• maandag 14 September 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Column: Wie de chokepoints controleert, controleert de wereldeconomie

Column: Wie de chokepoints controleert, controleert de wereldeconomie

| starnieuws | Door: Redactie


De val van Mocha en het strategische eiland Mayyun (Perim) in Jemen is meer dan een militaire overwinning van de Houthi's. Het is een geopolitieke aardverschuiving die de fragiele architectuur van de mondiale handel en veiligheid genadeloos blootlegt. Met de volledige controle over de Jemenitische Rode Zee-kust, op slechts twintig kilometer van de Afrikaanse kust, houden de Houthi's nu de vinger op de pols van Bab al-Mandeb — een slagader waardoor ongeveer twaalf procent van de wereldhandel stroomt, waaronder elf procent
van het maritieme olievervoer en acht procent van het vloeibaar aardgas.

Laat ons eerlijk zijn: de verzekering van Houthi-politbureaulid Hazem al-Assad dat de scheepvaart "veilig en ordelijk" blijft, is een rhetorische geruststelling die geen enkele rederij serieus neemt. De cijfers van IMF PortWatch spreken boekdelen: een daling van vijftig tot vijfenvijftig procent in scheepvaartvolume door de Rode Zee tussen 2023 en 2025. Grote rederijen kiezen massaal voor Kaap de Goede Hoop, wat meer dan twintig extra transito-dagen en stijgende vrachtkosten betekent. De wereldhandel betaalt de rekening voor een conflict dat zich afspeelt in een van de armste landen ter wereld.

En dan is er nog de claim van Teheran dat de Houthi's een "onafhankelijke groep" zouden zijn. Kijk naar de kaart. Iran houdt de Straat van Hormuz in de tang, waar voor de oorlog tegen Iran ongeveer een vijfde van de wereldwijde energievoorziening doorheen ging. Tegelijk controleren de
Houthi's, bewapend en gefinancierd door datzelfde Iran, nu Bab al-Mandeb. Twee van de drie grote maritieme chokepoints voor energie en handel vallen zo in handen van één as. Dat is geen toeval. Dat is een strategie. De vraag is niet of de Houthi's onafhankelijk zijn; de vraag is waarom het Westen die fictie blijft geloven.

Egypte, dat via het Suezkanaal jaarlijks miljarden aan deviezen verdient, verloor tussen 2023 en 2024 ongeveer zeven miljard dollar — zestig procent van de kanaalopbrengsten. Toch koos Caïro voor strategische terughoudendheid. Egypte hanteert sinds de Golfinterventie in 2015 een vaste positie van afzijdigheid. Dat is geen zwakte, maar een pijnlijke rekening: een land dat worstelt met economische crises kan zich geen nieuw avontuur in Jemen permitteren. De paradox is wrang. Egypte verliest geld, maar durft niet in te grijpen omdat het de militaire en economische prijs niet kan dragen.

De gevolgen voor de
Afrikaanse kust zijn al even ingrijpend. Sudan en Somalië kampen met veiligheidsrisico's, terwijl Eritrea en Djibouti juist strategische hefboomwerking verwerven. Eritrea's president Isaias Afwerki, die jarenlang internationale isolatie omarmde, gebruikt zijn positie aan de Rode Zee nu om banden met Washington en Tel Aviv aan te halen. Het is geopolitiek opportunisme in zijn puurste vorm.

Bab al-Mandeb is smaller dan de Straat van Hormuz, wat het voor de Houthi's eenvoudiger maakt om schepen tot doelwit te maken. Een video van een Houthi-commandant die zegt dat artillerie kan worden opgesteld om doelen in de wateren voor Jemen te treffen, illustreert hoe concreet die dreiging is. 

Nog zorgwekkender is dat de verschuiving van maritieme middelen naar Bab al-Mandeb en Hormuz tijdens de oorlog tegen Iran een veiligheidsvacuüm heeft gecreëerd voor de kust van de Hoorn van Afrika. Georganiseerde maritieme misdaadgroepen vullen dat vacuüm. De heropleving van piraterij voor de Somalische
kust wijst op een direct verband met die herverdeling van maritieme macht. Terwijl de grote mogendheden hun schepen naar het noorden verplaatsen, betalen Somalische en internationale zeelieden de prijs.

Wat zich in de Rode Zee afspeelt, is geen ver regionaal conflict. Het is een testcase voor de mondiale orde, en de gevolgen reiken tot in Rotterdam. De haven van Rotterdam is de grootste van Europa en een van de belangrijkste schakels in de wereldwijde containerketen. Als rederijen massaal omvaren via Kaap de Goede Hoop, stijgen de vrachtkosten, vertragen de leveringen en wordt elke Europeaan dat gewaar aan de kassa. De Europese energieprijzen zijn al gevoelig voor elke verstoring in de Rode Zee. En de NAVO-marina's die in de regio opereren, opereren onder mandaten die niet zijn toegesneden op de huidige dreiging.

De Europese Unie heeft de middelen, de marines en de economische belangen. Wat ontbreekt, is de politieke
wil om de mandaten bij te sturen en gezamenlijk op te treden. Operatie Atalanta is een begin, maar zonder uitbreiding van het mandaat is het een schild zonder zwaard.

De implicaties zijn verreikend. Wereldwijde toeleveringsketens worden kwetsbaarder. Vrachtkosten stijgen, wat uiteindelijk wordt doorgerekend aan consumenten. Landen die afhankelijk zijn van Suezkanaal-inkomsten, zoals Egypte, worden economisch uitgehold. En het multilaterale systeem dat maritieme veiligheid moet garanderen, blijkt niet in staat om snel en daadkrachtig te reageren.

De les is duidelijk: wie de chokepoints controleert, controleert de wereldeconomie. De Houthi's hebben dat begrepen. Iran heeft dat begrepen. Of de internationale gemeenschap het ook begrijpt, valt nog te bezien. Tot nu toe wijst alles erop dat zij vooral toekijkt — en rekent op  Kaap de Goede Hoop.

Dat is geen strategie. Dat is een uitstel van rekening.


Indra Toelsie

| starnieuws | Door: Redactie