
Mennonieten en de ontbossingscyclus
| starnieuws | Door: Redactie
Toen ik er in februari 2023 door een Boliviaanse collega op werd gewezen dat een zekere Adrian Barbero op zijn socialemediakanalen grondverkoop in Suriname adverteerde, had ik nog nooit van mennonieten gehoord. Barbero probeerde land te verkopen aan mennonieten die in de Surinaamse bossen grootschalige landbouw wilden bedrijven, eerst op 30.000 hectare en uiteindelijk mogelijk op een areaal van 300.000 hectare.
Suriname heeft als meest bebost land een belangrijke strategische rijkdom. Bosbehoud gaat niet alleen om het beschermen van het bosoppervlak,
De toekomst van Suriname ligt niet in roofbouw, maar in economische sectoren die welvaart en duurzaamheid combineren: verantwoorde mijnbouw, duurzame houtoogst volgens het Celos Management Systeem, landbouw binnen een langetermijnvisie en natuurtoerisme.
Het Surinaamse bos staat reeds onder druk door:
i) ongecontroleerde goudwinning,
ii) ongecontroleerde houtkap,
iii) illegale handel in wilde dieren,
iv) de doorvoer van verdovende middelen via bosgebieden, en
v) mensenhandel met aanverwante vormen van criminaliteit.
Deze activiteiten veroorzaken directe schade aan ecosystemen en ondermijnen het duurzaam beheer van natuurlijke hulpbronnen.
Nieuwe risico’s
Naast de bestaande problemen zijn er nieuwe risico’s die grotendeels kunnen worden voorkomen wanneer tijdig beleidsmaatregelen worden genomen. Een van deze risico’s is grootschalige landbouwontwikkeling ten koste van primaire bossen. Wanneer grote oppervlakten bos worden ontgonnen voor landbouwdoeleinden neemt niet alleen het
Tot op heden heeft Suriname relatief weinig problemen met bosbranden gekend. Dit hangt samen met het vochtige karakter van de bosbodem en het beperkte aantal natuurlijke brandhaarden. Grootschalige ontginning van bosgebieden kan deze situatie veranderen. Wanneer bossen verdwijnen, verandert de lokale watercyclus en droogt de omgeving geleidelijk uit. Hierdoor nemen zowel het ontstaan als de verspreiding van branden toe. De ervaringen van Bolivia laten zien hoe grootschalige ontbossing en terugkerende bosbranden ernstige gevolgen kunnen hebben voor mens, flora en fauna.
Mennonieten en ontbossing
De mennonitische gemeenschap wordt gekenmerkt door een sterke interne organisatie, een gesloten sociale structuur en aanzienlijke financiële slagkracht. Daarnaast karakteriseert zij
Een risico is de ontbossingscyclus die wordt aangedreven door voortdurende land uitbreiding. In dit model wordt eerst een bosgebied verworven en ontgonnen voor landbouw. Na enkele jaren van intensief gebruik neemt de bodemvruchtbaarheid of productiviteit af. Vervolgens ontstaat behoefte aan nieuwe landbouwgrond, waarna een nieuw bosgebied wordt verworven en ontgonnen. Wanneer dit proces zich herhaalt, ontstaat een systeem waarin permanente uitbreiding naar nieuwe bosgebieden wordt gestimuleerd zodra bestaande landbouwgronden minder rendement opleveren.
Ondernemers die grond weten te bemachtigen om die vervolgens aan mennonieten te verkopen, verdienen daar fors aan en zullen niet nalaten allerlei argumenten aan te voeren om dit te rechtvaardigen.
Dr. Rudi F. van Kanten
Agroforester
Suriname heeft als meest bebost land een belangrijke strategische rijkdom. Bosbehoud gaat niet alleen om het beschermen van het bosoppervlak,
maar vooral om het waarborgen van de kwaliteit en de ecologische functies van het bos voor huidige en toekomstige generaties.
De toekomst van Suriname ligt niet in roofbouw, maar in economische sectoren die welvaart en duurzaamheid combineren: verantwoorde mijnbouw, duurzame houtoogst volgens het Celos Management Systeem, landbouw binnen een langetermijnvisie en natuurtoerisme.
Het Surinaamse bos staat reeds onder druk door:
i) ongecontroleerde goudwinning,
ii) ongecontroleerde houtkap,
iii) illegale handel in wilde dieren,
iv) de doorvoer van verdovende middelen via bosgebieden, en
v) mensenhandel met aanverwante vormen van criminaliteit.
Deze activiteiten veroorzaken directe schade aan ecosystemen en ondermijnen het duurzaam beheer van natuurlijke hulpbronnen.
Nieuwe risico’s
Naast de bestaande problemen zijn er nieuwe risico’s die grotendeels kunnen worden voorkomen wanneer tijdig beleidsmaatregelen worden genomen. Een van deze risico’s is grootschalige landbouwontwikkeling ten koste van primaire bossen. Wanneer grote oppervlakten bos worden ontgonnen voor landbouwdoeleinden neemt niet alleen het
verlies aan biodiversiteit toe, maar groeit ook het risico op bosbranden. Ontbossing beïnvloedt de waterhuishouding van een gebied en leidt tot uitdroging van ecosystemen, waardoor vegetatie brandgevoeliger wordt. Verschillende Amazone-landen kampen regelmatig met omvangrijke bosbranden die grote schade veroorzaken aan natuur, economie en volksgezondheid.
Tot op heden heeft Suriname relatief weinig problemen met bosbranden gekend. Dit hangt samen met het vochtige karakter van de bosbodem en het beperkte aantal natuurlijke brandhaarden. Grootschalige ontginning van bosgebieden kan deze situatie veranderen. Wanneer bossen verdwijnen, verandert de lokale watercyclus en droogt de omgeving geleidelijk uit. Hierdoor nemen zowel het ontstaan als de verspreiding van branden toe. De ervaringen van Bolivia laten zien hoe grootschalige ontbossing en terugkerende bosbranden ernstige gevolgen kunnen hebben voor mens, flora en fauna.
Mennonieten en ontbossing
De mennonitische gemeenschap wordt gekenmerkt door een sterke interne organisatie, een gesloten sociale structuur en aanzienlijke financiële slagkracht. Daarnaast karakteriseert zij
zich door een netwerk van nederzettingen en een voortdurende behoefte aan nieuwe landbouwgrond om groeiende landbouwactiviteiten te ondersteunen. Door hun organisatievermogen, politieke contacten en onderlinge samenwerking zijn mennonieten vaak in staat om landbouwprojecten op grote schaal te ontwikkelen.
Een risico is de ontbossingscyclus die wordt aangedreven door voortdurende land uitbreiding. In dit model wordt eerst een bosgebied verworven en ontgonnen voor landbouw. Na enkele jaren van intensief gebruik neemt de bodemvruchtbaarheid of productiviteit af. Vervolgens ontstaat behoefte aan nieuwe landbouwgrond, waarna een nieuw bosgebied wordt verworven en ontgonnen. Wanneer dit proces zich herhaalt, ontstaat een systeem waarin permanente uitbreiding naar nieuwe bosgebieden wordt gestimuleerd zodra bestaande landbouwgronden minder rendement opleveren.
Ondernemers die grond weten te bemachtigen om die vervolgens aan mennonieten te verkopen, verdienen daar fors aan en zullen niet nalaten allerlei argumenten aan te voeren om dit te rechtvaardigen.
De uitdaging voor Suriname is om economische
ontwikkeling te combineren met effectief bosbeheer. Door tijdig preventieve maatregelen te nemen, duurzame landbouwmethoden te stimuleren en de kwaliteit van bossen te beschermen, kan het land voorkomen dat de problemen die elders in het Amazonegebied zichtbaar zijn zich ook in Suriname ontwikkelen. Het behoud van gezonde bossen blijft daarbij niet alleen een nationale verantwoordelijkheid, maar ook een investering in de toekomst van komende generaties.President Simons heeft goed gehandeld met het uitzetten van de mennonieten.
Dr. Rudi F. van Kanten
Agroforester
| starnieuws | Door: Redactie


































