
LVV wil drones en nieuwe machines inzetten om productiekosten boeren te verlagen
| starnieuws | Door: Redactie
Het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) wil drones en nieuwe landbouwmachines inzetten om de productiekosten van boeren fors te verlagen. Minister Mike Noersaliem werkt aan een proefproject voor de aanschaf van vijf landbouwdrones die onder meer moeten worden gebruikt voor bemesting en gewasbescherming. Tegelijkertijd zijn volgens hem middelen goedgekeurd voor de aanschaf van tractoren, werktuigen en minigraafmachines die via LVV ten dienste van boeren worden ingezet. De inzet van drones moet vooral een goedkoper en nauwkeuriger alternatief bieden voor werkzaamheden
Vooral kleinere boeren moeten volgens hem toegang krijgen tot deze technologie. Het ministerie werkt daarom aan een pilotproject waarbij in eerste instantie vijf drones moeten worden aangeschaft. Deze moeten kunnen worden ingezet voor zowel bemesting als gewasbescherming.
De overstap naar drones heeft volgens Noersaliem niet alleen met kosten te maken. Rond het gebruik van landbouwvliegtuigen bestaan ook klachten over het overvliegen van bepaalde gebieden en het terechtkomen van middelen buiten de percelen waarvoor ze bestemd zijn. Hij noemt daarbij onder meer proefvelden van landbouwonderzoeksinstelling ADRON. Voor grootschalige landbouw zal het vliegtuig volgens hem niet onmiddellijk verdwijnen, maar voor kleinere bedrijven ziet hij duidelijke mogelijkheden voor drones.
Daarnaast investeert het ministerie in mechanisatie. Volgens Noersaliem is 1,6 miljoen goedgekeurd voor de aanschaf van landbouwmachines. In het gesprek wordt niet duidelijk aangegeven
Het ministerie wil daarbij vooral met georganiseerde groepen boeren werken. Boerenorganisaties kunnen bij LVV aangeven welke werkzaamheden nodig zijn, bijvoorbeeld het ontsluiten of gereedmaken van landbouwgrond. LVV stelt vervolgens machines en in bepaalde gevallen operators beschikbaar. Boeren moeten zelf een bijdrage leveren aan de operationele kosten, bijvoorbeeld door de benodigde diesel beschikbaar te stellen. Er hoeft volgens Noersaliem geen geld bij het ministerie te worden gestort. De minister ziet dit als een gerichte vorm van ondersteuning waarmee de kostprijs van landbouwproducten moet dalen. Hij stelt dat bij bepaalde werkzaamheden de kosten voor boeren hierdoor zeer fors kunnen worden teruggebracht, waardoor lokale productie
Niet alleen coöperaties moeten toegang krijgen tot ondersteuning. Noersaliem erkent dat niet iedere landbouwer zich bij een organisatie wil aansluiten. Individuele boeren kunnen zich daarom eveneens bij LVV registreren en ondersteuning aanvragen. Daarnaast werkt hij naar eigen zeggen aan een afzonderlijk project voor de aanschaf van ongeveer 100 bosmaaiers en 50 tot 100 waterpompen, die juist voor individuele kleine boeren bestemd zouden zijn. LVV wil ook de trainingen in Good Agricultural Practices (GAP) hervatten. Deze trainingen worden volgens de minister gratis aangeboden en moeten kleine boeren helpen hun productie en werkwijze te verbeteren.
die nu met landbouwvliegtuigen worden uitgevoerd. Noersaliem zegt hierover gesprekken te hebben gevoerd met boeren en producenten.
Vooral kleinere boeren moeten volgens hem toegang krijgen tot deze technologie. Het ministerie werkt daarom aan een pilotproject waarbij in eerste instantie vijf drones moeten worden aangeschaft. Deze moeten kunnen worden ingezet voor zowel bemesting als gewasbescherming.
De overstap naar drones heeft volgens Noersaliem niet alleen met kosten te maken. Rond het gebruik van landbouwvliegtuigen bestaan ook klachten over het overvliegen van bepaalde gebieden en het terechtkomen van middelen buiten de percelen waarvoor ze bestemd zijn. Hij noemt daarbij onder meer proefvelden van landbouwonderzoeksinstelling ADRON. Voor grootschalige landbouw zal het vliegtuig volgens hem niet onmiddellijk verdwijnen, maar voor kleinere bedrijven ziet hij duidelijke mogelijkheden voor drones.
Daarnaast investeert het ministerie in mechanisatie. Volgens Noersaliem is 1,6 miljoen goedgekeurd voor de aanschaf van landbouwmachines. In het gesprek wordt niet duidelijk aangegeven
in welke valuta dit bedrag luidt. De opdracht voor levering zou inmiddels aan Surmac zijn gegeven. Het gaat onder meer om tractoren, bijbehorende werktuigen en minigraafmachines. De machines worden niet aan individuele boeren geschonken, maar blijven onder beheer van LVV en worden via de afdeling Mechanisatie ingezet.
Het ministerie wil daarbij vooral met georganiseerde groepen boeren werken. Boerenorganisaties kunnen bij LVV aangeven welke werkzaamheden nodig zijn, bijvoorbeeld het ontsluiten of gereedmaken van landbouwgrond. LVV stelt vervolgens machines en in bepaalde gevallen operators beschikbaar. Boeren moeten zelf een bijdrage leveren aan de operationele kosten, bijvoorbeeld door de benodigde diesel beschikbaar te stellen. Er hoeft volgens Noersaliem geen geld bij het ministerie te worden gestort. De minister ziet dit als een gerichte vorm van ondersteuning waarmee de kostprijs van landbouwproducten moet dalen. Hij stelt dat bij bepaalde werkzaamheden de kosten voor boeren hierdoor zeer fors kunnen worden teruggebracht, waardoor lokale productie
beter kan concurreren.
Niet alleen coöperaties moeten toegang krijgen tot ondersteuning. Noersaliem erkent dat niet iedere landbouwer zich bij een organisatie wil aansluiten. Individuele boeren kunnen zich daarom eveneens bij LVV registreren en ondersteuning aanvragen. Daarnaast werkt hij naar eigen zeggen aan een afzonderlijk project voor de aanschaf van ongeveer 100 bosmaaiers en 50 tot 100 waterpompen, die juist voor individuele kleine boeren bestemd zouden zijn. LVV wil ook de trainingen in Good Agricultural Practices (GAP) hervatten. Deze trainingen worden volgens de minister gratis aangeboden en moeten kleine boeren helpen hun productie en werkwijze te verbeteren.
| starnieuws | Door: Redactie



































