• zondag 22 February 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Suriname viert 50 jaar VN-lidmaatschap met Tree Planting Ceremony

Ingediend door admin op

Op donderdag 4 december 2025 heeft het Directoraat Internationale Samenwerking van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking een Tree Planting Ceremony georganiseeerd in het kader van het vijftigjarig Verenigde Naties-lidmaatschap van de Republiek Suriname en de Green Development Strategie. Dit gebeurde in samenwerking met de UN Head of Resident Coordinator Office, Jessica Chandnani en Anwar Moenne van het directoraat Openbaar Groen en Afvalbeheer van het Ministerie van Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening. De ceremonie werd gehouden aan de Desiré Delano Bouterse Highway.

Directeur Bradley benadrukte dat Suriname vijftig jaar geleden een belangrijke stap zette door zich aan

te sluiten bij de Verenigde Naties. Zij stelde dat dit lidmaatschap nationale prioriteiten heeft bevorderd, partnerschappen heeft mogelijk gemaakt en expertise en middelen heeft opgeleverd om economische-, sociale- en ecologische vooruitgang te realiseren. “Wij hebben gekozen voor een duurzaam en groen symbool, passend bij onze carbon-negatieve status. Vijftig bomen, één voor elk jaar van ons lidmaatschap, zijn een geschenk aan de jeugd en zullen na enkele decennia hun volle klimaatwaarde bereiken.”

Jessica Chandnani onderstreepte de historische band tussen Suriname en de Verenigde Naties. “Sinds 4 december 1975, toen de Surinaamse vlag werd gehesen op het VN-hoofdkwartier, bestaat er een nauwe band

tussen Suriname en de VN. Dit project is een symbolisch en mooi geschenk voor de toekomst.

Anwar Moenne stelde dat zijn ministerie en directoraat elk positief project ondersteunen. “Alle bomen die we planten, zijn groene monumenten”, benadrukte hij.

Suriname werd op 4 december 1975 officieel toegelaten als 144e lidstaat van de Verenigde Naties, slechts enkele dagen na het verkrijgen van de onafhankelijkheid op 25 november 1975. Gedurende de afgelopen vijftig jaar heeft Suriname zich ontwikkeld tot een actief en constructief lid binnen het multilateraal systeem, met inzet voor thema’s zoals klimaat en milieu, de ontwikkeling van Small Island Developing States, duurzame ontwikkeling en implementatie van de SDG’s, mensenrechten en internationale samenwerking, en vredesopbouw en multilaterale diplomatie. Suriname wordt internationaal erkend als één van de groenste landen ter wereld, met een bosbedekking van ruim 93 procent en structureel negatieve CO₂-uitstoot, hetgeen het land een prominente stem geeft in mondiale klimaatonderhandelingen.

Het vijftigjarig jubileum valt samen met het tachtigjarig bestaan van de Verenigde Naties en wordt gezien als een kans om lopende en toekomstige samenwerkingsprojecten te verdiepen, partnerschappen te versterken en de ambities van Suriname op het gebied van duurzame ontwikkeling te bevestigen.

Oriëntatiebezoek TCT aan ICT-centra in Marowijne

Ingediend door admin op

Paramaribo, 15 december 2025Het Ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT) heeft op zaterdag 13 december2025 tijdens een oriëntatiebezoek aan het district Marowijne poolshoogte genomen bij hetvrijwel afgeronde ICT-centrum in Moengo. De delegatie bestaande uit de heer Louis Alfaisie,waarnemend directeur Communicatie, en mevrouw Inez Niamat, waarnemend onderdirecteurCommunicatie, heeft zich daarna georiënteerd op de locatie in Albina die is gereserveerd voor debouw van een identiek centrum.Deze centra maken deel uit van een plan van het ministerie om het binnenland digitaal teontsluiten, als onderdeel van een bredere visie van de regering dat iedereen in Suriname toegangmoet hebben tot basale ICT-faciliteiten en

gepaste trainingen. Door het opzetten van ICT-centrain onder meer Brokopondo, Marowijne, Para en Sipaliwini worden concrete mogelijkhedengecreëerd voor lokale gemeenschappen om toegang te krijgen tot online lessen, ICT-trainingenen digitale vaardigheden die steeds belangrijker worden in de hedendaagse samenleving.Het doel van het bezoek van zaterdag was om zich nader te informeren over de voortgang van deontwikkeling van de ICT-centra in het district en met de districtscommissarissen van gedachtente wisselen over het toekomstig beheer daarvan.De delegatie heeft bij het bezoek aan Moengo kort onderhoud gehad met districtscommissarisClyde Hunswijk van Marowijne, bestuursressort Zuidwest. Hij begeleidde daarna de delegatienaar het ICT-centrum op steenworp afstand
van het commissariaat. De districtscommissaris gafaan verheugd te zijn over het voornemen van de regering om ICT-faciliteiten naar het district tebrengen en deze laagdrempelig beschikbaar te maken voor de lokale gemeenschap. Tegelijkertijduitte hij zijn zorgen over de uitdagingen die internetgebruik met zich kan meebrengen voor deopvoeding van kinderen.De heer Alfaisie stelde hem gerust dat goed beheer van het centrum en adequate begeleidingessentieel zullen zijn om kinderen en jongeren op een verantwoorde manier gebruik te latenmaken van de faciliteiten. In dit kader werden ideeën uitgewisseld over het toekomstige beheervan het centrum, waaronder de organisatie- en beheerstructuur, de rol van lokale partners en deinzet van personeel en middelen.Aansluitend bracht de delegatie een bezoek aan Albina, waar zij werd ontvangen doordistrictscommissaris Marvin Vijent van Marowijne, bestuursressort Noordoost, in aanwezigheidvan bestuursambtenaren en de plaatselijke buurtmanager. De districtscommissaris gaf eentoelichting op de omvang van zijn bestuursressort, de bevolkingsdichtheid en de grote behoefteaan ICT-faciliteiten. Hij sprak zijn steun uit voor het initiatief en liet de delegatie het perceel ziendat is gereserveerd voor de bouw van het ICT-centrum in Albina.Het commissariaat van Albina gaf daarbij aan bereid te zijn tot nauwe samenwerking met hetministerie, met name ten behoeve van de verbetering van de internetconnectiviteit in Albina enomgeving. Volgens districtscommissaris Vijent kan een lokaal ICT-centrum van grote waardezijn voor schoolkinderen, jongeren, volwassenen en ondernemende burgers.Het project omvat in totaal negen ICT-centra, verspreid over de districten Brokopondo,Sipaliwini, Para en Marowijne. Van deze centra zijn er reeds drie in aanbouw. Het streven vanhet ministerie is om het ICT-centrum in Moengo in de eerste helft van 2026 in gebruik te nemen.

AfdelingVoorlichting

Vakvereniging Wetenschappelijk Personeel Universiteit in dialoog met president

Ingediend door admin op

De Vakvereniging Wetenschappelijk Personeel van de Anton de Kom Universiteit van Suriname (VWPU), is positief gestemd na een constructief onderhoud met president Jennifer Simons. Tijdens een gesprek op woensdag 17 december 2025 op het Kabinet van de President zijn de knelpunten binnen het hoger onderwijs besproken en is er een concreet tijdspad uitgezet voor structurele oplossingen.

Na een periode van rust in de communicatie zijn de vakvereniging en de regering weer ‘on speaking terms’. De delegatie van de VWPU werd geleid door Aroenprekash Badal, algemeen docent bij de Faculteit der Wis- en Natuurkundige Wetenschappen en tevens richtingscoördinator voor de afdeling

Natuurkunde.

Het onderhoud is door beide partijen als aangenaam ervaren. “We zijn zeer goed ontvangen door de president”, aldus VWPU-voorzitter Badal. President Simons maakte van de gelegenheid gebruik om de huidige sociaaleconomische uitdagingen van het land uiteen te zetten. De vertegenwoordigers van de vakvereniging hebben op hun beurt de specifieke problemen waar het wetenschappelijk personeel mee te kampen heeft, onder de aandacht gebracht.

President Simons heeft de organisatie gevraagd om op korte termijn met een concreet voorstel te komen. Het doel is om uiterlijk eind maart 2026 tot een definitieve oplossing te komen voor de huidige pijnpunten. De vertegenwoordigers van de VWPU

zullen over de resultaten van dit gesprek en het voorstel van de president terugkoppelen met hun leden. Aangezien de vereniging intern al gesprekken heeft gevoerd, wordt verwacht dat er spoedig een reactie richting de regering komt.

SITA lanceert Surinames Linkages and Supplier Development Program

Ingediend door admin op

De Suriname Investment and Trade Agency (SITA), een werkarm van het ministerie van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking (BIS), gaf tijdens een Business Breakfast het officiële startsein voor Suriname’s Linkages and Supplier Development Program. Dit programma sluit nauw aan op de nationale Local Content Agenda en werd op dinsdag 9 december 2025 gelanceerd.

Het evenement bracht CEO’s, directeuren, lokale leveranciers en internationale partners samen om kansen en knelpunten in de waardeketen te identificeren en verbindingen te versterken tussen grote afnemers en Surinaamse bedrijven.

Tijdens zijn toespraak onderstreepte SITA-directeur, Amar Alakhramsing, dat SITA zich niet alleen richt op het aantrekken van

investeringen, maar ook op het vergroten van lokale participatie en brede economische groei. “Onze rol gaat verder dan het aantrekken van investeringen. Wij hebben de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat Surinaamse bedrijven daadwerkelijk kunnen participeren en profiteren. Het bouwen van bruggen tussen buitenlandse investeerders en lokale ondernemers staat daarbij centraal.

Een centraal onderdeel van het programma was de paneldiscussie “Local Content and the Impact of Local Linkages”, waarbij ook de Local Content Board vertegenwoordigd was. De panelleden benadrukten het belang van samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen.

SITA lanceerde tevens de nationale Local Linkages Survey, waarvan de resultaten gebruikt worden om

een gericht Supplier Development Program te ontwikkelen. Dit programma zal lokale bedrijven ondersteunen bij het versterken van hun capaciteiten, kwaliteit en concurrentiekracht om aan de eisen van grote lokale en internationale afnemers te voldoen.

Het initiatief vraagt om een ecosysteemaanpak, met aandacht voor marktgerichte standaarden, transparantie in de waardeketen, institutionele coördinatie en sterke verbindingen tussen kopers en leveranciers. Het evenement werd afgesloten met een netwerkmoment, waarin deelnemers nieuwe contacten konden leggen, samenwerkingsmogelijkheden verkennen en vervolgstappen bespreken voor de verdere uitwerking van Suriname’s Local Content Agenda.

Samson verwacht niet dat Simons zich beschikbaar zal stellen voor tweede presidentstermijn

Ingediend door admin op

Econoom en politiek analist Guillermo Samson verwacht niet dat de 72-jarige Jennifer Geerlings-Simons in 2030 opnieuw een gooi zal doen naar het presidentschap van Suriname namens de NDP.

Gezien haar leeftijd stelt Samson dat er geluiden zijn dat Melvin Bouva zal worden voorgeschoven als eerstvolgende presidentskandidaat en Sergio Akiemboto als vicepresidentskandidaat.

(adsbygoogle = window.adsbygoogle || []).push({});

“Boze tongen beweren dat zij niet terugkomt, omdat ze dan te oud zou zijn. Ondertussen beweren die boze tongen dat meneer Bouva is aangewezen om presidentskandidaat te worden en dat Akiemboto vicepresident wordt”, zei Samson in

een interview op radio Tamara.

Het is geen geheim dat Ashwin Adhin, huidige voorzitter van De Nationale Assemblee (DNA), oud-vicepresident en oud-onderwijsminister, ook ambities heeft voor het presidentschap. Dat was ook zijn streven bij de afgelopen verkiezingen, maar na de verkiezingsresultaten besloot de paarse partij uiteindelijk voorzitter Simons voor te dragen voor deze hoogste politieke functie.

Samson stelt dat Adhin heeft teleurgesteld door zich neer te leggen bij dit besluit van de NDP. “Die heeft zich maar neergelegd bij Jenny Simons. Het is verschrikkelijk. Hij is nooit opgekomen. Dat rommeltje. Hij zit in het parlement, is vaker op reis en doet wat

anders. Dus ook om dat kan ik zeggen dat Ashwin Adhin geen kandidaat is om het land over te nemen.

Ik ben bang dat we hopeloos verloren zijn in Suriname. De grote vraag is nu: wie gaat overnemen en hoe verder? Want het ziet er echt niet goed uit zoals dat nu toegaat”, aldus Samson.

VS STELT NIEUWE INREISBEPERKINGEN IN VOOR MEERDERE CARICOM-LANDEN

Ingediend door admin op

Foto: president Donald Trump.

De Verenigde Staten voeren per 1 januari 2026 nieuwe inreisbeperkingen in voor burgers uit onder meer Antigua en Barbuda, Dominica en Haïti. Dat heeft president Donald Trump dinsdag bekendgemaakt.

De maatregel raakt verschillende landen binnen de Caribische Gemeenschap (CARICOM) en maakt deel uit van een breder pakket aan aangescherpte immigratie- en veiligheidsmaatregelen.

Volgens Trump bouwt het besluit voort op het beleid uit zijn eerste ambtstermijn, waarin de toegang tot de VS voor bepaalde buitenlandse nationals werd beperkt om risico’s voor de nationale veiligheid en de openbare orde te verkleinen. Deze aanpak werd destijds door het Amerikaanse Hooggerechtshof bevestigd en

is in januari 2025 opnieuw vastgelegd via een presidentieel decreet.

In zijn toelichting stelt Trump dat het beleid erop gericht is de Verenigde Staten te beschermen tegen personen die terroristische aanslagen willen plegen, de nationale veiligheid bedreigen, haatmisdrijven aanwakkeren of misbruik maken van immigratieregels.

Eerdere proclamaties verplichtten landen met tekortschietende screening- en verificatiesystemen tot overleg met de Amerikaanse overheid om hun procedures aan te scherpen. Volgens de president hebben veel van deze landen, ondanks deze gesprekken, onvoldoende vooruitgang geboekt.

Bijzondere aandacht gaat uit naar landen die zogenoemde Citizenship by Investment-programma’s (CBI) aanbieden zonder verplichte verblijfsduur. Onder deze regelingen, die onder meer in Antigua

en Barbuda en Dominica bestaan, kunnen buitenlandse investeerders het staatsburgerschap verkrijgen in ruil voor een substantiële investering. Trump stelt dat dergelijke programma’s de Amerikaanse screening- en verificatieprocessen onder druk zetten en het risico vergroten dat personen hun identiteit of achtergrond verhullen.

Op basis van het nieuwe besluit wordt de toegang tot de VS voor burgers van Antigua en Barbuda en Dominica als immigranten en voor diverse categorieën niet-immigrantenvisa, waaronder B-1, B-2, F, M en J, opgeschort. Voor andere niet-immigrantenvisa zal de geldigheidsduur worden verkort, voor zover de wet dat toestaat.

Daarnaast heeft Trump aangegeven dat burgers uit Afghanistan, Myanmar, Tsjaad, de Republiek Congo, Equatoriaal-Guinea, Eritrea, Haïti, Iran, Libië, Somalië, Soedan en Jemen volledig worden beperkt in hun toegang tot de VS. Voor Angola, Antigua en Barbuda, Benin, Ivoorkust, Dominica, Gabon, Gambia, Malawi, Mauritanië, Nigeria, Senegal, Tanzania, Tonga, Zambia en Zimbabwe gelden gedeeltelijke beperkingen.

UNITEDNEWS

 

“Schoolvoedingsprogramma is in het belang van elk kind”

Ingediend door admin op

Het recentelijk door de regering opnieuw opgestarte schoolvoedingsprogramma, is in het belang van elk kind. Zo laat Mireille Cramer, voorzitter van de presidentiële werkgroep Schoolvoedingsproject, doorschemeren in gesprek met de Communicatie Dienst Suriname (CDS). Het programma is op maandag 8 december jongstleden hervat, na een tijdelijke onderbreking vanwege evaluatie en een openbare aanbesteding. Het houdt in dat dagelijks ruim 15.000 leerlingen van een belegd brood worden voorzien.

Hiermee houdt de regering zich aan haar woord, namelijk dat voorkomen moet worden dat kinderen met een lege maag naar school gaan. Voorzitter Cramer merkt op dat president Simons in haar jaarrede duidelijk

heeft aangegeven dat elk kind te eten moet hebben en naar school moet kunnen. ‘’Honger mag geen belemmering zijn voor goed onderwijs’’, aldus Cramer. Voor de komende week staan evaluatiemomenten gepland met alle betrokken actoren om het verloop te beoordelen. Het schoolvoedingproject loopt tot augustus 2026, waarna de werkgroep samen met president Simons zal evalueren.

In de meeste districten ontvangen de leerlingen een belegd brood, terwijl kinderen in Sipaliwini voorzien worden van een warme maaltijd. Cramer licht toe dat het project is gestart met de installatie van een aanbestedingscommissie, die het proces heeft begeleid. Uit een totaal van 30 ondernemers c.q.

bedrijven zijn vervolgens zes inschrijvers geselecteerd om het project uit te voeren. De voorzitter benadrukt dat de presidentiële werkgroep, bestaande uit acht personen van verschillende ministeries, toezicht houdt om een correcte en doelgerichte uitvoering van het project te waarborgen.

Cramer legt verder uit dat het aantal scholen in kavels is verdeeld en dat de zes ondernemingen aan wie het werk is gegund één of meerdere kavels voor hun rekening hebben. Ook de verpakking van de broden moet aan specifieke eisen voldoen. Cramer geeft aan dat het gaat om brood met beleg zoals pindakaas, smeerkas of jam. De broden worden in ziplockzakjes verpakt om de hygiëne te waarborgen. Volgens de voorzitter zullen de districtscommissarissen binnenkort worden betrokken om het project efficiënter uit te te voeren.

Tot slot geeft voorzitter Cramer aan dat scholen die nog niet in het project zijn opgenomen, zich bij de werkgroep kunnen registreren. Dit kan via het e-mailadres: [email protected]. De schoolleiders worden opgeroepen om zich tijdig te registreren, zodat de commissie een goed inzicht krijgt in hoe groot de behoefte precies is. Een mogelijke uitbreiding van het project is gepland voor maart 2026.

RO kiest voor sobere en bezinningsvolle jaarafsluiting

Ingediend door admin op

Het ministerie van Regionale Ontwikkeling (RO) sluit het jaar op sobere en bezinningsvolle wijze af. In plaats van een feestelijke activiteit ontvangen de actieve medewerkers een waardebon als blijk van waardering voor hun inzet.

Minister Miquella Huur geeft aan dat deze keuze voortvloeit uit de huidige situatie waarin het ministerie zich bevindt. RO kampt nog met een huisvestingsprobleem en werkt intensief aan een structurele oplossing hiervoor. Daarnaast zet het ministerie zich in om de diverse achterstanden binnen de organisatie in te lopen.

“Wij zitten in ons jubileumjaar, 50 jaar Srefidensi, maar als ministerie voelen wij ons nog niet volledig onafhankelijk wanneer we

kijken naar onze huisvesting,” aldus minister Huur. “Daarom kiezen wij voor een ingetogen afsluiting en richten wij ons op de doelen die voor ons liggen.”

Daarnaast zal het ministerie op gepaste wijze relatiegeschenken versturen naar haar zakenrelaties, waaronder ook pakketten voor de granmans, als waardering voor de samenwerking in de afgelopen maanden. “Het is belangrijk dat onze partners weten dat wij hun bijdrage waarderen en dat wij de samenwerking wensen voort te zetten,” benadrukt de minister.