
America First: 21e-eeuwse déjà vu
| starnieuws | Door: Redactie
Het nieuws dat dertig diplomaten, onder wie 29 Amerikaanse ambassadeurs – inclusief die in Suriname – zijn teruggeroepen, maakte mij nieuwsgierig naar de reden van deze maatregel. Carrièrediplomaten zijn doorgaans de meest
neutrale vertegenwoordigers van een land, dacht ik. Politiek benoemde ambassadeurs fungeren vaak als het mondstuk van hun regering in het buitenland. De Verenigde Staten (VS) hebben niet eerder zo’n groot aantal ambassadeurs tegelijk teruggeroepen. De reden ligt in het ‘America First’-beleid, zoals uitgewerkt in de National Security Strategy (NSS), een document dat in opdracht en met rechtstreekse interventie van president Donald Trump tot stand is gekomen en dateert van begin december 2025.Ik besloot het document te lezen en raakte al snel verwikkeld in een ongedwongen brainstorm. Bij de derde pagina kreeg ik de geur van de Monroe-doctrine in de neus.
Deze doctrine uit 1823, van president James Monroe, was kort gezegd gericht op het indammen van kolonisatie en inmenging door Europa in Zuid- en Noord-Amerika, en op de bevestiging van de Amerikaanse bezitsdrang in het westelijk halfrond. Wat men bezit, verdedigt men immers het best.President Theodore Roosevelt introduceerde in 1904 de Roosevelt Corollary, een defensievere uitwerking van Monroe, die bekend werd als de Big Stick, omdat zij militair ingrijpen legitimeerde. Indien onafhankelijke staten in het westelijk halfrond daden pleegden die agressie uitlokten, zou de VS interveniëren om de regionale rust te waarborgen. Suriname was toen nog Nederlands grondgebied.Venezuela was in 1902 het toneel van een burgeroorlog. Enkele Europese landen, waaronder Duitsland en Groot-Brittannië, eisten financiële compensatie voor schade die hun onderdanen tijdens de oorlog hadden geleden. Venezuela rekende op de VS om eventuele Europese agressie te pareren, in lijn met de Monroe-doctrine, maar die steun bleef uit. Het land werd getroffen door een maritieme blokkade door Duitsland, Groot-Brittannië en Italië. Het Permanent Hof van Arbitrage besloot dat deze drie Europese landen bij voorrang moesten worden gecompenseerd. In de ogen van president Roosevelt moedigde dit Europese aanwezigheid in het westelijk halfrond aan en vormde het mede de aanleiding voor de Roosevelt Corollary.In de NSS introduceert president Trump op pagina vijftien de ‘Trump Corollary to the Monroe Doctrine’, een uitwerking die gericht is op het herstel van Amerikaanse veiligheidsbelangen in het westelijk halfrond. Er moet een voor de VS aantrekkelijk investeringsklimaat worden gecreëerd door toepassing van commerciële diplomatie en het aanmoedigen van partnerschappen met de VS. Partnerschappen met landen buiten het westelijk halfrond worden ontmoedigd. De Trump Corollary is gericht op het herstel van Amerikaanse macht en prioriteiten in onder meer Zuid-Amerika en het Caribisch gebied, in overeenstemming met de veiligheidsbelangen van de VS.Volgens de NSS ligt bij bestaande vrienden van de VS in het westelijk halfrond de nadruk op het bestrijden van illegale migratie, het indammen van drugstransporten en -kartels, het versterken van stabiliteit op land en ter zee, de bevordering van lokale markten van partners en het ondersteunen van regeringen en politieke partijen die zich inzetten voor de doelen van de Trump Corollary.In de NSS is ook de legitimering van militaire aanwezigheid van de VS in het westelijk halfrond aangepast, met vier zogenoemde vanzelfsprekende punten. Daaronder vallen een passende kustwacht- en maritieme aanwezigheid ter bestrijding van illegale migratie en drugstransporten, evenals het beheersen van sleutelroutes in tijden van crisis. Volgens mediaberichten bevinden zich momenteel meer dan 10.000 Amerikaanse militairen in het gebied rond de Caribische Zee.Inmiddels is het Amerikaanse leger sinds november 2025 zichtbaar actief in het luchtruim van Venezuela, dat de kwestie bij de Verenigde Naties heeft aangekaart als een schending van zijn staatssoevereiniteit. Luchtaanvallen op schepen met bemanning en zelfs olietankers, bedoeld om drugstransporten te blokkeren, treffen de Venezolaanse economie rechtstreeks. Terwijl de klacht bij de VN loopt, heeft de VS op 3 januari 2026 gerichte militaire luchtaanvallen op land uitgevoerd, en ging het flitsbericht over de gevangenneming van president Maduro de wereld rond.Volgens de VS zijn de Venezolaanse president en Venezolaanse burgers betrokken bij internationale drugstransporten. Indien president Maduro daadwerkelijk op eigen grondgebied door Amerikanen is gearresteerd, wacht hem een strafproces in de VS. Rond 1 januari 2026 had Maduro publiekelijk verklaard dat hij geen vijandschap met de VS wenste en openstond voor onderhandelingen over een verdrag tussen Venezuela en de VS inzake de bestrijding van grensoverschrijdende drugshandel.Gelet op de dynamiek van de recente ontwikkelingen in het Venezuela-VS-dispuut en het Handvest van de Verenigde Naties, zou de rechtmatigheid van de luchtaanvallen kunnen worden aangemerkt als een ongeoorloofde inbreuk op de soevereiniteit. In dat geval zou het vredeshandhavingsmechanisme van de VN in werking kunnen worden gesteld, ware het niet dat daarvoor de Veiligheidsraad snel tot actie moet overgaan en de VS als permanent lid haar vetorecht waarschijnlijk verlammend zal inzetten. Een onderwerp voor mijn volgende bijdrage.Is de Caribische Zee nu het podium van een Amerikaanse invasie? Staat de door de Trump Corollary gelegitimeerde militaire aanwezigheid in onze regio op gespannen voet met het non-interventiebeginsel dat soevereine staten in acht dienen te nemen? Dreigt opnieuw een Amerikaanse militaire interventie, zoals in de Dominicaanse Republiek (1965) en Nicaragua (1983), om het leiderschap van een ander land ten val te brengen? En wat zullen de stappen zijn van de internationale gemeenschap?Een miasma van vragen, met een sterke geur uit het verleden, waarover wij in soeverein Suriname eveneens moeten nadenken.Het dertig pagina’s tellende NSS, een nationaal document, zet de koers uit voor de komende diplomatie van de VS ten opzichte van de rest van de wereld. Voor onze regio is het van groot belang de regionale cohesie binnen organisaties als CARICOM te versterken en onbevreesd, via eigen buitenlands beleid, partnerschappen aan te gaan met anderen dan de VS. We zijn immers al meer dan een eeuw voorbij de Monroe-doctrine.
De commerciële diplomatie die in de NSS wordt bevorderd, zal meer moeten betekenen dan monopolistische deals, zeker met het oog op vrijheid in partnerschappen rond de offshore- en onshore-bodemschatten van ons land. Naar mijn mening kan commerciële diplomatie met de VS, losgekoppeld van militaire aanwezigheid en juist afgestemd op onze buitenlandse handelsstrategie, zelfs gunstig zijn voor Suriname. Met een dampkap van bedachtzaamheid zal Suriname de nieuwe diplomatieke wind uit de VS tegemoet treden.
Aashna Kanhai
| starnieuws | Door: Redactie



































