• dinsdag 25 August 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Wat is de toegevoegde waarde van de Grondwet als staatsmachten met elkaar botsen?

Wat is de toegevoegde waarde van de Grondwet als staatsmachten met elkaar botsen?

| starnieuws | Door: Redactie

Suriname kent drie staatsmachten: de wetgevende, de uitvoerende en de rechterlijke macht. Hun bestaan is geen politieke afspraak van de dag, maar onderdeel van de constitutionele inrichting van de Republiek Suriname. De Grondwet bepaalt hun bevoegdheden, onderlinge verhoudingen en grenzen. Toch staan deze machten en de politieke partijen die daarbinnen opereren regelmatig tegenover elkaar. Dat roept een fundamentele vraag op: wat is de toegevoegde waarde van de Grondwet als politieke macht en staatsmacht voortdurend met elkaar botsen?

Het antwoord is juist

daarin gelegen: de Grondwet is er niet om conflicten tussen machten onmogelijk te maken, maar om te voorkomen dat machtsconflicten ontaarden in machtsmisbruik. 


De Grondwet als constitutionele grens

Artikel 52 bepaalt dat de politieke macht bij het volk berust en overeenkomstig de Grondwet wordt uitgeoefend, niet alleen bij verkiezingen. 

Artikel 55 bepaalt vervolgens dat De Nationale Assemblée het volk vertegenwoordigt en de soevereine wil van de natie tot uitdrukking brengt. Daar ligt een belangrijk constitutioneel onderscheid. Een politieke meerderheid heeft macht, maar geen onbeperkte macht.


De volksvertegenwoordiging moet haar bevoegdheden binnen de Grondwet uitoefenen. Democratische legitimiteit betekent daarom niet dat iedere beslissing van een meerderheid automatisch constitutioneel rechtmatig is.

Macht en tegenmacht
Artikel 54 is in deze discussie bijzonder relevant. De Grondwet bepaalt daarin onder meer dat uitvoerende en administratieve organen aan controle van vertegenwoordigende organen zijn onderworpen en dat vrijheid van discussie, kritiek en erkenning van de minderheid door de
meerderheid binnen staatsorganen gelden. Dat is constitutionele macht en tegenmacht in de praktijk.

De wetgevende macht controleert. De uitvoerende macht bestuurt. De rechterlijke macht spreekt onafhankelijk recht. Het systeem is juist ontworpen om te voorkomen dat één macht de volledige staatsmacht naar zich toetrekt. Daarom is politieke spanning niet automatisch een bedreiging voor de democratie.

Het wordt een bedreiging wanneer controle verandert in beïnvloeding, meerderheid verandert in dominantie en staatsmacht zich boven de Grondwet begint te plaatsen.

De rechter moet onafhankelijk kunnen blijven

De Grondwet trekt voor de rechtspraak een duidelijke grens. Artikel 131 lid 3 bepaalt dat iedere inmenging in de opsporing en vervolging en in zaken die bij de rechter aanhangig zijn, verboden is. Artikel 133 omschrijft de rechterlijke macht en artikel 134 draagt de berechting van rechtsgeschillen in beginsel aan de rechterlijke macht op. Daarmee wordt niet alleen de rechter beschermd. Daarmee wordt de burger

beschermd.


Want een burger die tegenover de Staat staat, moet erop kunnen vertrouwen dat zijn zaak wordt beoordeeld door een onafhankelijke rechter en niet door politieke belangen. Artikel 137 versterkt die rechtsbescherming: wanneer de rechter in een concreet geval oordeelt dat toepassing van een wettelijke bepaling strijdig is met grondrechten, kan hij die toepassing voor dat geval ongeoorloofd verklaren.

En waar staat de pers?

De pers is geen vierde staatsmacht. Maar in een democratische rechtsstaat heeft zij wel een essentiële maatschappelijke controlefunctie. 
Wanneer de wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht elkaar controleren, moet de samenleving kunnen weten hoe die macht wordt uitgeoefend.

Een vrije journalistiek stelt daarom vragen die soms ongemakkelijk zijn:
● Wie controleert de macht? Wie controleert de controleur? En wie beschermt de burger wanneer staatsmachten elkaar niet meer vertrouwen?
● Zonder vrije informatie en kritische journalistiek kan de burger zijn constitutionele positie nauwelijks effectief beoordelen.


/>

De burger is de uiteindelijke maatstaf

Daarom moeten we de huidige spanningen niet uitsluitend bekijken als een strijd tussen politieke partijen of staatsorganen.
De concrete vraag is: Wordt de burger beter beschermd of kwetsbaarder gemaakt?

DNA moet grondrechten respecteren. De regering moet rechtmatig en behoorlijk besturen. De rechter moet onafhankelijk rechtspreken. En de pers moet zonder politieke druk kunnen onderzoeken en informeren. Dat is de constitutionele keten van macht, tegenmacht en publieke controle.


De Grondwet is dus geen decorstuk voor staatsceremonies. Zij is de hoogste constitutionele norm waaraan de machtsuitoefening moet worden getoetst. Zij verdeelt macht, begrenst macht en beschermt uiteindelijk de burger. De kracht van de Surinaamse democratie blijkt daarom niet uit het feit dat de drie machten het met elkaar eens zijn. Zij blijkt uit hun vermogen om elkaar te controleren zonder de Grondwet te overschrijden.

En daar ligt ook de journalistieke verantwoordelijkheid: niet kiezen voor één staatsmacht,
maar de macht zelf kritisch onderzoeken.

Want de fundamentele vraag van onze democratische rechtsstaat blijft: Wie bewaakt de macht wanneer de macht zelf onder spanning staat?

Het antwoord moet zijn: de Grondwet, onafhankelijke instituties, macht en tegenmacht, een vrije pers en uiteindelijk een mondige burger.

Want artikel 52 herinnert ons aan het uitgangspunt: de politieke macht berust bij het volk. Maar die macht mag alleen worden uitgeoefend binnen de grenzen van de Grondwet. Geen staatsmacht boven de Grondwet. Geen democratie zonder tegenmacht. En geen rechtsstaat zonder bescherming van de burger.

Romeo Jubitana
Politiek analist|Mensenrechtenactivist

| starnieuws | Door: Redactie