
Nabestaanden onvoldoende beschermd bij grafruiming door verouderde wet uit 1959
| waterkant | Door: Redactie
De Surinaamse regels voor het ruimen van graven zijn sterk verouderd en bieden nabestaanden onvoldoende duidelijkheid en bescherming. Dat blijkt uit onderzoek van A.G.A. Alimoenadi, onderinspecteur van politie en coördinator interne beveiliging bij het Openbaar Ministerie Suriname.
Alimoenadi, die op 28 februari 2026 afstudeerde aan de Anton de Kom Universiteit van
Volgens de Begrafeniswet 1959 mogen graven pas na een minimale termijn van twintig jaar worden geruimd. Die regel
Vooral de uitvoering van grafruiming schiet volgens het onderzoek tekort. Zo is vaak niet duidelijk wanneer en op welke manier
Daardoor kunnen nabestaanden in onzekerheid terechtkomen en is er volgens het onderzoek risico op ongelijke behandeling. De wet geeft wel de
Ook de toezichthoudende rol van het Openbaar Ministerie blijkt in de praktijk beperkt. Hoewel het OM volgens de wet toezicht houdt op voorgenomen grafruimingen, ontbreken duidelijke toetsings- en handhavingsbevoegdheden. Daardoor blijft het
Alimoenadi concludeert dat een integrale herziening van de Begrafeniswet 1959 noodzakelijk is. Volgens hem moeten er duidelijke regels komen voor communicatie met nabestaanden, registratie van grafrechten, toezicht en rechtsbescherming. In zijn onderzoek heeft hij daarvoor ook een concreet wetsvoorstel uitgewerkt.
| waterkant | Door: Redactie



































