
Exportbedrijven willen meer ruimte om verdiende deviezen te behouden
| starnieuws | Door: Redactie
De Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB) en de Associatie van Surinaamse Fabrikanten (ASFA) willen dat producerende exportbedrijven binnen de valutaretentieregeling voldoende vreemde valuta kunnen behouden om hun buitenlandse verplichtingen te betalen. De organisaties vrezen dat de huidige verplichtingen rond het repatriëren en omwisselen van exportopbrengsten de bedrijfsvoering en concurrentiepositie van exporteurs kunnen aantasten.
VSB en ASFA hebben de kwestie donderdag besproken met de voorzitter en leden van de Deviezencommissie. Aanleiding zijn zorgen binnen het bedrijfsleven over de toepassing van de valutaretentieregeling op
VSB en ASFA erkennen dat het valutabeleid moet bijdragen aan voldoende aanbod van vreemde valuta in de Surinaamse economie. De regeling mag volgens hen echter niet tot gevolg hebben dat bedrijven die juist deviezen voor het land verdienen, onvoldoende middelen overhouden om hun productie en export voort te zetten.
Tijdens het overleg is daarom gevraagd om een passende behandeling van producerende exportbedrijven. Zij zouden voldoende ruimte moeten krijgen om een deel van hun exportopbrengsten in vreemde valuta beschikbaar te houden voor buitenlandse betalingen die rechtstreeks verband houden met hun productie.
Volgens de ondernemersorganisaties zijn exporterende productiebedrijven belangrijk voor de verbreding van de Surinaamse economie. Een groei van deze sector kan bovendien bijdragen aan het verminderen van de
De Deviezencommissie heeft tijdens het gesprek aangegeven dat het vraagstuk ook beleidsbeslissingen vereist die met de minister van Financiën en Planning moeten worden besproken. VSB en ASFA zullen de kwestie daarom meenemen naar het vervolgoverleg met de minister.
De organisaties pleiten voor een valutabeleid dat enerzijds de macro-economische stabiliteit ondersteunt en anderzijds bedrijven voldoende ruimte biedt om te investeren, produceren en hun export verder uit te breiden.
VSB en ASFA hebben de kwestie donderdag besproken met de voorzitter en leden van de Deviezencommissie. Aanleiding zijn zorgen binnen het bedrijfsleven over de toepassing van de valutaretentieregeling op
ondernemingen die voor de export produceren. Deze bedrijven verdienen zelf vreemde valuta, maar hebben die tegelijkertijd nodig voor de import van onder meer grondstoffen, verpakkingsmateriaal, onderdelen, machines en andere productiemiddelen.
VSB en ASFA erkennen dat het valutabeleid moet bijdragen aan voldoende aanbod van vreemde valuta in de Surinaamse economie. De regeling mag volgens hen echter niet tot gevolg hebben dat bedrijven die juist deviezen voor het land verdienen, onvoldoende middelen overhouden om hun productie en export voort te zetten.
Tijdens het overleg is daarom gevraagd om een passende behandeling van producerende exportbedrijven. Zij zouden voldoende ruimte moeten krijgen om een deel van hun exportopbrengsten in vreemde valuta beschikbaar te houden voor buitenlandse betalingen die rechtstreeks verband houden met hun productie.
Volgens de ondernemersorganisaties zijn exporterende productiebedrijven belangrijk voor de verbreding van de Surinaamse economie. Een groei van deze sector kan bovendien bijdragen aan het verminderen van de
afhankelijkheid van de traditionele exportsectoren.
De Deviezencommissie heeft tijdens het gesprek aangegeven dat het vraagstuk ook beleidsbeslissingen vereist die met de minister van Financiën en Planning moeten worden besproken. VSB en ASFA zullen de kwestie daarom meenemen naar het vervolgoverleg met de minister.
De organisaties pleiten voor een valutabeleid dat enerzijds de macro-economische stabiliteit ondersteunt en anderzijds bedrijven voldoende ruimte biedt om te investeren, produceren en hun export verder uit te breiden.
| starnieuws | Door: Redactie



































