
Suriname, diaspora en de toekomst: drie lijnen voor duurzame ontwikkeling
| starnieuws | Door: Redactie
Centraal in de eerste lijn staat de vraag: wat betekent het om Surinamer te zijn?
Adhin pleit voor een fundamentele omkering in denken. In plaats van de diaspora primair te benaderen als investeerders, moet Suriname hen eerst erkennen als volwaardige Surinamers. Dit betekent dat de staat niet langer vraagt wat de diaspora kan bijdragen, maar eerst onderzoekt wat zij heeft verloren. Volgens hem gaat het niet om gunsten, maar om herstel van rechten en verbondenheid.
Om dit concreet te maken, presenteerde hij vier sporen die hij wil meenemen naar Paramaribo als onderdeel van een wetgevingsagenda. Deze variëren van praktische aanpassingen, zoals verlenging van de PSA-status en verruiming van verblijfsrechten, tot meer ingrijpende voorstellen zoals
Daarnaast wordt gedacht aan een zogenoemde “PSA-plus”-status, die uitgebreide rechten biedt zonder volledige nationaliteit, en zelfs een grondwettelijke verankering van de relatie tussen Suriname en zijn diaspora. Hiermee moet worden voorkomen dat toekomstige regeringen deze band opnieuw verzwakken.
Olie als middel, niet als bestemming
De tweede lijn van de toespraak richt zich op economische ontwikkeling, met bijzondere aandacht voor de olie- en gassector. Suriname staat aan de vooravond van een belangrijke fase, met de verwachte productie van olie uit het GranMorgu-veld vanaf 2028. De inkomsten uit deze sector kunnen oplopen tot miljarden dollars en vormen een ongekende kans voor nationale ontwikkeling.
Toch waarschuwt Adhin nadrukkelijk voor een eenzijdige focus op olie. Volgens hem is olie geen einddoel, maar een
Daarom introduceert hij het concept “Oil & Gas Plus”: een strategie waarbij de opbrengsten uit olie worden ingezet om andere sectoren te ontwikkelen. Hij identificeert zes belangrijke “plus-sectoren” waarin Suriname kan groeien:
● Landbouw en voedselproductie
● Water en watereconomie
● Goud en verdere waardeketenontwikkeling
● Carbon credits en bosbeheer
● Medisch toerisme
● Ecotoerisme
Volgens Adhin biedt juist de diaspora hierin enorme kansen. Veel Surinamers in het buitenland beschikken over kennis en expertise in sectoren zoals zorg, ICT, financiën en onderwijs. Deze vaardigheden zijn essentieel voor de ontwikkeling van een moderne en diverse economie.
Suriname als regionaal knooppunt
De derde lijn richt zich op de langetermijnvisie: Suriname in 2050. In plaats van een economie die draait op
Adhin schetst vier dimensies waarin Suriname deze rol kan vervullen:
● Financiële hub – met moderne bankwetgeving en een regionale effectenbeurs
● Logistieke hub – met versterking van havens, luchtvaart en regionale verbindingen
● Digitale hub – met investeringen in datacentra, cybersecurity en infrastructuur
● Educatieve hub – als centrum voor onderwijs en training in de regio
Onder deze ontwikkeling ligt een belangrijke pijler: de diensten-economie. Volgens de visie zal deze sector tegen 2050 de grootste bijdrage leveren aan het bruto binnenlands product, met duizenden banen in onder andere ICT, consultancy en financiële dienstverlening.
Diaspora als motor van ontwikkeling
Een opvallend punt in de toespraak is de erkenning van de diaspora als bestaande economische kracht. Jaarlijks sturen Surinamers in het buitenland al honderden
Hij roept op om deze rol te versterken door betere structuren en ondersteuning. Zo wees hij op bestaande investeringsmogelijkheden, zoals fiscale voordelen en internationale financiering via instellingen als Afreximbank. Deze bieden kansen voor ondernemers die actief willen worden in Suriname.
Wetgeving en samenwerking als sleutel
Als voorzitter van De Nationale Assemblée benadrukte Adhin dat zijn rol niet ligt in uitvoering, maar in het agenderen en stimuleren van wetgeving. Hij wil ervoor zorgen dat langlopende dossiers eindelijk worden behandeld en dat de relatie met de diaspora structureel wordt vastgelegd.
Tegelijkertijd onderstreepte hij het belang van samenwerking met Nederland, onder meer via aanpassing van bestaande verdragen. Alleen door bilaterale afspraken kan een duurzame en wederzijds erkende oplossing worden bereikt voor kwesties rond nationaliteit en rechten.
Een gezamenlijke keuze voor de toekomst
De kern van de toespraak ligt in de oproep tot een gezamenlijke keuze: wat voor land wil Suriname zijn in 2050? Blijft het afhankelijk van grondstoffen, of bouwt het een sterke, diverse economie gebaseerd op kennis, instituties en samenwerking?
Volgens Adhin ligt het antwoord niet alleen bij de overheid, maar bij alle Surinamers, zowel in het land als daarbuiten. De diaspora speelt hierin een cruciale rol, niet alleen als investeerder, maar als mede-bouwer van de toekomst.
| starnieuws | Door: Redactie




































