
TAS-contract: beschermde Monorath de directeur of het publieke belang?
| starnieuws | Door: Redactie
Een directeur heeft recht op behoorlijke
Opzegtermijn van twaalf maanden tegenover wettelijk maximum
Artikel 1 van de arbeidsovereenkomst bepaalt dat Jap-A-Joe, na een onafgebroken diensttijd van minimaal drie jaar, bij eigen vertrek een opzegtermijn van twaalf maanden in acht moet nemen. Voor TAS geldt onder de in het contract genoemde omstandigheden een opzegtermijn van ten minste 24 maanden. Daarnaast bevat de overeenkomst een regeling die kan leiden tot betaling van salaris en emolumenten over 36 maanden.
Deze termijnen zijn niet door de wet voorgeschreven. Het oude Burgerlijk Wetboek, dat in november 2021 gold, bevatte in artikel 1615i lid 5 een duidelijke beperking: “Bij schriftelijke overeenkomst of reglement mogen de termijnen, bedoeld in lid 3 worden verlengd, mits de termijn van opzegging voor de werknemer
Hetzelfde artikel bepaalde dat de opzegtermijn voor de werkgever ten minste zes maanden moest bedragen en niet korter mocht zijn dan het dubbele van die voor de werknemer.
De overeengekomen twaalf maanden zijn tweemaal zo lang als het wettelijke maximum voor een werknemer. Als deze bepalingen van het gewone arbeidsrecht op de overeenkomst van toepassing zijn, is dat een ernstig juridisch probleem. De termijn van 24 maanden voor TAS is evenmin een wettelijk voorgeschreven standaard. Waarom zijn zulke termijnen overeengekomen en welke juridische toetsing is daaraan voorafgegaan?
De minister moest de arbeidsvoorwaarden vaststellen
Nog fundamenteler is artikel 4 lid 4 van de Wet Telecommunicatievoorzieningen. Daarin staat: “De arbeidsvoorwaarden van de Directeur en de onderdirecteuren worden door de Minister, gehoord de Raad, na verkregen goedkeuring van de Raad van Ministers vastgesteld.”
De wet is duidelijk over de bevoegdheidsverdeling. De Raad van Commissarissen
De Raad van Ministers heeft geen goedkeuring verleend aan de arbeidsvoorwaarden van Jap-A-Joe. Ook de toenmalige bevoegde minister heeft deze niet vastgesteld. Daarmee is de procedure die de Wet Telecommunicatievoorzieningen voorschrijft, niet gevolgd. In het contract wordt wel verwezen naar een besluit van de Raad van Ministers van 16 juni 2021. Die verwijzing betreft volgens de overeenkomst echter de benoeming van Jap-A-Joe. Goedkeuring van een benoeming is niet hetzelfde als goedkeuring van een pakket arbeidsvoorwaarden.
Het onderscheid is van groot belang, omdat de wetgever juist bij de vaststelling van arbeidsvoorwaarden een extra bestuurlijke controle heeft ingebouwd.
Een omvangrijk financieel pakket
Het contract kent Jap-A-Joe een bruto maandsalaris van USD 4.000 toe, naast diverse toelagen en vergoedingen. Daaronder vallen
Afzonderlijke voorzieningen kunnen verdedigbaar zijn. Maar de optelsom, gecombineerd met langdurige opzegtermijnen en mogelijke doorbetalingsverplichtingen, roept vragen op over de financiële bescherming van TAS. Een president-commissaris moet immers ook rekening houden met de gevolgen voor toekomstige besturen en de mogelijkheid om bij het aflopen van een benoeming een nieuwe leiding aan te stellen.
Van een voormalig deken mocht meer worden verwacht
Monorath was bij de ondertekening niet alleen president-commissaris, maar ook advocaat en voormalig deken van de Orde van Advocaten. Van een jurist met die achtergrond mag bijzondere zorgvuldigheid worden verwacht bij het naleven van wettelijke voorschriften. Hij had moeten onderkennen dat de bevoegdheid om arbeidsvoorwaarden vast
De vraag is daarom niet alleen waarom Jap-A-Joe zulke gunstige voorwaarden kreeg, maar vooral waarom Monorath namens TAS akkoord ging met verplichtingen die de instelling financieel zwaar kunnen belasten.
Bodemrechter moet definitief oordelen
De kantonrechter heeft op 26 oktober in kort geding vastgesteld dat de wettelijke benoemingstermijn van Jap-A-Joe is verstreken en dat zij niet langer als directeur mag optreden. De rechter heeft bovendien voorlopig geoordeeld dat de arbeidsovereenkomst van 1 november 2021 niet voldoet aan de bevoegdheids- en continuïteitsregeling van de Wet Telecommunicatievoorzieningen.
In overweging 4.6 benadrukt de rechter dat artikel 4 lid 4 van deze wet de bevoegdheid om de arbeidsvoorwaarden van de directeur vast te stellen uitdrukkelijk aan de minister toekent, na betrokkenheid van de Raad van Commissarissen en goedkeuring van
De rechter heeft daarom de uitvoering van de overeenkomst voorlopig buiten werking gesteld. Of het niet volgen van de wettelijke procedure tot nietigheid of een ander rechtsgevolg leidt, moet in een bodemprocedure worden onderzocht. Het kortgedingvonnis vormt op dat punt dus geen definitieve beslissing.
Dat neemt de bestuurlijke verantwoordelijkheid van voormalig president-commissaris Harish Monorath niet weg. Hij ondertekende als ervaren advocaat en voormalig deken een overeenkomst die volgens het voorlopige rechterlijke oordeel niet voldoet aan de wettelijke bevoegdheidsregeling. Bovendien bevat het contract opzegtermijnen die vragen oproepen in het licht van het destijds geldende Burgerlijk Wetboek.
De directeur mocht haar belangen behartigen. Maar wie bewaakte die van TAS? Van Monorath mag worden verlangd dat hij uitlegt waarom hij deze overeenkomst namens een publieke instelling ondertekende en op welke
U kunt de omstreden arbeidsovereenkomst hier downloaden.
Documenten: arbeidsovereenkost_TAS-directeur.pdf
| starnieuws | Door: Redactie
































