• dinsdag 09 June 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
VES betwist begrotingstekort van 5,1%: Werkelijk tekort is 7,7% van BBP

VES betwist begrotingstekort van 5,1%: Werkelijk tekort is 7,7% van BBP

| starnieuws | Door: Redactie

De Vereniging van Economisten in Suriname (VES) plaatst vraagtekens bij de wijze waarop de regering het begrotingstekort voor 2026 heeft berekend. Volgens Swami Girdhari, secretaris van de VES, bedraagt het tekort niet 5,1 procent van het bruto binnenlands product (BBP), zoals de regering stelt, maar 7,7 procent.


De Raad van Ministers heeft op 21 mei de Nota van Wijziging op de Ontwerpwet Staatsbegroting 2026 goedgekeurd. Daarin worden de totale uitgaven geraamd op SRD 77,4 miljard tegenover totale ontvangsten van SRD 64,6 miljard.
Volgens de regering resulteert dit in een begrotingstekort van SRD 12,8 miljard, oftewel 5,1 procent van het BBP, dat voor 2026 is vastgesteld op SRD 252,2 miljard.

Girdhari zegt in een interview met Starnieuws dat vooral de omvang van het geraamde BBP vragen oproept. In september 2025 werd het BBP nog geraamd op ongeveer SRD 180 miljard. De nieuwe raming van SRD 252,2 miljard betekent een stijging van circa 40 procent. Wanneer rekening wordt gehouden met een inflatie van ongeveer 10 procent, resteert volgens hem nog altijd een reële groei van ongeveer 30 procent.

“De vraag is of deze groei realistisch is. Het ministerie van Financiën en Planning zou de onderliggende berekeningen nader moeten toelichten aan de samenleving”, stelt Girdhari.

Leningen zijn geen inkomsten

De belangrijkste kritiek van de VES richt zich op de manier waarop de ontvangsten zijn samengesteld. Volgens de Nota van Wijziging bestaan de
inkomsten uit SRD 42,5 miljard aan directe en indirecte belastingen en SRD 15 miljard aan niet-belastingmiddelen. Samen bedraagt dit SRD 57,5 miljard. Daarnaast wordt SRD 7 miljard aan leningen opgenomen, waardoor de totale ontvangsten uitkomen op SRD 64,6 miljard.

Volgens Girdhari is deze benadering onjuist.“Leningen zijn geen inkomsten, maar financieringsmiddelen. Zij verhogen de toekomstige schuldverplichtingen van de staat en mogen daarom niet worden beschouwd als reguliere ontvangsten.” Wanneer de leningen buiten beschouwing worden gelaten, ontstaat volgens de VES een financieringsgat van bijna SRD 20 miljard. Het begrotingstekort komt dan uit op circa 7,7 procent van het BBP in plaats van de door de regering genoemde 5,1 procent.

De VES benadrukt dat vanuit internationaal begrotingstechnisch perspectief een duidelijk onderscheid moet worden gemaakt tussen reguliere inkomsten, zoals belastingen, niet-belastingontvangsten en schenkingen, enerzijds en financieringsmiddelen zoals leningen en trekkingen anderzijds. Alleen op die manier ontstaat volgens de vereniging een transparant beeld
van de werkelijke financiële positie van de overheid.

Schuldpositie blijft aandachtspunt
Volgens Girdhari blijft ook de financiering van het tekort een belangrijk aandachtspunt. De overheid zal volgens de begroting voor een aanzienlijk deel van haar uitgaven afhankelijk blijven van nieuwe schulden. Daarnaast zijn voor 2026 aflossingen geraamd van SRD 9,4 miljard. De vraag is volgens de VES uit welke middelen deze verplichtingen zullen worden betaald. Daarom pleit de vereniging voor het openbaar maken van een actuele schuldhoudbaarheidsanalyse, zodat de samenleving een volledig beeld krijgt van de financiële situatie van de staat.

Kritiek op meerjarenprojecties
In de Nota van Wijziging is tevens een Medium-Term Fiscal Framework opgenomen, waarin de ontwikkeling van de overheidsfinanciën voor de periode 2026 tot en met 2030 wordt geschetst. Volgens deze projecties zullen zowel de inkomsten als de uitgaven de komende jaren toenemen. De regering verwacht voor de periode 2027 tot en met 2029 begrotingsoverschotten,
oplopend tot SRD 9,6 miljard in 2029. Voor 2030 wordt echter opnieuw een tekort van SRD 9,9 miljard geraamd.

De VES noemt deze ontwikkeling opmerkelijk. Volgens de secretaris slaat een overschot van bijna SRD 10 miljard binnen één jaar om in een tekort van vrijwel dezelfde omvang, wat neerkomt op een verschil van bijna SRD 20 miljard. Een belangrijke oorzaak ligt volgens hem in de sterk stijgende aflossingsverplichtingen. Waar in 2029 nog SRD 9,3 miljard aan schulden moet worden afgelost, loopt dit bedrag in 2030 op tot SRD 32,3 miljard. Dat hangt onder meer samen met de schuldherschikking van november 2025, waarbij Suriname in 2030 ongeveer USD 1 miljard zal moeten aflossen. “Hiermee wordt feitelijk een zware financiële last doorgeschoven naar de regering die in 2030 aantreedt”, aldus Girdhari.

Waarschuwing voor olie-optimisme
Met het oog op de verwachte olie-inkomsten waarschuwt de VES voor te veel optimisme in het
huidige begrotingsbeleid. De VES meent dat het risico bestaat dat toekomstige olie-inkomsten impliciet worden meegenomen in de huidige uitgavenplannen, terwijl die inkomsten nog niet zijn gerealiseerd. Internationale ervaringen tonen volgens de VES aan dat landen die hun uitgaven al verhogen voordat grondstoffeninkomsten daadwerkelijk binnenkomen, later vaak worden geconfronteerd met begrotingsproblemen wanneer de opbrengsten lager uitvallen dan verwacht.

De VES pleit daarom voor begrotingsdiscipline, maximale transparantie, een solide spaar- en investeringsstrategie en sterke institutionele waarborgen om politieke begrotingscycli te beperken.

| starnieuws | Door: Redactie