HomeNet Binnen | Economie | OIL & GAS |

President waarschuwt: olie-inkomsten vragen strikte discipline en transparant beheer
| starnieuws | Door: Redactie
President Jennifer Simons bij aankomst op de nieuwjaarsreceptie van VES. (Foto: CDS) Toekomstige inkomsten uit olie en gas mogen voor Suriname geen aanleiding zijn voor vrijblijvend beleid of voortijdige bestedingen. Dat benadrukte
president Jennifer Simons donderdagavond tijdens de nieuwjaarsreceptie van de Vereniging van Economisten in Suriname. Volgens haar vergroten olie-inkomsten niet de ruimte voor ontspanning, maar juist de verantwoordelijkheid van de overheid om discipline, transparantie en goed beheer te waarborgen. De president plaatste de discussie over olie-inkomsten nadrukkelijk in een bredere macro-economische context. Suriname bevindt zich volgens haar in een fase waarin stabiliteit nog kwetsbaar is en waarin het beleid gericht moet blijven op het beheersen van inflatie, het beschermen van koopkracht en het herstellen van vertrouwen. In die context waarschuwde zij voor het gevaar van vooruitlopen op inkomsten die pas vanaf 2028
structureel worden verwacht.“Internationale ervaring leert dat landen zelden falen door een gebrek aan middelen, maar veel vaker door zwak beheer, gebrekkige verantwoording en het te vroeg uitgeven van toekomstige inkomsten,” stelde Simons. Juist daarom moeten de spelregels voor het beheer van olie-inkomsten volgens haar ondubbelzinnig worden vastgelegd en strikt worden nageleefd. Spaar- en stabilisatiefonds cruciaalCentraal in het beleid rond olie-inkomsten staat het spaar- en stabilisatiefonds. De president kondigde aan dat de wetgeving rond dit fonds uiterlijk medio 2026 moet worden afgerond en operationeel moet zijn. Daarbij worden duidelijke stortings- en onttrekkingsregels vastgelegd, onafhankelijke bestuursstructuren ingericht en verplichte openbare rapportage ingevoerd richting regering, parlement en samenleving. Het fonds moet volgens Simons meerdere functies vervullen: het dempen van schokken in tijden van economische tegenwind, het voorkomen van oververhitting van de economie en het mogelijk maken van langetermijninvesteringen die de productieve capaciteit van Suriname versterken. “Geprojecteerde inkomsten mogen niet leiden tot explosieve consumptieve groei,” waarschuwde zij. “De verdiensten moeten bijdragen aan stabiliteit, schuldbeheersing en investeringen in menselijk kapitaal”. Afkoop VRI en schuldbeheerIn haar toespraak ging de president ook in op de eerdere afkoop van de Value Recovery Instrument (VRI)-verplichting. Hoewel deze verplichting op korte termijn geen directe druk op de begroting legde, besloot de regering tot afkoop om te voorkomen dat toekomstige olie-inkomsten onevenredig zouden worden belast. Volgens Simons was dit een bewuste keuze om beleidsvrijheid te behouden zodra olie-royalty’s daadwerkelijk binnenkomen.Tegelijkertijd benadrukte het staatshoofd dat deze keuze alleen verantwoord is als zij wordt gevolgd door blijvende discipline en maximale transparantie. De tijd die met herfinanciering is gekocht, mag niet worden verward met ruimte voor extra uitgaven, maar moet worden benut voor structurele hervormingen die groei mogelijk maken.Olie geen vervanging voor diversificatieSimons maakte duidelijk dat olie en gas door de regering niet worden gezien als een vervanging voor economische diversificatie. Integendeel: de inkomsten uit deze sector moeten juist worden gebruikt om Suriname minder afhankelijk te maken van één of twee economische pijlers. Daarom koppelt de regering het oliebeleid nadrukkelijk aan investeringen in landbouw, agro-processing, toerisme, industrie, onderwijs en gezondheidszorg.Ook het local-contentbeleid speelt hierin een sleutelrol. Surinaamse bedrijven en werknemers moeten daadwerkelijk kunnen profiteren van de olie- en gassector, zonder dat dit ten koste gaat van efficiëntie of concurrentiekracht. De president kondigde aan dat het local-contentbeleid wettelijk wordt verankerd, met duidelijke targets voor participatie en transparantie rond contracten en besluitvorming.Integriteit en moreel leiderschapOpvallend was dat Simons het beheer van olie-inkomsten ook expliciet koppelde aan integriteit en moreel leiderschap. Zij wees op recente signalen rond parastatale bedrijven en onderstreepte dat goed bestuur betekent dat regels voor iedereen gelden en dat misstanden worden aangepakt zonder uitzonderingen. “Economische keuzes zijn morele keuzes,” stelde zij. “Zij bepalen of gezinnen vooruit kunnen en of toekomstige generaties perspectief hebben”.Volgens de president is het vertrouwen van burgers en investeerders alleen te behouden als duidelijk is hoe middelen worden beheerd, waaraan zij worden besteed en welke maatschappelijke resultaten daarmee worden bereikt. Transparantie, onafhankelijke controle en professionele instituties vormen daarbij het fundament.Vooruitblik richting 2028
Met het oog op 2028 positioneerde Simons 2026 als een cruciaal voorbereidingsjaar. De keuzes die nu worden gemaakt, bepalen of olie-inkomsten een zegen worden voor brede welvaart of een nieuwe bron van kwetsbaarheid. “Wij moeten sparen waar het kan, investeren waar het nodig is en verantwoordelijkheid nemen voor de toekomst van onze kinderen".
| starnieuws | Door: Redactie




































