• maandag 25 May 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Corruptie is geen incident, maar een systeem dat wij hebben leren verdragen

Corruptie is geen incident, maar een systeem dat wij hebben leren verdragen

| starnieuws | Door: Redactie

In de recente berichtgeving over Gillmore Hoefdraad stelt de voormalige minister dat besluiten rond staatsmiddelen en de Surinaamse Postspaarbank niet op persoonlijke titel zijn genomen, maar binnen bestaande bestuurlijke en institutionele structuren
plaatsvonden. Volgens hem waren verschillende staatsinstanties, financiële autoriteiten en beleidsorganen op de hoogte van de gehanteerde werkwijze.

De rechter moet uiteindelijk oordelen over schuld, aansprakelijkheid en strafbaarheid. Maar los van die juridische beoordeling roept deze verdediging een bredere maatschappelijke vraag op: als meerdere instanties ervan wisten, als verschillende organen
betrokken waren, als velen zagen wat gebeurde en toch zwegen, wat zegt dat dan over ons land?

Het feit dat iets binnen een functie gebeurt, is geen excuus voor onrechtmatig optreden. Het feit dat “iedereen het wist” is geen bewijs dat iets rechtmatig was. Het kan ook bewijs zijn
van iets veel ernstigers: dat wij leven in een systeem waarin macht, angst en zelfbehoud vaak sterker zijn dan recht, stem en geweten.

Waarom keren corruptieschandalen steeds terug in Suriname? Zijn het telkens onze politici? “Hen” de schuld geven, geeft velen een goed gevoel (omdat “a no mi”), maar
het is te makkelijk. Natuurlijk dragen individuele leiders verantwoordelijkheid voor hun keuzes. Maar als steeds andere politici vergelijkbaar gedrag vertonen zodra zij toegang krijgen tot macht, moeten wij durven vragen of politici niet alleen de oorzaak zijn, maar ook het gevolg van een dieper systeem (“ai, na mi, ai na
unu”).

In mijn dissertatie onderzoek ik macht niet alleen als formele positie, maar als psychologische ervaring. Macht is de ervaren kans dat iemand onzekere uitkomsten kan controleren. Wie gelooft dat hij de uitkomst kan bepalen, gedraagt zich anders dan wie gelooft dat hij niets kan veranderen.

Voor de
machtigen in dit land geldt vaak: zolang het volk zwijgt, zolang ambtenaren tekenen, zolang instituten niet ingrijpen, zolang deskundigen wegkijken, neemt de ervaren kans toe dat zij kunnen doen wat zij willen. Macht wordt dan niet alleen een functie, maar een innerlijke overtuiging: “ik kom hiermee weg.”

In januari
2020 vroegen enkele regeringshoofden mij om mijn mond te houden over de gestolen kasreserves (of noemen we het nog steeds “verdwenen”, net zoals we “global warming” nu “climate change” noemen?). Zij waren, zo werd beweerd, “bezig het land om te bouwen” en waren “gediend met rust”. Maar machtigen zijn vaak
niet gediend met rust omdat rust het land helpt. Zij zijn gediend met rust omdat rust hen de ruimte geeft om te blijven doen wat zij doen: meer macht vergaren. Stilte is voor macht geen neutrale toestand. Stilte is toestemming.

Maar macht heeft een onmisbaar ingrediënt nodig: mensen die
geloven dat zij geen macht hebben. Mensen die documenten tekenen waarvan zij weten dat ze niet kloppen. Mensen die opdrachten uitvoeren waarvan zij voelen dat ze niet deugen. Mensen die zichzelf vertellen dat zij “slechts hun werk doen”. Mensen die zeggen: “Wat kan ik eraan veranderen?”

Wie gelooft dat
hij niets kan veranderen, verandert vaak niet de wereld, maar zijn verhaal over de wereld. Zo wordt zwijgen logisch, gehoorzaamheid verstandig en medeplichtigheid normaal. Niet omdat zij slecht zijn, maar omdat het psychologisch moeilijk is om elke dag te leven met het besef dat men meewerkt aan iets wat men
innerlijk afwijst. Om die spanning te verminderen, rechtvaardigen mensen wat krom is. Zij noemen angst “loyaliteit”. Zij noemen zwijgen “professionaliteit”. Zij noemen gehoorzaamheid “discipline”. Zij noemen medeplichtigheid “procedure”. “Wat kan ik doen? Ik ben maar een kleine man, dit is niet mijn rol in de samenleving — verandering is weggelegd
voor anderen.” Zo ontstaat cognitieve rust in een moreel onrustige wereld. Wij hebben als mensen verhalen nodig om te begrijpen hoe de wereld werkt.

Deze verhalen komen echter niet uit het niets. Zij conditioneren ons zelfbeeld en handelen via opvoeding, religie, onderwijs, bestuur en geschiedenis. In veel samenlevingen hebben
religieuze en culturele verhalen mensen geleerd dat gehoorzaamheid aan hogere machten een deugd is die wordt beloond in het hiernamaals. Wie tegenspreekt, wordt al snel gezien als gevaarlijk, ondankbaar of respectloos.

Daarbovenop komt in Suriname de koloniale erfenis. Koloniale systemen waren niet alleen economische systemen. Zij waren ook psychologische
systemen. Zij leerden mensen wie mocht bevelen en wie moest gehoorzamen. Wie mocht spreken en wie moest zwijgen. Wie toegang had tot recht en wie afhankelijk was van gunsten — zo vloeide geld in handen van enkelen uit de handen van velen.

Over generaties heen is geleerd dat tegenspraak
gevolgen kan hebben. Dat macht gevaarlijk is om uit te dagen. Dat overleven soms belangrijker is dan spreken. Dat nabijheid tot macht veiliger voelt dan verzet tegen macht. Deze lessen verdwijnen niet automatisch bij onafhankelijkheid. Zij blijven voortleven in instituties, families, scholen, bedrijven, politieke partijen en ministeries. Daarom is corruptie
niet alleen een juridisch probleem voor onze rechters om over te oordelen. Het is ook een gedragsprobleem. Een institutioneel probleem. Een historisch probleem. Een probleem van aangeleerde macht en aangeleerde machteloosheid.

Wanneer een minister zegt dat instanties, autoriteiten en beleidsorganen op de hoogte waren, dan is dat misschien bedoeld
als verdediging. Maar maatschappelijk gezien is het juist een aanklacht. Want als velen ervan wisten en niets deden, dan is de vraag niet alleen: wie nam het besluit? De vraag is ook: waarom zwegen de anderen?

Een gezonde samenleving kan niet afhankelijk zijn van de goedheid van leiders. Zij
heeft burgers nodig die durven spreken, ambtenaren die durven weigeren, instituten die durven controleren, journalisten die durven onderzoeken en rechters die onafhankelijk durven oordelen.

Wij leven in een systeem dat wij niet volledig zelf hebben gemaakt, maar waarvan wij wel de gevolgen dragen. Een spel waarvan de regels lang
geleden zijn gevormd door overheersing, angst, afhankelijkheid en gehoorzaamheid. Maar regels die geërfd zijn, hoeven niet eeuwig te blijven bestaan.

De vraag aan de lezer is daarom niet alleen of Hoefdraad, Van Trikt of andere bestuurders schuldig zijn. Die vraag hoort thuis bij de rechter. De grotere vraag is:
waarom blijft ons systeem zulke gevallen mogelijk maken?

En nog belangrijker: zijn wij bereid dit spel op dezelfde manier door te spelen?

Steven Coutinho

| starnieuws | Door: Redactie