
Deel 6: Staatsolie, Gisteren Vandaag en Morgen
| starnieuws | Door: Redactie
Onshore Driver seat
De huidige onshore olieproductie biedt Staatsolie in de driver seat direct toegang tot productiefactoren met kennis en partnerschappen voor succesvolle besluitvorming vanuit ‘Vertrouwen in eigen kunnen’. Noch externe noch
Offshore aanhangwagen
Na recente offshore olievondsten in Surinames kustgebied richten de grote ogen van vooral weinig creatieve maatschappelijke elites zich op de offshore olieproductie in 2028. Technologisch en infrastructureel betekent dit voor Staatsolie een overgang van onshore boorinstallaties en pijpleidingen naar door Multinationals ontworpen drijvend productie-, opslag- en overslagschip (FPSO) en exporttankers. Dit
Valkuil extractieve offshore
Vandaag offert Staatsolie haar succes story als inclusief bedrijf voor door multinationals gecreëerde extractieve groei. Met de van mijnbouw afhankelijke politieke en economische instituten beland Suriname weer in ‘overleven op korte termijn’. Ten eerste herhaalt zich de afhankelijkheid van door de politiek gesteunde en van de politiek afhankelijke buitenlandse bedrijven die met offshoreolie productie enorme economische groei teweegbrengen, die eindigt zodra deze groei ophoudt. Ten tweede komen door de grote nadruk op de buitenlandse oliesector potentieel duurzame sectoren niet aan bod. Ten
Energietransitie
Wereldwijd zijn aardolie, gas en steenkool met circa 80% de belangrijkste energiebronnen. Maar rond 2050 zullen hernieuwbare bronnen (vooral wind- en zonne-energie) de hoofdrol vervullen. En verloopt de overgang naar hernieuwbare bronnen steeds sneller. Suriname heeft de mogelijkheid om model te worden met hernieuwbare bronnen (waterkracht, wind, zon en bio-energie) voor de eigen bevolking en de wereld. Dit kan tevens duurzame energievoorziening en rechtvaardige energietransitie voor Inheemse- en Marrongemeenschappen garanderen. Met de wereldwijd snelle afname van offshore olie kan Suriname als 93% meest beboste land met haar koolstof negatieve status model worden voor ontwikkeling en duurzaamheid van binnen uit met prioriteit voor hernieuwbare energie. Wereldwijd wordt de vraag naar stroom tegen 2050 verdubbeld of verdrievoudigdn door de massale overstap
Van Els/Helstone concluderen dat wat betreft de elektriciteitssector er een spanningsveld is tussen Surinames Nationally Determined Contribution (NDC) doelstellingen en de operationele realiteit van systeemplanning. (i) (Rudi Henri van Els/Miquel Helstone: Suriname and the NDC targets – a gap analysis using OSeMOSYS (2026). 47th International Association for Energy Economic International Conference, Chile.) Modellen tonen dat, hoewel een aandeel van 30–35% aan hernieuwbare opwekkings capaciteit technisch haalbaar is, de CO2 uitstoot blijft toenemen in 'Business-as-Usual'- en 'High-Demand'-scenario’s. Deze discrepantie onderstreept dat doelstellingen voor geïnstalleerde electrische capaciteit onvoldoende zijn. Doorslaggevend is het daadwerkelijk benutten van hernieuwbare energiebronnen, efficiënte thermische opwekking en het garanderen van investeringen.
Conclusie
Anno 2026 zit Staatsolie inclusief haar vier dochterondernemingen samen met het opportunistisch deel van de Surinaamse politiek-economische elite vastgeroest in een extractief model. De Surinaamse staat is sinds
Jack Menke
i) Rudi Henri van Els/Miquel Helstone: Suriname and the NDC targets – a gap analysis using OSeMOSYS (2026). 47th International Association for Energy Economic International Conference, Chile.
Zie ook:
● Deel 1: Offshore-olie en ‘oliedomheid’: Suriname op pad naar schijnwelvaart
● Deel 2: Local content voor offshore-olie: omkering van ontwikkeling
● Deel 3: Local Development versus Local Content
● Deel 4: Offshore-oliekoorts: lessen uit Guyana
●
| starnieuws | Door: Redactie




































