
Goed bestuur begint met verantwoording afleggen
| starnieuws | Door: Redactie
De recente maatschappelijke discussies over de massale vissterfte in de Saramaccarivier, de berichtgeving over verdwenen kwik uit een politiebureau en andere kwesties van nationaal belang roepen opnieuw een fundamentele vraag op: hoe leggen politieke leiders verantwoording af aan de samenleving?
De lusten van macht
In de Surinaamse politiek lijkt macht gemakkelijker te worden aanvaard dan verantwoordelijkheid. Bij successen staan politici vooraan, maar zodra beleid tekortschiet, klinkt steevast hetzelfde refrein: het zijn de omstandigheden, de moeilijke erfenis uit het verleden, de wereldeconomie, de eerdere
Iedereen lijkt een deel van de schuld te dragen, behalve degenen die op dat moment besturen. Dat legt een hardnekkig patroon bloot: macht wordt graag geclaimd, maar verantwoordelijkheid te vaak ontweken.
Een bestuurscultuur van wegduiken en doofpotten
Geen enkele regering is foutloos; burgers begrijpen dat. Wat zij wél mogen eisen, is dat bestuurders verantwoordelijkheid nemen voor hun keuzes en daar openheid over geven. Juist daar schiet de praktijk vaak tekort.
Bij nationale crises of andere ingrijpende gebeurtenissen worden keer op keer commissies en werkgroepen ingesteld, onderzoeken aangekondigd en toezeggingen gedaan.
Tijdens de persmomenten van de Raad van Ministers ontbreken betrokken ministers geregeld, terwijl concrete antwoorden op kritische vragen uitblijven. Ook de publieke terugkoppeling over de gemaakte keuzes, de genomen maatregelen en de behaalde resultaten blijft te vaak achterwege.
Veel maatschappelijke kwesties verdwijnen vervolgens geruisloos uit beeld. Dossiers worden onderzocht of overgedragen aan het Openbaar
Zo ontstaat een bestuurscultuur waarin openheid geen vanzelfsprekend onderdeel van goed bestuur is. Pas onder maatschappelijke druk leggen bestuurders rekenschap af. Het wantrouwen onder burgers groeit, cynisme neemt toe en de afstand tussen overheid en samenleving wordt groter.
Wie controleert de controleurs?
Ook De Nationale Assemblée (DNA) draagt verantwoordelijkheid voor het functioneren van de democratische rechtsstaat. Als hoogste volksvertegenwoordiging moet zij de regering controleren en namens de samenleving rekenschap eisen over beleid, de uitvoering ervan en de besteding van publieke middelen.
Juist daar laat DNA al decennialang steken vallen. Te vaak verzanden vergaderingen in partijpolitieke profilering, terwijl urgente maatschappelijke vraagstukken en belangrijke wetsvoorstellen blijven liggen. Voor veel burgers wekt dat de indruk dat partijpolitieke discussies belangrijker zijn geworden dan de kerntaken
Een parlement ontleent zijn gezag niet aan de felheid van debatten, maar aan de kwaliteit van zijn controle en zijn bereidheid de regering consequent ter verantwoording te roepen.
Waarom deze cultuur blijft bestaan
Tijdens verkiezingscampagnes staan transparantie, goed bestuur en dienstbaarheid centraal. Na afloop maakt die belofte echter vaak plaats voor politieke zelfbescherming.
Kritische vragen worden eerder gezien als aanvallen dan als een vanzelfsprekend onderdeel van democratische controle. Die houding wordt versterkt door partijpolitieke aanhangers en partijgebonden media in binnen- en buitenland, waardoor het publieke debat verschuift van een inhoudelijke beoordeling van beleid naar een verdediging van het eigen politieke kamp.
Waar politieke voorkeuren bovendien samenvallen met etnische of maatschappelijke scheidslijnen, neemt de polarisatie verder toe. Daardoor raken feiten en argumenten steeds vaker ondergeschikt aan partijpolitiek en groepsbelangen.
Een persconferentie is nog geen verantwoording
Politieke verantwoording houdt niet op bij een persmoment van de Raad
Blijft die publieke terugkoppeling uit, dan verdwijnen zelfs urgente maatschappelijke kwesties geruisloos uit beeld. Niet omdat de problemen zijn opgelost, maar omdat bestuurders niet uitleggen wat ermee is gebeurd, welke keuzes zijn gemaakt en welke gevolgen daaraan zijn verbonden.
Tot slot: naar een nieuwe bestuurscultuur
Suriname verdient goed bestuur met integere én aanspreekbare bestuurders. Goed bestuur vraagt om meer dan openheid achteraf. Het vraagt om sterke instituties die bijdragen aan goed onderbouwd, deskundig en toekomstgericht beleid. Daarom is eerder gepleit voor een Strategische Adviesraad voor Ontwikkeling, die beleidsvoornemens vooraf toetst op kwaliteit, uitvoerbaarheid en maatschappelijke effecten. Publieke verantwoording begint bij zorgvuldig voorbereide en onafhankelijk getoetste beleidsbesluiten.
De kern is eenvoudig: macht is
T. Sansaar
| starnieuws | Door: Redactie

































