• dinsdag 15 September 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Column: Het ruikt fishy

Column: Het ruikt fishy

| starnieuws | Door: Redactie

Wie vrijdag naar de waarnemend president van Venezuela, Delcy Rodríguez, luisterde, hoefde geen ingewikkelde vertaalslag te maken. Zij sprak over 200 vissers uit Nueva Esparta en Sucre die “nu hun vergunning zullen krijgen” om te vissen in een door Suriname voorziene Atlantische corridor. Het werd in het Spaans gezegd én vertaald, in aanwezigheid van de regeringsautoriteiten. Kennelijk ging bij niemand een lichtje branden dat zo'n mededeling commotie veroorzaakte in de sector. 

Dat is opmerkelijk. Visvergunningen zijn immers geen onschuldig administratief onderwerp.

Suriname en Guyana hebben elkaar hierover de afgelopen jaren publiekelijk voor rotte vis uitgemaakt. De kwestie leidde zelfs tot diplomatieke spanningen en politieke verwijten. Juist daarom had de regering vanaf het begin glashelder moeten uitleggen wat met Venezuela is afgesproken. Dat gebeurde niet.


Pas nadat de uitspraak van Rodríguez was gepubliceerd in Starnieuws en commotie ontstond, kwam het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij met een uitvoerige uitleg. Er zouden geen 200 nieuwe Venezolaanse vissersboten bijkomen. Het gaat om vaartuigen die al jarenlang in Surinaamse wateren illegaal actief zijn. Maar waarom is dat niet meteen verteld?


De bilaterale visserijovereenkomst dateerde uit 2007 en was sindsdien niet vernieuwd. Directeur Visserij Parveen Amritpersad bevestigde dat daardoor de actuele bilaterale juridische basis ontbrak die vereist is om buitenlandse vissersvaartuigen toegang te geven tot Surinaamse wateren. We hebben het over negentien jaar!

Na de overeenkomst uit 2007 kwamen verschillende regeringen en presidenten. Venetiaan III, Bouterse

I, Bouterse II en Santokhi: geen van deze regeringen heeft de bilaterale overeenkomst vernieuwd. Ook Venezuela heeft onvoldoende werk ervan gemaakt. Intussen ging de visserij gewoon door. Onder de nationale regelgeving werden vergunningen verstrekt via Surinaamse verwerkingsbedrijven die contracten hadden met de Venezolaanse vaartuigen. Maar de vereiste bilaterale overeenkomst was verlopen.


Vervallen is vervallen. Wie met een verlopen rijbewijs rijdt, kan bij controle ook niet volstaan met de mededeling dat hij ooit een geldig rijbewijs heeft gehad. Sterker nog: De Europese Unie heeft Suriname op het ontbreken van de juridische basis gewezen en aanbevolen dit probleem op korte termijn op te lossen. De nieuwe overeenkomst is dus niet zomaar een formaliteit. Zij repareert een situatie die negentien jaar heeft voortgeduurd. 

Wie veroorzaakte de verwarring? Rodríguez deed haar uitspraak niet in een wandelgang. Zij sprak als waarnemend staatshoofd tijdens een officieel bezoek. Als haar formulering een verkeerde indruk wekte, had de

regering onmiddellijk kunnen verduidelijken: Het gaat niet om 200 nieuwe vaartuigen, maar om een bestaande visserijrelatie waarvoor de bilaterale overeenkomst uit 2007 wordt vernieuwd. Dan was er nauwelijks een probleem geweest.


In plaats daarvan kwam de uitleg nadat de woorden van Rodríguez waren gepubliceerd. Vervolgens werd in de overheidscommunicatie verwezen naar “recente berichtgeving”, waardoor gemakkelijk de indruk ontstond dat er verkeerde informatie was verspreid via Starnieuws. 
Dat is niet terecht. Wie de woorden van Rodríguez correct heeft weergegeven, heeft geen verkeerde informatie geproduceerd. Als haar uitspraak onvolledig of ongelukkig was, lag het bij de aanwezige Surinaamse autoriteiten om die onmiddellijk te verduidelijken.

De regering en haar voorlichting moeten daarom de hand in eigen boezem steken. Bij een gevoelige overeenkomst hoort transparantie. Hoeveel vaartuigen betreft het? Welke vergunningen krijgen zij? Waar mogen zij vissen? Welke voorwaarden gelden? En waarom moest na negentien jaar een verlopen bilaterale regeling worden gerepareerd?

Het

achteraf wekken van de indruk dat de commotie door berichtgeving is veroorzaakt, terwijl een duidelijke officiële uitleg vooraf ontbrak, is hypocriet. Het is goed dat na negentien jaar eindelijk orde op zaken wordt gesteld. Maar openheid moet niet pas komen wanneer er commotie ontstaat. Bij visserij moet de vangst traceerbaar zijn. Voor overheidsinformatie zou hetzelfde moeten gelden: wat is afgesproken, waar komt de informatie vandaan en klopt die met wat publiekelijk wordt verteld? In dit geval moesten we dat achteraf uitvissen. En ja, dat ruikt behoorlijk fishy.


Nita Ramcharan

| starnieuws | Door: Redactie