koste van de instelling. Simons zegt de wet te respecteren en de rechterlijke uitspraak af te wachten. Haar verantwoordelijkheid gaat verder. Zij moet waarborgen dat ministers, directeuren, commissarissen en instellingen hun wettelijke bevoegdheden kunnen uitoefenen zonder
voortdurende politieke onderhandelingen.
De escalatie bij TAS had nooit mogen plaatsvinden. Fysieke confrontaties, parlementaire spanningen en vragen over politieoptreden tonen hoezeer de verhoudingen zijn verslechterd. Minister Harish Monorath liet onderzoek instellen nadat volgens hem bleek dat de korpsleiding geen opdracht had gegeven voor de aanwezigheid van politiemannen bij TAS. Dat moet worden opgehelderd. Politiefunctionarissen mogen niet de indruk wekken partijbelangen te dienen.
Iedere nieuwe coalitieconfrontatie kan Simons' gezag aantasten. Wanneer zij voortdurend moet bemiddelen om een coalitiepartner tevreden te houden, dreigt coalitiebehoud belangrijker te worden dan behoorlijk bestuur. Stabiliteit heeft alleen waarde wanneer zij regeringsbeleid mogelijk maakt. Suriname spreekt jarenlang over hervorming, professionalisering, deskundige leiding, toezicht en minder politieke bemoeienis bij staatsbedrijven en publieke instellingen. Toch veroorzaken benoemingen en zeggenschap telkens conflicten. Simons beloofde tijdens haar verkiezingscampagne juist anders te besturen.
TAS is bovendien geen gewoon staatsbedrijf, maar een wettelijk ingestelde toezichthouder. Als daar de bestuurlijke verhoudingen
ontsporen, komt ook het vertrouwen in professionele leiding elders onder druk. Politieke loyaliteit verdringt deskundigheid; instellingen besteden energie aan machtsstrijd in plaats van hun maatschappelijke opdracht. Brunswijk en de ABOP mogen hun belangen verdedigen. Maar wanneer iedere belangrijke beslissing afhankelijk wordt van hun instemming, raakt de regering gegijzeld door haar eigen machtsverhoudingen. Simons moet dat doorbreken. Coalitiebehoud mag haar regeringsgezag niet ondermijnen.
In de samenleving klinkt de roep om harder optreden tegen de ABOP. Ook een andere coalitiesamenstelling en vervroegde verkiezingen worden genoemd. Een coalitiebreuk of nieuwe verkiezingen zijn geen eenvoudige oplossingen en vereisen naleving van constitutionele regels. Maar het bijeenhouden van een coalitie rechtvaardigt niet onbeperkte bestuurlijke schade. Een rechterlijk vonnis kan het geschil rond Jap-A-Joe beslechten, niet de politieke bestuurscultuur die de escalatie mogelijk maakte. Daar ligt Simons' werkelijke opgave: haar belofte van verandering waarmaken door grenzen te stellen aan politieke druk.
Hoe langer Brunswijk en
de ABOP hun machtspositie laten doorwerken in het regeringsbeleid, hoe zwakker de coalitie wordt. Hoe langer Simons dat toestaat, hoe groter het risico dat zij maatschappelijk vertrouwen verliest. Suriname heeft geen regering nodig die uitsluitend bijeenblijft, maar een regering die daadwerkelijk regeert.
Wilfred Leeuwin
| starnieuws | Door: Redactie




































