• zondag 22 February 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

SURINAME GASTLAND VOOR REGIONAAL SEMINAR MARITIEM TOEZICHT

Ingediend door admin op

Suriname is deze week het gastland voor het 16e Caribbean Port State Control (PSC) Seminar van het Caribbean Memorandum of Understanding (CMOU).

Van 2 tot en met 5 juni komen inspecteurs uit achttien Caribische landen bijeen op het terrein van de Maritieme Autoriteit Suriname (MAS) in Paramaribo om kennis te delen over internationale maritieme regelgeving en handhaving.

De focus ligt dit jaar op milieu-inspecties aan boord van internationale schepen. Volgens Bryan Ristie, manager maritieme administratie van de MAS, is de training essentieel voor Suriname: “Deze opleiding is cruciaal om onze haven schoon te houden.” Inspecteurs worden getraind op de toepassing van het

MARPOL-verdrag, met bijzondere aandacht voor de controle op afvalwater, vast afval en uitstoot van schadelijke gassen zoals CO₂.

Suriname hanteert een risico-gebaseerde aanpak bij inspecties: schepen met een ouder profiel of eerdere tekortkomingen worden vaker gecontroleerd. Tegelijk worden ook bemanningskwalificaties getoetst aan de STCW-normen.

Jodi Barrow, secretaris-generaal van het CMOU, benadrukt dat de seminars niet alleen kennis overdragen, maar ook bijdragen aan strategische inspectiecampagnes in de regio. Zij uitte haar zorg over het dalend aantal inspecties in 2024 en kondigde aan dat dit in de aankomende CMOU-jaarvergadering zal worden besproken.

De trainingen bieden ook ruimte voor peer-to-peer ondersteuning tussen landen met verschillende inspectiecapaciteiten.

“We streven naar harmonisatie en versterking van de menselijke capaciteit,” aldus Barrow.

Het seminar bevestigt de groeiende rol van Suriname in het versterken van regionale maritieme samenwerking en regelgeving, en draagt bij aan een veiligere en schonere scheepvaart in het Caribisch gebied.

UNITEDNEWS

 

NIEUWE COALITIE IN SURINAME STAAT VOOR GROTE OLIE-UITDAGING

Ingediend door admin op

Foto: Op 1 juni sloot Jennifer Geerlings-Simons een coalitieakkoord met vijf partijen, goed voor 34 van de 51 zetels in De Nationale Assemblée. | Bron: AS/COA.org

Suriname bevindt zich op een politiek kruispunt na de algemene verkiezingen van 25 mei.

Terwijl het land zich voorbereidt op de start van grootschalige olieproductie in 2028, buigt de nieuwe regering zich over de verdeling van een verwachte miljardenopbrengst. Offshore olie- en gasvondsten sinds 2020 hebben het land op de kaart gezet als aankomend producent van fossiele brandstoffen. De nieuwe regering krijgt de taak om dit potentieel om te zetten in duurzame welvaart.

Uit de voorlopige verkiezingsuitslag

blijkt dat geen van de twee grootste partijen een meerderheid behaalde in De Nationale Assemblée, die 51 zetels telt. De Nationale Democratische Partij (NDP) van Jennifer Geerlings-Simons behaalde 18 zetels, terwijl de Vooruitstrevende Hervormingspartij (VHP) van zittend president Chan Santokhi 17 zetels won. Op 1 juni tekende de NDP een coalitieakkoord met vijf andere partijen, die samen 16 zetels haalden. Daarmee beschikt de nieuwe coalitie over precies 34 zetels, voldoende om een president met tweederdemeerderheid te kiezen. Indien het akkoord standhoudt, wordt Geerlings-Simons de eerste vrouwelijke president van Suriname.

Geerlings-Simons, opgeleid als arts, beschikt over ruime politieke ervaring. Ze zat sinds

1996 in De Nationale Assemblée en was tussen 2010 en 2020 parlementsvoorzitter. In 2024 keerde ze terug als partijleider van de NDP na het vertrek van partijoprichter Dési Bouterse, die overleed op 24 december 2024. Bouterse was tweemaal president en leidde in de jaren ’80 een militaire dictatuur. Geerlings-Simons vertegenwoordigt nu een partij die inzet op sociale rechtvaardigheid en nationale herverdeling van toekomstige olie-inkomsten.

Suriname beschikt over naar schatting 2,5 miljard vaten ruwe olie en 17 biljoen kubieke meter aardgas. De ontwikkeling van blok 58 — een project van $12,2 miljard geleid door TotalEnergies, APA Corp en het staatsbedrijf Staatsolie — moet vanaf 2028 dagelijks 220.000 vaten olie en 550 miljoen kubieke meter gas opleveren. Gasproductie volgt naar verwachting in 2032.

Staatsolie-directeur Annand Jagessar schatte in 2023 dat dit project tot $26 miljard kan opbrengen — zes keer het huidige bruto binnenlands product van Suriname.

Ter voorbereiding richtte president Santokhi een stabilisatiefonds op. In november 2024 kondigde hij bovendien een programma aan waarbij elke burger $750 ontvangt op een spaarrekening, met 7 procent rente, gefinancierd uit de olie-inkomsten.

Santokhi wist het begrotingstekort en de inflatie te verlagen. De staatsschuld daalde van 146 procent van het bbp in 2020 naar 86,6 procent in 2025. De inflatie zakte van 59 procent in 2021 naar 8,7 procent. Tegelijkertijd leidden bezuinigingen, gekoppeld aan een IMF-lening van $688 miljoen, tot massale protesten en een historisch lage populariteit van slechts 3 procent.

De nieuwe coalitie onder Geerlings-Simons kondigt voortzetting van bestaande oliecontracten aan, maar stelt tegelijk wetgeving voor die bedrijven verplicht om met Surinamers te werken en lokaal te produceren. De coalitiepartners, waaronder de Nationale Partij Suriname (NPS) van vice-presidentskandidaat Gregory Rusland, willen dat de olie-inkomsten breed ten goede komen aan de bevolking. De diversiteit aan etnische en ideologische achtergronden binnen de coalitie vereist echter zorgvuldig bestuur en samenwerking.

Of deze nieuwe regering Suriname daadwerkelijk richting een welvarende olie-economie weet te leiden, zal in de komende maanden en jaren blijken.

UNITEDNEWS

 

VERLIEZERS MOETEN UITHUILEN EN OPNIEUW BEGINNEN

Ingediend door admin op

Auteur:  Armand Snijders  | Foto fragment: Angelic del Castilho

NA de verkiezingen van vorige week zondag, waren er zoals gebruikelijk ook een heleboel verliezers. De grootste zetten we hier op een rij. Het gros van de kandidaten voor het lidmaatschap voor De Nationale Assemblee (DNA) zal met een kater op 26 mei zijn wakker geworden. Dat waren er immers 713, terwijl er maar 51 stoelen zijn gereserveerd om het volk te mogen dienen. Velen wisten echter vooraf dat ze op een onverkiesbare plaats stonden en konden alleen maar hopen dat ze met voorkeursstemmen toch een plekje in het hoogste college

van staat zouden komen.

Slechts een enkeling voerde daar ook echt campagne voor. Uiteindelijk lukte het twee van hen het op die manier hun doel te bereiken en een Assembleezetel te bemachtigen: Ingrid Bouterse-Waldring, die als lijstduwer op plek 51 van de NDP stond, en Poetini Atompai (NPS). Maar het merendeel had niet zoveel geluk.

Vooral bij de kleine partijen was er alle reden om massaal te treuren, want daarvan haalde niemand genoeg stemmen. Alleen A20 lukte het wel om een plaatsje te bemachtigen in het parlement. De overige zeven partijtjes en combinaties kunnen de grootste verliezers op financieel gebied genoemd omdat

ze geen zetels hebben gehaald. Daardoor zijn ze hun waarborgsom van ruim een half miljoen SRD kwijt.

Maar dat wisten ze van tevoren, dus daar mogen ze ook niet over zeuren. Het stond eigenlijk al ruim voor 25 mei vast dat in ieder geval VLS 2023, DUS, DNL, APP, OPTSU, DA’91 en PVC geen enkele kans maakten. Het zal voor nieuwkomers in de toekomst wel een extra reden moeten zijn om zich vooraf af te vragen of zij überhaupt wel een reële kans maken om in ieder geval één zetel te halen. Want hun deelname is verspilde moeite geweest.

Ondanks dat Angelic del Castilho en DA’91 juist een redelijk intensieve en inhoudelijke campagne voerden, konden zij veel kiezers niet bekoren. Er is kennelijk meer nodig om hen over te halen. En dan te bedenken dat de partij, die in 1991 begon als een alliantie van meerdere partijen, vanaf de oprichting tot 2015 altijd actief een rol heeft gespeeld in de politiek en deel uitmaakte van alle regeringen-Venetiaan. Maar bij de verkiezingen van dat jaar wist DA91 geen zetels meer te behalen.

Del Castilho, die in 2015 de eerste vrouwelijke partijvoorzitter in Suriname werd, had volgens menigeen een van de beste verhalen over hoe het land ontwikkeld moet zou moeten worden, maar miste het charisma om die op de juiste wijze op de kiezers over te brengen. En dat al meerdere verkiezingen achter elkaar.

Dus moet misschien wel de slotconclusie getrokken worden om de partij op te doeken. Of – indien daar belangstelling voor is – te fuseren met een gelijkgestemde partij, zoals de NPS

De op papier grootste verliezer van deze verkiezingen is VHP-voorzitter en president Chandrikapersad Santokhi. En hij toont zich ook een hele slechte verliezer. Terwijl het besef kennelijk nog niet tot hem is doorgedrongen dat het verlies van de VHP grotendeels aan zijn eigen handelen te danken is. Hij kan weliswaar zichzelf een schouderklopje geven dat zijn regering in de situatie van het land in macro-economisch opzicht heeft verbeterd. Maar hij verwaarloosde een groot deel van het volk dat de duimschroeven aangedraaid kreeg en daardoor echt moest pinaren. De verlichting die werd beloofd kwam maar in beperkte mate en vaak ook nog bij de verkeerde mensen terecht.

Het constante gedonder binnen de coalitie, het steeds maar weer instellen nieuwe commissies waar niemand iets van begreep en het hardnekkige family&friends-beleid wekten eveneens weinig vertrouwen. Wat hem uiteindelijk definitief heeft opgebroken is dat hij met zijn VHP in de aanloop naar de verkiezingen opeens voor Sinterklaas ging spelen en dat plotseling bijna alles kon: iedereen werd alvast 750 dollar beloofd met het oog op de olie-inkomsten die vanaf 2028 pas binnen zullen komen, studenten kregen opeens een toelage van SRD 1.000 per maand, ambtenaren en AOV’ers kregen nog snel een extraatje en er werden gaten in wegen gevuld die er al vijf jaar belabberd bij lagen.

En het was allemaal “géén verkiezingsstunt”, zo wilde hij iedereen wijsmaken. Net zoals al die oranje gespoten fietsen en voedselpakketten die werden uitgedeeld. Maar dat laatste heeft de partij meer schade berokkend dan stemmen opgeleverd, want heel veel geregistreerde mensen bleven met lege handen staan omdat bij het uitdelen heel wat aan de befaamde strijkstok bleef hangen.

Feit is dat de oranje partij mede daardoor een gevoelige tik van de kiezers heeft gehad en ze in De Olifant minimaal vijf jaar mogen uithuilen en weer opnieuw kunnen beginnen. Of daarbij nog een rol is gegund aan de grote verliezer Santokhi, is maar zeer de vraag en zal in de toekomst moeten blijken.

De Abop kan ook gerekend worden tot de grote verliezers. De partij van huidig vicepresident Ronnie Brunswijk neemt wel zitting in de nieuwe regering, maar moet heel veel inleveren. Waaronder het vicepresidentschap en het voorzitterschap van de DNA. En dat doet pijn. Brunswijk droomde voor de verkiezingen nog van het presidentschap, maar veel kiezers lieten hem danig in de steek en zetten hen in feite in zijn hemd.

De Abop heeft nog geen derde van de honderdduizend zetels gehaald die hij zou binnenslepen, anders zou hij het veld ruimen. Als hij zijn woord houdt – als “geen betere integere man” die gevonden kan worden zoals hij – dan pakt hij op zeer korte termijn zijn politieke biezen. Anders gaat hij door als een partijleider die onbetrouwbaar is en die je niet op zijn woord moet geloven.

In dit lijstje hoort ook Maya Parbhoe thuis. Zij heeft lange tijd aan de weg getimmerd en heel veel geld van sponsors uit de bitcoinwereld in een campagne gestopt om als 21e op de kandidatenlijst van de NPS via voorkeursstemmen in De Nationale Assemblee te komen. Maar dat was niet haar echte doel, want ze wilde – ook al – president worden. Die parlementszetel was slechts een opstapje daar naartoe.

Ze zou als ze het tot president had geschopt, Suriname op zijn kop zetten, het tot een welvarend bitcoinland maken en vooral de diepgewortelde corruptie uitroeien. Maar haar boodschap sloeg ondanks haar gelikte promofilmpjes niet aan en viel van het ene op het andere moment zelfs stil.

Want de bitcoinwereld trok de handen van haar af nadat ze was ontmaskerd als een praatjesmaker, die bovendien van haar campagne een rommeltje maakte en schulden achterliet. Dus toen het geld op was, werd ze noodgedwongen weer een hele gewone kandidaat te zijn. Ongetwijfeld nog met dezelfde ambities. Maar ze kon geen potten meer breken en bleef steken op nog geen 170 stemmen en schaarde ze zich daarmee in de rij bij de grote verliezers.

ANALYSE

Frontale botsing met truck op Magentakanaalweg eist leven van 17-jarige bromfietser

Ingediend door admin op

De bromfietser die dinsdagavond tragisch om het leven kwam na een frontale aanrijding met een vrachtwagen op de Magentakanaalweg in Suriname, is 17-jarige Arciano Sanoesie.

Het verkeersongeval vond plaats ter hoogte van de brug op bovengenoemde weg. De jonge bromfietser, die werkzaam was als pompbediende bij Gow2 Magenta, reed op een blauwe bromfiets. De vrachtwagen werd bestuurd door de 24-jarige A.M.

Volgens de voorlopige bevindingen van het onderzoek en de verklaring van de truckchauffeur reed hij met zijn vrachtwagen over de Magentakanaalweg, komende vanuit de Nieuwweer Gevondenweg in de richting van de Commissaris Weythingweg. De bromfietser naderde uit de tegenovergestelde richting.

Ter

hoogte van de brug probeerde de bromfietser een file in zijn rijrichting, rechts in te halen. Door nog onbekende redenen kwam hij tijdens deze inhaalmanoeuvre op de andere rijhelft terecht, waar op dat moment de vrachtwagen als tegenligger reed met als gevolg een frontale botsing.

Door de harde klap liep Sanoesie ernstige verwondingen op, waaraan hij kort na het incident ter plaatse overleed. De politie en een ingeschakelde ambulance arriveerden snel, maar konden niets meer voor hem betekenen.

Het lichaam van de 17-jarige bromfietser is na afstemming met het Surinaamse Openbaar Ministerie in beslag genomen. De politie van Santodorp was ter plaatse

voor onderzoek. Ook de brandweer werd ingeschakeld voor het wegwassen van de bloedsporen ter plaatse.

De truckchauffeur is in het bezit van een geldig Surinaams rijbewijs. Geen van de betrokken bestuurders verkeerden onder invloed van alcohol of verdovende middelen ten tijde van de aanrijding.

De bromfiets raakte zwaar beschadigd. De vrachtwagen liep schade op aan de rechter voorzijde, waaronder een gebroken koplamp, een beschadigde remleiding en een kapotte voorstootbalk.

OFFSHORE OLIEPROJECT VAN $10,5 MILJARD KAN SURINAAMSE ECONOMIE INGRIJPEND VERANDEREN

Ingediend door admin op

Bron: OilNow

Suriname staat op het punt een nieuw tijdperk in zijn energiegeschiedenis in te luiden.

Met de definitieve investeringsbeslissing (Final Investment Decision, FID) van oktober 2024 door TotalEnergies en APA Corporation is de stap gezet van traditionele onshore-olieproductie naar grootschalige offshore winning. Deze verschuiving markeert een mijlpaal die de Surinaamse economie in het komende decennium fundamenteel zou kunnen transformeren.

Het FID betreft de ontwikkeling van de Sapakara South- en Krabdagu-olievelden in blok 58, circa 180 kilometer uit de kust. De uitvoering gebeurt via het zogenoemde GranMorgu-project, met een geschatte waarde van 10,5 miljard Amerikaanse dollar. Centraal in dit project staat een drijvend

productie-, opslag- en lossingsschip (FPSO) dat tot 220.000 vaten olie per dag kan verwerken. Volgens de huidige planning wordt de eerste olieproductie in de tweede helft van 2028 verwacht — een tijdsbestek dat in lijn ligt met wereldwijde standaarden voor offshore ontwikkeltrajecten.

Staatsolie, heeft besloten gebruik te maken van zijn recht op een belang van 20% in het offshoreproject. Voor de financiering hiervan werd een langlopende lening van 1,6 miljard Amerikaanse dollar veiliggesteld. Deze werd gestructureerd door Banco Latinoamericano de Comercio Exterior (Bladex) en de African Export-Import Bank (Afreximbank), in samenwerking met zestien andere internationale financiële instellingen. De financieringsstructuur is zo

opgezet dat Staatsolie’s bestaande operaties niet in het gedrang komen.

De vooruitzichten zijn ambitieus: tegen 2029 verwacht Staatsolie zijn jaarlijkse inkomsten meer dan te verdrievoudigen, waarbij offshore olie de voornaamste inkomstenbron zal vormen.

De technische uitvoering is echter allesbehalve eenvoudig. De engineering- en aanbestedingsfases zijn inmiddels gestart, en de bouw van het bovenbouwgedeelte van de FPSO is in China begonnen. Ondertussen wordt ook gewerkt aan de installatie van onderzeese infrastructuur op waterdieptes tussen de 100 en 1.100 meter — een operatie die afhankelijk is van strakke planningen, mondiale toeleveringsketens en gespecialiseerde technische middelen.

Ook de benodigde infrastructuur op het vasteland is volop in ontwikkeling. Waar in de exploratiefase nog gebruik werd gemaakt van bestaande havenfaciliteiten in Paramaribo en Nickerie, vereist grootschalige offshoreproductie aanzienlijk meer capaciteit. Er zijn logistieke hubs, transportverbeteringen en robuuste systemen voor veiligheid en milieutoezicht nodig. Zowel overheidsinitiatieven als private investeringen zijn in gang gezet, maar de tijdsdruk blijft hoog.

In aanloop naar de operationele fase wordt bovendien fors geïnvesteerd in lokale capaciteitsopbouw. Staatsolie en zijn partners breiden opleidingen, stageprogramma’s en het ontwikkelen van lokale aannemers uit, om de Surinaamse beroepsbevolking voor te bereiden op het nieuwe tijdperk.

Offshore olieproductie is voor Suriname geen verre toekomstvisie meer. Met het ondertekende FID, vorderende technische werkzaamheden en een duidelijke route naar eerste productie in 2028, is het offshore tijdperk daadwerkelijk begonnen. Het is een kans van historische proporties — maar het succes ervan hangt af van zorgvuldige uitvoering en strategisch beleid. Alleen dan zullen de baten zich diep kunnen verankeren in de bredere economie van het land.

UNITEDNEWS

 

Twee Surinaamse jongeren gekozen voor CARICOM Young Professional Programme

Ingediend door admin op

Op verzoek van de Caribbean Community (CARICOM) heeft het Directoraat Jeugdzaken van het ministerie van Arbeid, Werkgelegenheid & Jeugdzaken (AWJ) jongeren aangemoedigd om zich aan te melden voor deelname aan het CARICOM Young Professional Programme (CYPP). Van de vier inzendingen zijn Kelvin Koniki en Sorayadebie Jhagroe geselecteerd om Suriname te vertegenwoordigen.

In dit kader vond op 30 mei 2025 een vruchtbaar gesprek plaats tussen de directeur van Jeugdzaken, Genti Mangroe, en de twee geselecteerde jongeren. Het gesprek diende ter voorbereiding op hun deelname aan de zogeheten Navigators Training & Orientation Week, die van 1 tot en met 7 juni 2025

plaatsvindt in Georgetown, Guyana. 

De directeur feliciteerde hen met het feit dat zij geselecteerd zijn voor deelname aan het programma en gaf aan dat het ministerie hen gedurende het traject actief zal ondersteunen. Het CYPP, dat loopt van juni tot en met oktober 2025, heeft als doel de capaciteitsversterking van jonge professionals binnen de CARICOM.

Tijdens de eerste dag van het programma op 2 juni 2025 namen de deelnemers deel aan een intensief, maar inspirerend programma met introducties, motivatie sessies, persoonlijke verhalen en deskundige informatie over CARICOM en de CARICOM Single Market and Economy (CSME).

De jongeren ontvingen ook bemoedigende woorden van

Wendy Telgt–Emanuelson, directeur van de PANCAP Coordinating Unit, gevestigd in een van de hoofdafdelingen van het CARICOM-secretariaat.

Het initiatief voor het CYPP werd in september 2024 genomen met als doel om jongeren meer te betrekken bij de ontwikkeling en implementatie van het CSME-regime. Het programma stelt hen in staat om hun verworven kennis en vaardigheden in te zetten voor bewustwording onder leeftijdsgenoten.

Een bijkomend doel van het programma is het opzetten van een CARICOM Young Professional Network, dat jongeren een stem wil geven in besluitvorming over CSME en hun positie als belangrijke stakeholders binnen de regionale ontwikkeling wil versterken, onder meer in de vergaderingen van staatshoofden en andere CARICOM-organen.

SURINAME GASTLAND VOOR REGIONAAL MARITIEM INSPECTIESEMINAR

Ingediend door admin op

De Maritieme Autoriteit Suriname (MAS) fungeert van 2 tot en met 5 juni 2025 als gastheer van het 16e Caribbean Port State Control (PSC) Seminar, georganiseerd door het Caribbean Memorandum of Understanding on Port State Control (CMOU).

Tijdens dit seminar komen havenstaatcontroleurs uit achttien landen bijeen om kennis en ervaring uit te wisselen over recente ontwikkelingen op het gebied van maritieme inspecties. De bijeenkomst vindt plaats op het terrein van de MAS in Paramaribo.

Volgens Bryan Ristie, manager maritieme administratie bij de MAS, is de focus van Suriname tijdens dit seminar gericht op milieu-inspecties aan boord van internationale schepen. “Deze training is

cruciaal om onze havens schoon te houden,” aldus Ristie. De inspecteurs worden geschoold in de controle op naleving van internationale verdragen, in het bijzonder het MARPOL-verdrag, met nadruk op de onderdelen die betrekking hebben op afvalwater (riool), vast afval (zoals plastic en papier) en schadelijke uitstootgassen zoals koolstofdioxide (CO₂).

Naast milieuaspecten worden ook veiligheidssystemen, bemanningscertificaten en scheepsdocumentatie onder de loep genomen. Er wordt onder meer getoetst of de bemanning beschikt over de vereiste STCW-kwalificaties.

Suriname past bij de selectie van schepen een risico-gebaseerde aanpak toe, waarbij oudere schepen of schepen met een eerdere negatieve beoordeling vaker worden geïnspecteerd.

Deze werkwijze draagt bij aan

zowel maritieme veiligheid als milieubescherming in de nationale havens en verstevigt de regionale samenwerking binnen het CMOU.

Jodi Barrow, secretaris-generaal van het CMOU, benadrukt het belang van trainingsdata als fundament voor gerichte inspecties en capaciteitsopbouw. “Gegevens uit seminars en praktijktrainingen vormen de basis voor jaarlijkse inspectiecampagnes,” zegt Barrow. Tijdens het seminar wordt ook stilgestaan bij het gedaalde aantal inspecties in 2024 ten opzichte van 2023. Dit punt zal worden besproken tijdens de jaarlijkse CMOU-bijeenkomst later dit jaar.

Een ander belangrijk aspect van het seminar is de bevordering van regionale samenwerking, onder meer via peer-to-peer training. Daarbij ondersteunen landen met meer expertise andere lidstaten bij het versterken van hun inspectiecapaciteit. Internationaal overleg met de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) speelt eveneens een rol bij het verbeteren van handhaving en harmonisatie van regelgeving in het Caribisch gebied. “Ons doel is het versterken van de menselijke capaciteiten,” aldus Barrow. Netwerken en het uitwisselen van best practices vormen daarom een vast onderdeel van het programma.

UNITEDNEWS

 

NIEUWE SCHOOLCAMPUSSEN IN MOENGO TAPU EN HANNOVER VERSTERKEN ONDERWIJS BINNENLAND

Ingediend door admin op

Foto: President Santokhi, vicepresident Brunswijk en minister Ori bij de opening van een schoolcampus.

Met de officiële opening van twee nieuwe schoolcampussen in Moengo Tapu (Marowijne) en Hannover (Para) op 22 en 23 mei 2025, is een belangrijke stap gezet richting beter voortgezet onderwijs in het binnenland.

De moderne campussen, inclusief studentenhuisvesting, maken deel uit van het STES-project en bieden jongeren nieuwe kansen op persoonlijke ontwikkeling en een betere toekomst.

De openingsceremonies trokken lokale leiders, regeringsvertegenwoordigers en leden van de gemeenschap. Districtscommissaris Olivia Dominie sprak van “een nieuwe bladzijde in de ontwikkeling van de regio” en prees vicepresident Ronnie Brunswijk voor zijn inzet.

Brunswijk benadrukte

het belang van kwalitatief onderwijs en gelijke kansen: “Leerlingen in het binnenland verdienen dezelfde onderwijservaring als die aan de kust.”

Onderwijsfunctionarissen als Genevievre Jordan en minister Henry Ori onderstreepten de noodzaak van structurele verbetering. Ori kondigde aan dat stichtingsbesturen zullen worden ingesteld voor het beheer van de campussen. President Santokhi pleitte voor verdere decentralisatie van het onderwijs, stimulering van afstandsonderwijs en integratie van meertaligheid om barrières voor binnenlandse leerlingen weg te nemen.

Kapitein Michel Koina riep op tot spoedige ingebruikname van de school in Moengo Tapu en benadrukte het belang van beveiliging. In Hannover sprak Hesdy Ommen zijn waardering uit voor de

nazaten van tot slaaf gemaakten die het terrein beschikbaar stelden, en riep op tot duurzame samenwerking tussen gemeenschap en overheid.

Volgens interim-directeur Joy Kalloe zijn de campussen multifunctioneel: overdag vindt regulier onderwijs plaats, ’s avonds worden vakopleidingen en trainingen aangeboden. Met deze faciliteiten krijgen jongeren in het binnenland eindelijk de kansen die hen lang zijn onthouden.

UNITEDNEWS

 

KLEIN CURAÇAO INTRODUCEERT TOEGANGSBEPERKINGEN EN KOSTEN VOOR TOERISTEN

Ingediend door admin op

WILLEMSTAD – Klein Curaçao staat op het punt ingrijpende veranderingen door te voeren om het eiland te beschermen en duurzaam toerisme te bevorderen. Een nieuw projectplan, onlangs gepresenteerd aan de ministerraad, stelt een jaarlijkse bezoekerslimiet van 100.000 in en introduceert toegangskosten voor toeristen, terwijl bewoners van Curaçao worden vrijgesteld.

Het plan voorziet in een betaalde toegangsvergunning voor bootoperators en commerciële jachten die Klein Curaçao aandoen. Toeristen zullen naar verwachting 10 dollar toegangsgeld betalen, een bedrag dat later kan oplopen tot 15 dollar. Deze maatregel is onderdeel van een breder initiatief om de draagkracht van het eiland te waarborgen.

“We leverden dus geen

producten aan Resembid, die wel betaalde. De EU-organisatie wilde van de regering de zekerheid dat wij een eindproduct hebben geleverd. Vandaar de presentatie in de ministerraad waarmee de regering akkoord is gegaan”, aldus Jacques Heide, projectleider van het Resembid Klein Curaçao-project, namens het EcoSense-consortium. Het project, gefinancierd met EU-gelden, heeft als officieel eindproduct het ‘Development Plan for Ramsar Wetland of International Importance: Klein Curaçao’.

Om de nieuwe regelgeving te handhaven, is een gedegen juridisch kader essentieel. Het plan voorziet in de instelling van een beheersautoriteit die toezicht zal houden en gezag zal uitoefenen op Klein Curaçao. Deze vergunningen zullen dienen als

een keurmerk en moeten strikt worden nageleefd.

Het project maakt deel uit van het bredere Resembid-programma (‘Resilience, Sustainable Energy and Marine Biodiversity’), dat duurzame ontwikkeling ondersteunt in twaalf Caribische Landen en Gebieden Overzee (LGO’s), waaronder de zes Nederlands Caribische eilanden. Het programma startte in januari 2019 met 48 projecten en zal in september 2025 worden afgesloten.

Diverse ontwerpen liggen op tafel, waaronder een algemeen vergunningensysteem voor recreatieve en toerisme-gerelateerde activiteiten, een onderzoeks- en monitoringskader voor het ecosysteem, en een gedetailleerd ontwikkelingsplan. Er is ook een financieringskader ontwikkeld om de operationele kosten en milieubeschermingsinspanningen te ondersteunen.

Naast de nieuwe regelgeving is een nationaal bewustwordings- en communicatieplan opgesteld. Enkele activiteiten hiervan zijn reeds uitgevoerd, zichtbaar op de website www.kleincuracao.cw. Tevens is er een restauratieplan voor de historische vuurtoren.

Internationale naleving speelt een cruciale rol. Het is van belang dat externe invloeden tijdig worden geïdentificeerd, beheersmaatregelen effectief functioneren en er wordt gerapporteerd aan internationale organisaties die toezicht houden op de naleving van de Ramsar-conventie. Deze internationale overeenkomst richt zich op het behoud en oordeelkundig gebruik van watergebieden.

Het is duidelijk dat Klein Curaçao een nieuwe fase ingaat, gericht op het behoud van zijn natuurlijke schoonheid en het reguleren van het toenemende toerisme.

TRAVEL

MR.SPONG! U KUNT ONS SURINAME HELPEN

Ingediend door admin op

Auteur:Turhan Doerga

De heer Spong heeft vanaf 8 december 1982 vurig het standpunt van het Westen verdedigd.

Vorig jaar november zijn, conform de Amerikaanse wet, de CIA-rapporten na 30 jaar openbaar gemaakt. Deze rapporten zijn door mij gepubliceerd en waren ook voor mij een openbaring. Dit verplichtte mij destijds tot een langdurig gesprek met ex-president Desi Bouterse.

Welnu, heer Spong, u kunt ons land Suriname helpen door uw invloed aan te wenden om de Nederlandse staat te verplichten het rapport betreffende de staatsgreep openbaar te maken. Specifiek willen wij weten wat de exacte opdracht was van de twee Nederlandse officieren, Clement en Valk.

Dit rapport is door de Nederlandse staat bestempeld als ‘GEHEIM’ voor 60 (zestig!) jaar. Dit is duidelijk een kopie van wat er in Indonesië is gebeurd.

De CIA heeft hun criminaliteit gepubliceerd. Voor ons Surinamers is het essentieel om ook het Nederlandse deel van de geschiedenis te kennen, zodat wij dit hoofdstuk kunnen afsluiten en verder kunnen gaan met de ontwikkeling van een welvarend en vrij Suriname. Geloof me, wij zijn ons ervan bewust waarom wij in armoede worden gehouden; het ontwaken in Afrika toont ons dit dagelijks.

Dus! Voordat u opnieuw kritiek uit op de moeizame verdere ontwikkeling van ons land,

vragen wij u dringend ons te helpen de ware toedracht te onthullen. Om u hierbij te helpen, beveel ik aan het boek van Westering te lezen. Dat boek zal elke Nederlander – inclusief u – elke Surinamer en de wereld eraan herinneren wat wij allemaal al weten: om de rijkdommen van Indonesië te blijven roven, werden hele kampongs afgeslacht in opdracht van generaal Spoor en in naam van uw koningin. Wij hopen dat u gehoor kunt geven aan ons verzoek en wachten met smart af.

INGEZONDEN