
Transparantie is geen gunst, maar een plicht
| starnieuws | Door: Redactie
Waarom open bestuur geen keuze is, maar een structureel vereisteTransparantie wordt in het publieke debat vaak gepresenteerd als iets extra’s: een teken van goede wil van bestuurders. Alsof openheid iets is dat
men kan schenken wanneer het uitkomt. Die gedachte is fundamenteel onjuist. Transparantie is geen gunst, maar een plicht. Zij vloeit niet voort uit vriendelijkheid, maar uit de aard van publieke macht.Bestuurders oefenen geen macht uit namens zichzelf, maar namens de samenleving. Macht die namens anderen wordt uitgeoefend, kan niet in beslotenheid functioneren. Zij moet uitlegbaar, toetsbaar en controleerbaar zijn. Transparantie is daarom geen communicatiestrategie, maar een structureel onderdeel van goed bestuur.Het misverstand ontstaat wanneer transparantie wordt verward met ‘openheid achteraf’. Persconferenties, interviews en verklaringen worden dan gepresenteerd als bewijs van transparant handelen. Maar echte transparantie zit niet in woorden, maar
in structuur. Zij ontstaat wanneer processen zo zijn ingericht dat besluiten kunnen worden gevolgd en beoordeeld, ook zonder toelichting van de machthebber zelf.Transparantie vraagt om vaste regels: wie beslist, op basis waarvan, binnen welke termijn en onder welke voorwaarden. Zij veronderstelt documentatie, vastgelegde procedures en toegang tot informatie. Niet selectief en niet wanneer het politiek uitkomt, maar systematisch. Waar die ordening ontbreekt, wordt transparantie afhankelijk van personen — en daarmee kwetsbaar.In kleinere landen, zoals bij ons in Suriname, wordt transparantie vaak gepersonaliseerd. Men spreekt over ‘transparante bestuurders’ of ‘open ministers’. Dat lijkt positief, maar verhult een risico. Wanneer transparantie persoonsgebonden is, kan zij ook verdwijnen bij een machtswisseling. Dan verdwijnt niet alleen beleid, maar ook inzicht. Dat ondermijnt continuïteit en vertrouwen.Transparantie functioneert duurzaam alleen wanneer zij institutioneel is verankerd. Dat betekent: informatie die automatisch beschikbaar komt, besluitvorming die vooraf wordt vastgelegd en verantwoording die niet hoeft te worden afgedwongen. In zo’n systeem hoeft niemand om transparantie te vragen; zij is vanzelfsprekend.Het ontbreken van transparantie leidt tot wantrouwen, geruchten en polarisatie. Niet omdat burgers per definitie wantrouwig zijn, maar omdat onzichtbare macht altijd vragen oproept. Transparantie vraagt geen totale openheid, maar helderheid over wat openbaar is, wat niet, en waarom. Zo ontstaat er geen verwarring.Belangrijk is ook wat transparantie niet is. Zij is geen totale openheid en geen permanente verantwoording van elke afweging. Bestuur vraagt ruimte om te beslissen. Transparantie betekent echter wel dat die ruimte begrensd is en dat de spelregels zichtbaar zijn.Daarmee beschermt transparantie niet alleen burgers, maar ook bestuurders. Zij verplaatst het debat van intenties naar argumenten en van verdachtmaking naar inhoud. Waar transparantie goed is ingericht, wordt bestuur controleerbaar zonder te worden verlamd.Transparantie staat bovendien niet op zichzelf. Zij is onlosmakelijk verbonden met tegenmacht, professionaliteit en rechtsgelijkheid. Zonder transparantie blijft controle vrijblijvend. En dat is precies wat we niet moeten hebben.Daarom is het onjuist om transparantie te presenteren als iets wat bestuur ‘geeft’. Bestuur is transparant, of het functioneert niet naar behoren. Waar transparantie afhankelijk wordt van politieke wil, verliest zij haar betekenis.Een volwassen democratie vraagt transparantie niet als gunst, maar eist haar als norm. Niet emotioneel, maar consequent. Niet persoonsgericht, maar structureel. Want alleen waar macht zichtbaar is ingericht, kan zij legitiem worden uitgeoefend.Transparantie is geen gunst, maar een plicht.Paul Anansi MiddellijnStoryteller & content creator
| starnieuws | Door: Redactie




































