
Memoires 1986-A(2016)–Willem Oltmans
| snc.com | Door: Redactie
Bron: dbnl.org
Paramaribo
18 juni 1986
Hotel Torarica
Theo heeft gedurende de vlucht naar Suriname gisteren intensief in deel twee van mijn Memoires gelezen. Ik zat naast hem in de business class als gast van minister Henk Herrenberg, en stelde vast dat hij er werkelijk in opging. De enige opmerkingen die hij maakte, gingen over spel- of zetfouten.
Theo is waarschijnlijk de enige Zuid-Afrikaan die op een Zuid-Afrikaans paspoort in Suriname is binnengelaten. We zijn na het ontbijt een uurtje in de stad gaan wandelen om Theo een indruk te laten krijgen. In de middag verwelkomde minister Herrenberg ons hartelijk, als oude vrienden, op zijn ministerie van Buitenlandse Zaken en sprak Theo ook direct met zijn voornaam aan. ‘We zitten in een revolutionair proces en er worden wel eens foutjes gemaakt, maar wanneer je op die basis met ons wilt werken, welkom!’ Toen we op de minister zaten te wachten, zei een dame
De minister maakte direct een aantal afspraken voor Theo: met de president van de Centrale Bank, de voorzitter van de Financieel Economische Commissie (fec), commandant Ivan Graanoogst, met Rob Leter van Index en met de president van de Surinaamse Ontwikkelingsbank. Hij refereerde in die gesprekken aan ‘onze man’, Theo dus. Hij wees op de kop van het blad De West dat net uit was en waarin werd meegedeeld dat alle politieke partijen nu meedoen aan het topberaad. Hij noemde dit belangrijk nieuws en verwachtte een spoedige regeringswisseling.
Ik sloeg toe: ‘Dan is dit een uitstekend moment om Henk de Mari van De Telegraaf te laten komen.’ Ik legde uit nu enige zaken met De Mari te
Ik draaide het nummer van De Mari in op het toestel van de minister en vroeg hem om zondag met het vliegtuig van de slm naar Paramaribo te komen. Henk kon zijn oren kennelijk nauwelijks geloven. Ik zei dat hij bij consul-generaal Kolader in Amsterdam zijn visum kon halen. Maar Herrenberg wilde alleen Kolader een instructie geven als het zeker was dat De Mari zou komen. Ik belde Henk terug, die antwoordde: ‘Reken maar dat ik kom.’
‘Je ziet,’ zei ik, ‘ik houd mijn woord en lever een “scoupje” voor De Telegraaf. Laten we nu maar eens zien of De Mari ook van zijn kant
Het is erg vreemd om hier met Theo te zijn. Henk Herrenberg zei dat hij het komende weekeinde iets met ons samen wilde doen om vooral Theo een indruk van Suriname te geven. Ik hoop dat er niets tussenkomt en hij woord houdt.
274
Ik had kunnen weten dat ook De Mari alleen zou pakken en niets zou teruggeven.
19 juni 1986
Ik lag vanmorgen in bed te bedenken hoe misselijk de houding van André Spoor eigenlijk is in mijn strijd met Den Alerdinck. Ik schreef hem vervolgens dat ik zijn houding in deze affaire dermate beneden peil vind, dat ik hem vanaf nu als een
Ik heb ook Joop van Tijn geschreven dat ik me verraden voelde tijdens de uitzending van Welingelichte kringen, waarvoor hij
[p. 201]
me op advies van Harry van Wijnen had uitgenodigd om over mijn Memoires te spreken, en waarin hij het etter Hugo Brandt Corstius over de moord op jfk liet beginnen. ‘Eigenlijk kwamen jullie aan mijn Memoires verder niet toe,’ schreef ik. Dus inhoudelijk ben ik teleurgesteld om door een collega op zo'n manier misleid te worden.
Ik had een lang gesprek met Frits Pengel, mijn oude vriend en directeur van de Surinaamse televisie. Hij zei dat iedereen kapitein Etienne Boerenveen
‘Kapitein Boerenveen kocht twee huizen,’ zei hij, ‘een van vier ton Surinaamse guldens en een van anderhalve ton. Hoe kan een kapitein van het leger zich zoiets permitteren? Hij was goed bevriend met de onderdirecteur van de slm. Diens vader was een boef, dat wist iedereen. Daar ga je dan toch niet mee om? Wim, je weet niet hoe de militairen nu door het volk worden gehaat. De zaak Boerenveen is bijna nog dieper ingeslagen dan de moorden van december 1982.’ Frits vermoedde dat Jules Wijdenbosch premier zou worden. Henk Herrenberg, eens een goede vriend, zou waarschijnlijk aanblijven. ‘Hij gedraagt zich althans alsof dat het geval zal zijn,’ zei Frits. De fusie met de oude partijen was inderdaad heel belangrijk, zoals ook Herrenberg
Theo was van morgen bij Henk Goedschalk, president van de Centrale Bank geweest. Hij was enthousiast teruggekomen van die ontmoeting. Hij zei dat alleen al dit ene gesprek de reis naar
275
Ik maakte deze notitie van het gesprek met Pengel helaas niet af.
[p. 202]
Suriname waard was geweest. Er wordt maandag verder gesproken met Goedschalk. De bankdirecteur had zich beklaagd dat Nederland zich schandelijk tegenover Suriname had gedragen. Den Haag had ook de ontwikkelingshulp kunnen stopzetten met uitzondering van de reeds lopende projecten. ‘Daar zou ik vrede mee hebben gehad, maar zoals Den Haag het gedaan heeft, hebben we extra verlies geleden omdat opgestarte projecten midden in hun loop moesten worden stopgezet.’
Theo vond het kennelijk ook walgelijk zoals men in Nederland met Suriname was omgesprongen, alleen omdat er dingen gebeurd waren die juist naar Haagse normen niet door de beugel konden. ‘Ik denk dat ik maar eens bij
Goedschalk had verschillende projecten voor Suriname aangesneden. Theo zag de nodige mogelijkheden.
We zouden lunchen met Subhas Chandra Mungra, directeur van de Nationale Ontwikkelingsbank. Bijna drie kwartier na het afgesproken uur kregen we de boodschap dat hij eraan kwam en J. Tsai Meu Chong van dezelfde bank mee zou brengen. Het werd een geanimeerd gesprek. Eigenlijk waren zij concurrenten van het werk waar Theo in Zwitserland mee bezig is.
Er was een project van 20 miljoen op de palmolieplantage Victoria nodig. Mungra zei tegen Theo: ‘Ik raad u aan een project kant-en-klaar hier naar toe te brengen en daarvoor de financiering rond te maken, opdat u ons kunt aantonen wat u voor Suriname zou kunnen betekenen.’ Een ander project van 17 miljoen dollar was in combinatie met een Canadese ontwikkelingsbank ‘bijna
Ik nam maar een keer het woord, namelijk om erachter te proberen komen wat Dirk Keijer van Investronic in Suriname zou kunnen doen. Zouden ze een veevoederfabriek kunnen gebruiken? Nee, er was behoefde aan een broedplaats om eieren uit te broeden. Een dergelijke onderneming zou een afzetmarkt in het gehele Caribische gebied opleveren. Op dit moment importeert Suriname jaarlijks zeven miljoen eieren. Een broederij zou drie tot vier miljoen dollar kosten. Hetzelfde zou voor pekingeenden kunnen gebeuren. Wat me overigens verbaasde was dat Theo met deze heren openlijk besprak wat hij al bij Goedschalk aan mogelijkheden had afgetast. Ik probeerde hem zo onopvallend mogelijk mompelend te bewegen daarmee te stoppen. La-
[p. 203]
ter toen we alleen waren, zei ik dat de heren in Paramaribo elkaar onderling het licht in de ogen niet gunnen, dus hoe minder hij
Nauwelijks hadden we dit gesprek gehad of het volgende gebeurde. We probeerden aan de balie in Torarica een auto te huren. Een mevrouw Bruning hoorde dit en bood aan ons bij te staan. Theo verdween met de dame en kwam drie kwartier later terug. De afspraak was dat hij deze dame in Nederland in guldens zou betalen voor de huur van de auto. Dit maakte me boos, want dit was een illegale praktijk omdat zij al in Surinaamse guldens had betaald. Ik waarschuwde Theo dat hij zo onze
276
Met vereende krachten hebben we Lisa een nieuw huisje bezorgd.
20 juni 1986
Theo heeft me vanmorgen naar de apotheek van de kazerne gebracht om een nieuwe pot kwikzalf voor de Strophulus in mijn oksel te halen.
Toen we bij de Memre Boekoe-kazerne arriveerden voor het gesprek van Theo met commandant Ivan Graanoogst, zagen we een auto gereed staan voor vertrek. Desi Bouterse kwam naar buiten. Ik omarmde hem, en stelde hem aan Theo voor. Het gebeurde spontaan als om te bedanken voor de uitnodi-
[p. 204]
ging aan Theo en mij, die zonder zijn toestemming nooit tot stand zou zijn gekomen.
Theo vertelde later dat Bouterse tijdens zijn gesprek met Graanoogst ook even was binnengewandeld. Hij vond Graanoogst ‘een man met visie’. ‘Hij is wel politiek georiënteerd, maar ik ben
Ik lunchte met Cliff, de schilder. Hij is een nieuw huis aan het bouwen. Ik heb een zwak voor die dromerige jongen.277
Theo zegt onder de indruk te zijn van de staf van Desi Bouterse, onder wie Graanoogst voor hem het hoogste scoort. ‘Het heeft helemaal niets met een dictatuur te maken. Hun werkelijke onafhankelijkheid is pas na het incident van 1982 begonnen. Ik heb dat ook in Zuid-Afrika gezien, hoe de mensen moesten wennen geen buitenlandse producten te kopen, maar goederen van binnenlandse productie aan te schaffen.’ Hij ziet maandag Rob Leter opnieuw. Index zal enkele projecten gereed maken die Theo mee naar Zwitserland kan nemen om daar bij banken aan de financiering te werken. Het schijnt dat er nog steeds geen gegadigden zijn voor
Henk de Mari belde. Hij zal zondagmiddag om 16:00 uur landen op Zanderij. De minister laat hem door protocol afhalen en de vip-room is op de hoogte.
Mam zou morgen negentig jaar zijn geworden.
277
Hij vertelde een nieuw ‘mooi en hoog, zwart paard’ te hebben. Ik zie hem al rijden met zijn lange manen.
21 juni 1986
Vanaf mijn prilste jeugd herinner ik me deze dag als het hoogtepunt van het jaar. Mijn vader had altijd rode rozen koel gezet in de kelders en kwam mam wekken met een boeket. Ik probeerde er met Theo over te praten en herinneringen op te halen, maar hij herinnert het zich niet of wil het zich niet herinneren. Zoals altijd laat hij me praten, maar reageert niet. Heel frustrerend.
[p. 205]
Ik las een interview van Bibeb met Wim Kok.278 Kok deed Wim Kan denken aan de engel Gabriël. Op mij komt hij over als een onzekere, slappe lul. Anderhalve pagina lokaal geklets. Het lijkt wel of de wereld niet bestaat voor hem. Zijn wereld is de vakbeweging en Den Uyl, Van Agt, Lubbers en de Haagse kliek, vastgeroest in onderling gekrakeel.
In de vs keurt 68 procent van de ondervraagden het beleid van Ronald Reagan goed. Ze weten niet beter. De media falen.
René de Bok is naar Djakarta geweest en heeft zijn
Time wijdt een heel nummer aan ‘freedom first’. Die Amerikaanse vrijheid wordt onderstreept met de feiten dat het land 9.144 kranten heeft, 11.328 tijdschriften, 9.824 radiostations en naast 941 commerciële televisiestations ook 300 zogenaamde publieke televisiestations. Amerikaanse uitgevers drukken 50.000 nieuwe boeken per jaar. ‘The Eskimo has hundred words for snow - such are the subtleties he detects in its color and tone and depth and temperature. On that principle, we should have 500 words for freedom.’
Vrijheid - en het beroemde beeld bij de ingang van de New Yorkse haven - is het handelsmerk van Amerika. En free zijn ze. Maar tegen welke prijs? Wanneer vrijheid en democratie zouden betekenen het participeren in de macht, is dit wat de vs betreft meer dan een lachertje aangezien er jaren zijn dat minder dan veertig procent
Waar ze ook ‘vrij’ in zijn is overal ter wereld onrust te stoken met hun maffia- en chantagepraktijken. Hier heb ik trouwens in 1979 in Amerika valt een boekje over open gedaan.280
Tussen de bedrijven door lees ik Hobson uit. Er staat zoveel in, het is overweldigend omdat het dikwijls alledaagse zaken betreft die we als vanzelfsprekend aannemen, maar die dit aller-
278
Vrij Nederland,
279
Elseviers, 14 juni 1986.
280
Amerika valt, Loeb & van der Velden, Amsterdam, 1979.
[p. 206]
minst zijn. Hij schrijft bijvoorbeeld over Sir Francis Galton (1822-1911), een psycholoog die op ontdekkingsreis naar Afrika ging. Galton analyseerde zijn denkprocessen terwijl hij van de Athenaeum Club naar St. James's Street wandelde. Tijdens die korte wandelingen ‘his mind travelled through experiences of his whole life.’ ‘No-one,’ stelde Galton, ‘can have just an idea, before he has carefully experimented upon himself, of the crowd of unheeded half-thoughts and faint imagery that flits through his brain, and of the influence they exert upon his conscious life.’ De ideëen die opkwamen ‘were by no means atomic elements of thought. They were frequently glimpses over whole provinces of mental experiences and opened far vistas of association that we know to be familiar to us, though the mind does not at the moment consciously
Hoofdstuk acht ‘Seeing’ is een complete openbaring. Hobson schrijft over hoe ogen soms ‘emotional contact’ zoeken en hoe ‘the language of the eyes’ centraal staat in alle menselijke relaties tot en met persoonlijke gesprekken toe. ‘Try looking deeply and intensely into the eyes of someone you do not know well. You will become aware of the deep-seated taboo on the look of intimacy.’
Anthony Lewis bespreekt het bezoek van een commissie van de Commonwealth aan Zuid-Afrika onder de titel only negotiations can prevent millions
281
International Herald Tribune, 17 juni 1986.
282
Deze informatie was afkomstig van de regering in Pretoria maar waarschijnlijk wel waar.
[p. 207]
Pretoria zal voor de ‘wereldconsumptie’ van het verhaal de communistische invloed bij het anc extra benadrukken en de nationalistische elementen in de bevrijdingsbeweging proberen weg te poetsen.
Derk Sauer van de Nieuw Revu belde. De verslaggevers Storms en Wessel die donderdag waren vrijgelaten, zijn opnieuw gearresteerd. De reden zou zijn dat zij met de Robin Hood, die Ronnie Brunswijk heet, contact hadden gehad terwijl deze door de Surinaamse politie wordt gezocht. Of ik wat wilde doen. Tegen betaling van 2.500 gulden wil ik best namens
Theo is naar de dierentuin geweest. Hij wilde de jaguars zien. Hij zat onder de modder maar had zich geamuseerd en veel foto's genomen, onder anderen van ocelotten. Nu ik hem weer een aantal dagen meemaak, constateer ik toch, en met spijt, dat hij wispelturig kan zijn. Op de vraag of ik hem volledig vertrouw, zou ik negatief moeten antwoorden. Ik geloof heus wel dat hij onze overeenkomst om samsam te delen wat we als consultancy fee zouden krijgen voor bijvoorbeeld het leveren van twee jets aan de slm, zal honoreren. Maar als hij in de gaten krijgt op het verkeerde paard te hebben gewed, zal hij gaan draaien. Anyway, so far, so good.
Eigenlijk ben ik nog nooit van een mens echt, helemaal zeker geweest. Peter, mijn intiemste vriend tot nu toe, die
[p. 208]
wege mijn slechte naam wilde ook zij liever niet publiekelijk met mij geassocieerd worden, dat is dan je ‘tweede moeder’. Vertrouwen en zekerheid bestaan niet, zo eenvoudig is
22 juni 1986
Met het afkondigen van de noodtoestand in Zuid-Afrika op 12 juni, zijn ook nieuwe beperkingen voor de pers bekendgemaakt.
illustratie
Ik bracht Theo koffie op zijn kamer, nadat ik tijdens het douchen tegen mezelf had gezegd dat ik lief voor hem moest zijn. Minister Henk Herrenberg kwam ons al vroeg halen. We reden naar Coronie, en staken de Coppename over met de pont. Theo genoot van de trip. Ik vond het allemaal wel aardig, maar ik ben meegegaan uit beleefdheid tegenover Herrenberg. Ik zou liever hebben gelezen. We hebben allerlei mensen ontmoet, waaronder een vogeltjeshandelaar, wat een afschuwelijke bezigheid. We hebben veel foto's genomen.
Onderweg benadrukte Herrenberg dat hij het liefste een post in de achtergrond bekleedde, maar dat hij nu
[p. 209]
gehoord te hebben dat Boerenveen voornamelijk nog vast zat omdat Paramaribo zijn advocaten nog niet had betaald. ‘Ik heb ambassadeur Halfhide uit Washington teruggeroepen. Ik spreek hem morgen. We zullen zien,’ aldus de minister. Hij had geen bezwaar als Henk de Mari de kwestie met Halfhide zou bespreken. Ook toen ik over Harvey Naarendorp begon, hield hij zich op de vlakte. Hij zou zelfs de ambassade in Mexico gaan sluiten. ‘Te duur en er komt te weinig uit.’ Ik suggereerde dat Harvey misschien ambassadeur in Den Haag zou kunnen worden. ‘Nee, dat kan niet,’ antwoordde Henk, ‘hij was immers minister van Buitenlandse Zaken tijdens het zogenaamde bloedbad van 1982.’
Herrenberg had
‘Nee, dat heb ik gemist. Het verwondert me overigens niet, want Nederland slooft zich al decennia lang uit om de fascistische massamoordenaar van Indonesiërs en zijn militaire regime op de been te houden.’
‘Dan moet je naar haar schijnheilige pleitrede in New York luisteren,’ zei Herrenberg, ‘waarin zij om hulp voor Afrika heeft gevraagd. Dit moet je dan afwegen tegen wat Den Haag met Suriname doet. Ik kwam oud-ambassadeur Hoekman daar ook tegen. Die heb ik wel begroet.’
‘Ja, maar die weet hoe de vork hier echt in de steel zit, maar naar hem luistert het Haagse apparaat niet.’
Henk had in New York wel met minister Genscher van Buitenlandse Zaken van de Bondsrepubliek Duitsland
Hij wilde rond 20 augustus ook naar Djakarta gaan voor bilaterale gesprekken. Soms nam Henk foto's van Theo en mij, zoals op de pont. Hij vertelde tijdens de oversteek over zijn bezoek aan Peking. ‘Toen ik tegenover mijn Chinese ambtgenoot zat en naar hem luisterde, dacht ik: die man spreekt namens een miljard mensen, ik namens 400.000. Als je ziet wat in China tot stand wordt gebracht, dan moeten wij er toch in kunnen slagen Suriname tot ontwikkeling te brengen. Anders zijn we het niet waard deze revolutie te leiden.’
Ik bracht de verslaggevers van de Nieuwe Revu ter sprake. Hier was hij kort en bondig over. ‘Dat zijn geen journalisten, maar misdadigers. Wij hebben nu de bewijzen dat ze erin slaagden Brunswijk, die in Nederland Robin Hood wordt genoemd
[p. 210]
omdat hij hier banken heeft overvallen, aan een vals paspoort te
De minister noemde Fred Derby, de vakbondsleider, die bij de december-affaire in 1982 door Bouterse werd gered, ‘gevaarlijk en op macht belust.’ Ik kan me dit voorstellen, want de man zigzagt voortdurend in verschillende richtingen en er valt niet te voorspellen wat hij in zijn schild voert. Of hij gevaarlijk is? Misschien. We spraken ook over René Vaarnolds idee om in het binnenland geneesmiddelen te verbouwen voor de bestrijding van aids. Toen ik zei dat Vaarnold ook wel eens over de mogelijkheid van cocaïne had gesproken, reageerde Herrenberg op deze suggestie nogal fel. ‘Daar ben ik honderd procent tegen. We zijn een veel te klein land voor iets dergelijks. Bovendien zouden we met het binnenhalen van de cocaïne maffiose moord-en-doodslagpraktijken binnen onze grenzen halen. Wat zou er dan met onze jeugd gebeuren? Zoiets houd je hier niet geheim. Dan zou Nederland terecht zeggen: zie je wel,
Desi Bouterse hield vanavond een televisietoespraak die niet veel om het lijf had. De regering van Wim Udenhout is nu demissionair en tegen midden juli zal er een nieuwe Surinaamse regering komen.
Wij zijn zo trots op Fokker,
illustratie
maar Israël heeft de Lavi - Hebreeuws voor jonge leeuw - in de lucht gebracht. Het toestel kwam tot stand met behulp van het Pentagon en een financiele injectie van twee miljard dollar, die niet moet worden terugbetaald. Nu is er keet en wil Washington toch centen zien. Israël wil 300 van deze vliegtuigen zelf bouwen. Ze zullen 15,5 miljoen dollar per stuk kosten en werk verschaffen aan 7.000 arbeiders.284
Henk de Mari is gearriveerd. Hij zei de negen uur van de overtocht in het vliegtuig over Suriname te hebben gelezen. Dan zou
283
De plannen van Vaarnold schijnen op een bandopname te staan, want ik schreef in mijn dagboek: ‘Zal die tape nog maar even niet geven.’
284
The New York Times, 18 juni 1986, John Cushman.
[p. 211]
Mari. ‘Ik moet de krant trouwens bellen om erop aan te dringen dat Burlage zich deze week koest houdt over Suriname, terwijl ik hier ben. Je weet hoe Burlage werkt. Hij verzint er gewoon van alles bij wanneer een bericht binnenkomt. Soms belt hij eerst nog even met Chin A Sen. Dat is zijn methode van schrijven,’ aldus Burlage's collega van De Telegraaf.
Ik vroeg Theo wat zijn indruk was van
Herrenberg vertelde tijdens onze trip dat zijn vader een Hernhutter-dominee was geweest. ‘Mijn vader dreigde me altijd als ik stout was geweest, dat hij me naar de Hernhutters in Zeist zou verbannen,’ zei ik. Theo gaf me later op mijn kop dat ik veel te veel vloekte en dat ik hier bij domineeszoon Herrenberg meer rekening mee zou moeten houden.
Ik liep in het hotel tegen ambassadeur Halfhide aan, de Surinaamse vertegenwoordiger in Washington. Hij verwachtte dat de zaak Boerenveen in Miami in een paar weken kon worden opgelost. Ik drong er bij hem op aan The New York Times-verslaggever Joseph Treaster naar Suriname uit te nodigen.
23 juni 1986
Henk Herrenberg schijnt al om 06:30 uur in het hotel te zijn geweest om het personeel te vragen niet honderduit tegen De Mari te
We hebben een lacherig ontbijt met Henk de Mari gehad. Theo betwijfelde of De Mari voldoende over Suriname weet om erover te kunnen schrijven. ‘De Mari zou in zijn artikel moeten aangeven dat zijn indruk is dat Bouterse oké is,’ zei Theo. Ik maakte duidelijk dat een
[p. 212]
se’ en er desnoods zes halve pagina's aan wijden. Intussen rept hij met geen woord over een mogelijke tegenprestatie, bijvoorbeeld door een gratis abonnement op zijn krant aan te bieden, om over een interview met mij maar niet te spreken.
De Mari vraagt me bijvoorbeeld de volgende dingen: ‘Moet ik een das om naar Herrenberg?’
‘Ja, hij is de minister van Buitenlandse Zaken en dat zou je bij Van den Broek ook doen.’
Hij zei ook: ‘Ik ben al twaalf uur in Suriname en ik heb nog geen afspraak met Bouterse. Wat heb je geregeld?’
Ik bezocht de ambassadeur die anders was dan voorheen.
‘Zegt u niet dat u het van mij weet,’ zei Van Houten, ‘maar ik zou mij de volgende constellatie kunnen voorstellen. Brunswijk heeft een bankoverval uitgevoerd in St. Laurent. Minister Herrenberg zou hier contact over kunnen hebben met de Franse ambassadeur omdat het mij mogelijk lijkt dat Brunswijk uit Nederland wordt uitgewezen om op een vliegtuig naar Parijs te worden gezet, om vervolgens door de Franse autoriteiten te worden opgepakt voor de bankoverval in St. Laurent. Op die manier zou Brunswijk in Frankrijk gevangen worden
Ik liep regelrecht van de Nederlandse ambassade via het plein naar het ministerie van Buitenlandse Zaken. Herrenberg hoorde de geheime boodschap van Van Houten aan en liet een secretaresse binnenkomen aan wie ik bovenstaande tekst dicteerde en ondertekende.
De minister pakte de telefoon en belde Van Houten op. ‘U hebt mij een koerier gezonden.’ De ambassadeur gaf ten antwoord dat hij alleen maar wat met mij had zitten praten. Tot verbazing van Herrenberg en mij bevestigde Van Houten slechts de helft van mijn ‘boodschap’. Hij repte er met geen woord over dat Brunswijk in Nederland was en zei evenmin iets over de combine Brunswijk via een truc in Frankrijk vast te laten zetten. Herrenberg vroeg de ambassadeur om naar het ministerie te komen. De ambassadeur gebruikte bewoordingen
[p. 213]
als ‘omdat onze betrekkingen zijn opgeschort, zijn
Overigens heb ik ook bij de ambassadeur de affaire van zijn medewerker Paul Z. aangesneden, die Surinaamse homo's naar Nederland hielp en feestjes gaf om nieuwe gegadigden te recruteren. ‘Un homme averti en vaut deux.’ Als Roman Bhagwandin er werkelijk achterheen zou gaan om zijn vriendje Prim in Paramaribo te houden, heb je het gedonder in de glazen. Herrenberg wilde er zelf verder geen werk van maken, maar was het met me eens dat het correct was Van Houten te waarschuwen voor mogelijke complicaties.
Intussen een vliegende keet
‘Nee, ik heb nog niets,’ ging hij door.
Toen verloor ik mijn geduld. Ik zei: ‘Een hengst blijft een hengst. Je hebt me nog met geen woord bedankt voor
[p. 214]
zijn. ‘Hij blijft nog wel even,’ antwoordde zij. Terwijl Henk met de bevelhebber overlegde, zat ik alleen in zijn werkkamer op het ministerie. Ik luisterde via de walkman
Theo kwam intussen terug van een uitvoerig gesprek met Atta Mungra, de directeur van de slm. Hij was verontwaardigd en woedend over wat hij had gehoord hoe de klm met de slm en haar functionarissen was omgesprongen. Ik wist van Mungra zelf dat hij Orlandini in eigen persoon zelfs nog nooit te zien had gekregen. Maar Theo zei: ‘De klm heeft zich jegens de slm misdragen als zes- of tienjarige jongentjes doen die elkaar pesten. Het is absurd wat er allemaal is gebeurd. Schandalig.’ Ik belde Atta Mungra meteen op. Ik zei dat De Mari in Paramaribo was en of hij nu niet de kans wilde benutten om de zaak op straat te krijgen. Dat wilde hij niet in dit stadium, voornamelijk om tactische redenen. Mungra wil twee toestellen herfinancieren,
De Sovjetdiplomaat Boris Zhilko kwam naar Torarica. We hebben 50 minuten zitten praten. Ik gaf hem een kopie mee van mijn overeenkomst met Velikhov om een boek te schrijven om aan ambassadeur Igor Bubnov te geven. Boris reed me naar Van Houten. Toen ik terugkwam in het café van Torarica, zaten Theo en De Mari geanimeerd te praten. Ik hield mijn hart vast, maar het onderwerp was Zuid-Afrika geweest. Henk droop af zonder mij te groeten. Ook later liep hij me in het hotel met zijn leren handtasje straal voorbij. Sinds hij met Heidweiller heeft gesproken, schijnt hij het gevoel te hebben zijn zaken verder zonder mij te kunnen regelen. Gisteren zei hij nog: ‘Onze krant heeft door met jou sinds 1956 ruzie
Theo was op de Centrale Bank geweest en morgen zal hij daar Goedschalk en Leter ontmoeten. Hij heeft waarschijnlijk toch het juiste beleid gevoerd. Ik weet ook eigenlijk van zaken doen geen moer.
Minister Herrenberg liet een aardige brief in het hotel afgeven. Ik ben er blij mee.285
285
Zie bijlage 54.
24 juni 1986
Minister Herrenberg was al om 05:30 uur in Hotel Torarica
[p. 215]
om ons af te halen voor een rit naar de palmboomplantage Victoria. We vertrokken om 06:00 uur in een stationwagon met chauffeur van het ministerie. Theo zat voorin. Ik legde uit dat ik met Henk de Mari was gebotst omdat hij nerveus was Bouterse helemaal niet te spreken te krijgen. ‘Laat maar aan mij over,’ zei Henk, ‘ik weet hoe ik met Hollandse makrelen moet omspringen.’
De palmolie-industrie vind ik geen interessante nering, maar Theo was juist
Bij terugkomst zag ik De Mari verwoed zitten schrijven. ‘Ik weet nu zeker dat je je gesprek met Desi Bouterse zult krijgen, dus je trip is geslaagd.’
‘Wanneer?’ vroeg hij koeltjes.
‘Dat weet ik niet, maar je krijgt het.’
Herrenberg liet later weten dat het gesprek tussen Bouterse en De Mari donderdag zou plaatsvinden. Ik ben naar zijn kamer gegaan en gaf hem het nieuws. ‘Fantastisch,’ zei hij nu. Onze botsing bleek eigenlijk het gevolg van
Theo heeft zijn gesprek op de Centrale Bank gehad en is met vrienden van Roman Bhagwandin naar een maïsproject gaan kijken. Hij bleef erg lang weg. Ik werd ongerust. Toen
De Mari had me gezegd, en hij scheen het een trouvaille te vinden, dat zijn openingsvraag aan Bouterse zou zijn: Hoe voelde
[p. 216]
u zich toen u met uw militaire kameraden indertijd met de armen omhoog bij Henck Arron op de stoep stond?
Hoe kom je erop. Tenzij je wilt scoren omdat je het mapje Suriname hebt bestudeerd. En de vervolgvraag: Hoe kan het dat diezelfde Arron nu weer in het topberaad zit?
Henk maakte een paar notities, maar reageerde niet op de absurditeit van een dergelijk begin. De Mari zei me te zullen bellen hoe het was gegaan, ‘daar heb je recht op.’ Ik antwoordde: ‘Ik heb op niets recht. Het contact dat ik voor je legde, heb ik niet voor jou of Bouterse tot stand gebracht maar voor
25 juni 1986
Paramaribo - Amsterdam
We waren bijna in de economy class teruggereisd, maar ik zette mijn voet dwars. Tenslotte hebben we ons voor Suriname ingezet en mogen er best iets voor terugvragen. Ik geloof dat Theo de trip als zeer plezierig en vooral ook nuttig heeft ervaren. Hij begint meteen met het organiseren van de financiering van de twee vliegtuigen voor slm.
We hebben bij het ontbijt vanmorgen veel samen gesproken. Hij is op pagina 278 van mijn Memoires. Hij vindt het jammer dat er ‘honderden’ zet- en taalfouten in het boek zitten. Toch staan we nu anders tegenover elkaar. Het is eigenlijk erg vreemd dat deze reis naar Suriname ons veel dichter tot
Herrenberg zou van 20 tot 24 augustus als minister van Buitenlandse Zaken naar Djakarta gaan en van daaruit Bouterse begeleiden naar de conferentie van niet-gebonden landen in Harare. Ik heb Henk een overzicht gegeven van hoe Suharto via hoogverraad aan de macht kwam, een bloedbad aanrichtte à la
286
Ik weet me er in 1997 dan ook niets meer van te
[p. 217]
Pol Pot en ongetwijfeld de grootste schurk is die ooit in Java aan de bak kwam.
Theo las het tweede deel van mijn Memoires tijdens de lange vlucht, met een tussenstop in Lissabon, uit. ‘Je stelt je open op. Je kraakt zelfs Sukarno af wanneer je zegt dat hij gewoon stond de kletsen. Eigenlijk is het duidelijk dat je hetzelfde probleem hebt als ik mijn hele leven heb gehad, namelijk als je een onafhankelijke geest hebt en je kletst niet dezelfde onzin als de baas, dan word je ongeschikt verklaard voor de baan. Ik heb in de zakenwereld voortdurend datzelfde probleem gehad.’ Hij vroeg me of ik in zijn exemplaar van het boek iets wilde schrijven ter herinnering aan onze reis naar Suriname. We hebben veel gelachen. Het was vreemd om zo ineens tien dagen door te brengen met mijn jongste broer. Hij bedankte me uitgebreid voor de
| snc.com | Door: Redactie




































