• zaterdag 31 October 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Behandeling Wet Strafvordering opnieuw verdaagd na reeks bezwaren en fouten

Behandeling Wet Strafvordering opnieuw verdaagd na reeks bezwaren en fouten

| starnieuws | Door: Redactie

De behandeling van de wijzigingen in het Wetboek van Strafvordering is opnieuw verdaagd. Tijdens de tweede ronde van behandeling wezen Assembleeleden op fouten in wetsartikelen, onduidelijke bepalingen en onvoldoende waarborgen bij de uitbreiding van bijzondere opsporingsbevoegdheden. Het ontwerp wordt verder aangepast en opnieuw aan deskundigen voorgelegd. Daarna moet de regering nog antwoorden op de vragen en bezwaren van het parlement, gevolgd door de derde ronde van de commissie van rapporteurs. Pas na afronding van de behandeling kan de wet in stemming worden
gebracht.


Aan het einde van de vergadering werd donderdag duidelijk dat de vele kanttekeningen eerst in het wetsvoorstel moeten worden verwerkt. Daarna krijgen de betrokken instanties de gelegenheid om de wijzigingen te beoordelen. Volgens de gemaakte afspraken moeten deskundigen van DNA en het ministerie van Justitie en Politie uiterlijk maandag hun werkzaamheden afronden. Vervolgens gaat het aangepaste ontwerp naar NAMLAC voor toetsing. Het streven is om de behandeling binnen ongeveer tien dagen te hervatten. Een definitieve datum is niet vastgesteld door assembleevoorzitter Ashwin Adhin.


Tijdens de vergadering werd erop gewezen dat de behandeling inmiddels voor de vierde keer is verdaagd. De wijzigingen maken deel uit van een reeks wetten die Suriname moet behandelen in het kader van de internationale verplichtingen op het gebied van de bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering.


Zorgen over infiltratie en bescherming van opsporingsambtenaren
Commissielid Rossellie Cotino (NDP) vroeg aandacht voor de risico's die infiltranten lopen bij

de bestrijding van georganiseerde criminaliteit. Volgens haar biedt het wetsontwerp nog onvoldoende bescherming aan opsporingsambtenaren die dergelijke gevaarlijke opdrachten uitvoeren. Zij wees op de noodzaak van gespecialiseerde training, bescherming van hun identiteit en veiligheidsvoorzieningen voor hun familieleden. Cotino vroeg daarnaast waarom artikel 89, dat betrekking heeft op het afluisteren van telefoongesprekken, uit de bestaande wet wordt geschrapt.

Ook commissielid Ebu Jones (NDP) plaatste kanttekeningen bij de inzet van buitenlandse infiltranten en burgers. Volgens hem ontbreken duidelijke regels over de voorwaarden waaronder buitenlandse infiltranten mogen worden ingezet. Bij burgerinfiltratie wees hij op de risico's voor de betrouwbaarheid van het bewijs en de integriteit van de betrokken personen. Jones waarschuwde bovendien voor de mogelijkheid dat burgers na een infiltratieopdracht hun opgedane contacten en kennis voor criminele doeleinden gebruiken.


Afluisterapparatuur en privacy
Een belangrijk discussiepunt was het gebruik van technische hulpmiddelen om gesprekken op te nemen. Volgens Assembleelid Kishan Ramsukul (VHP) regelt

het ontwerp wel het plaatsen van dergelijke apparatuur, maar onvoldoende hoe deze na afloop van een onderzoek moet worden verwijderd. Hij wees erop dat een machtiging om een woning of andere besloten plaats binnen te treden na afloop van een onderzoek kan vervallen. Daarmee ontstaat volgens hem een praktisch en juridisch probleem wanneer opsporingsambtenaren later moeten terugkeren om een afluisterapparaat weg te halen.

Assembleelid Krishna Mathoera (VHP) ondersteunde dit bezwaar. Volgens haar moet niet alleen de verwijdering van apparatuur worden geregeld, maar ook de bevoegdheid om een plaats opnieuw te betreden om dat te doen. Ramsukul vroeg daarnaast aandacht voor gesprekken tussen advocaten en cliënten en andere personen die zich op een verschoningsrecht kunnen beroepen. Ook de privacy van onschuldige derden die contact hebben met een verdachte moet volgens hem beter worden beschermd.

Registratie van inzage in persoonsgegevens
Commissielid Raymond Sapoen (NDP) legde de nadruk op de bescherming
van persoonsgegevens die tijdens opsporingsonderzoeken worden verzameld. Volgens hem is het onvoldoende om alleen te regelen onder welke voorwaarden politie en justitie gegevens mogen verkrijgen. Ook moet worden vastgelegd wie toegang krijgt tot die informatie, met welk doel gegevens worden geraadpleegd en hoe misbruik kan worden vastgesteld.

Sapoen stelde voor dat iedere raadpleging van persoonsgegevens automatisch wordt geregistreerd, met vermelding van de betrokken ambtenaar, het tijdstip, het zaaknummer en de wettelijke grondslag. Periodieke controles moeten vervolgens uitwijzen of de inzage daadwerkelijk verband houdt met een rechtmatig onderzoek. Hij vroeg eveneens om beperkingen bij het onderzoeken van telefoons en computers, omdat daarbij ook medische gegevens, privéberichten, familiefoto's en informatie van onschuldige derden toegankelijk kunnen worden.


Wie controleert de opsporingsdiensten?
De discussie ging verder over de vraag wie toezicht houdt op de nieuwe bevoegdheden van politie en Openbaar Ministerie. Assembleeleden wezen erop dat de voorgestelde wet mogelijkheden biedt voor stelselmatige observatie,
infiltratie, onderzoek van computers en telefoons, het verzamelen van communicatiegegevens en het opnemen van vertrouwelijke gesprekken. Volgens verschillende sprekers moet duidelijker worden vastgelegd wanneer toestemming van de rechter-commissaris nodig is, hoe lang een onderzoek mag duren en welke sancties volgen wanneer opsporingsambtenaren de regels overtreden.

Ook werd gevraagd wie controleert welke digitale gegevens worden ingezien, gekopieerd, opgeslagen of voor andere onderzoeken worden gebruikt. Een terugkerend punt was wat er gebeurt wanneer achteraf blijkt dat iemand ten onrechte is onderzocht. Assembleeleden vroegen om duidelijke regels voor kennisgeving, vernietiging van gegevens, rechtsbescherming en eventuele schadevergoeding.

Tijdens de behandeling ontstond bovendien discussie over een uitspraak van de voorzitter van de commissie van rapporteurs, Edgar Sampie,  dat de politie bepaalde opsporingsmethoden al toepast zonder dat deze door de wet zouden zijn gedekt. Onder anderen Mathoera en Jones vroegen om verduidelijking. De spreker verwees in zijn reactie naar informatievergaring via burgers en sociale

media en andere inlichtingenmethoden, zonder concreet aan te geven welke bijzondere opsporingshandelingen volgens hem een wettelijke basis missen.


Tijdsdruk en wettelijke waarborgen
NDP-fractieleider Rabin Parmessar benadrukte dat de wijziging van het Wetboek van Strafvordering onderdeel is van de AML-wetgeving die Suriname onder grote tijdsdruk moet afhandelen. Tegelijkertijd vroeg hij om duidelijke grenzen bij digitaal onderzoek, bescherming van gegevens van derden en strengere controle op gecontroleerde aflevering. Ook de rechten van de verdediging bij het horen van bedreigde getuigen verdienen volgens hem betere waarborgen.

VHP-fractieleider Asis Gajadien waarschuwde dat nieuwe opsporingsbevoegdheden diep kunnen ingrijpen in het privéleven van burgers en de bedrijfsvoering van ondernemers. Hij pleitte voor een duidelijke afbakening van digitaal onderzoek, aanvullende rechterlijke toetsing en bescherming van vertrouwelijke gegevens. Ook moet worden geregeld wie verantwoordelijk is wanneer opsporingsdiensten hun bevoegdheden overschrijden.


Politiecapaciteit nog onvoldoende
Een ander knelpunt is de uitvoerbaarheid van de wet. Verschillende Assembleeleden verwezen naar de
beantwoording van de minister, waaruit volgens hen blijkt dat de technische en operationele capaciteit nog niet volledig is afgestemd op de nieuwe bevoegdheden. Het ontwerp voorziet volgens de sprekers in inwerkingtreding kort na afkondiging. Tegelijkertijd moeten opleidingen, technische voorzieningen en uitvoeringsregels nog verder worden ontwikkeld.

Daarom werd onder meer voorgesteld om de wet gefaseerd in werking te laten treden. De meest ingrijpende bevoegdheden zouden dan pas mogen worden toegepast wanneer de noodzakelijke voorzieningen en controles daadwerkelijk beschikbaar zijn. Ook werd gevraagd hoeveel de uitvoering de Staat gaat kosten en binnen welke termijn de benodigde capaciteit kan worden opgebouwd.

| starnieuws | Door: Redactie