• woensdag 04 June 2025
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Regering geeft ambtenaren SRD 1.500 in april en mei

Ingediend door admin op

De regering heeft besloten om ambtenaren en met hen gelijkgestelden in april en mei een netto-uitkering van SRD 1.500 toe te kennen. Deze tijdelijke verhoging is gebaseerd op zorgvuldige berekeningen en bedoeld als compensatie voor de inflatie van het afgelopen jaar, stelt de regering.

Michael Miskin, voorzitter van de Centrale van Landsdienaren Organisaties (CLO) laat namens Ravaksur Plus, aan Starnieuws weten dat dit besluit niet in overleg met de vakbeweging is genomen. De bonden pleiten voor een structurele salarisverhoging en wijzen een tijdelijke uitkering voor slechts twee maanden af. Eerder had de regering SRD 1.250 aangeboden aan Ravaksur. Dit

was resoluut afgewezen. Ravaksur heeft een loonsverhoging van 25% gevraagd. 

Onder leiding van president Chan Santokhi vond vandaag overleg plaats met Ravaksur Plus, vertegenwoordigd door de bondsvoorzitters Armand Zunder, Robby Berenstein, Michael Miskin, Reshma Mangre en Marcellino Nerkust. Tijdens het overleg is afgesproken dat de onderhandelingen worden voortgezet op donderdag 24 april. In de tussentijd heeft de overheid besloten de uitkering van SRD 1.500 door te voeren.

De gesprekken over loonsonderhandelingen vonden plaats op zaterdag 5 april en werden voortgezet op woensdag 9 april 2025. Ze werden gevoerd met het clusterteam van ministers onder leiding van minister Steven
Mac Andrew en het Onderhandelingsorgaan. Doel van het overleg is het vinden van een oplossing die zowel recht doet aan de belangen van het personeel als aan de stabiliteit van de nationale economie, aldus de Communicatiedienst Suriname.

"Wij hebben de regering de ruimte geboden om het aangeboden bedrag uit eigen verantwoordelijkheid uit te keren, zonder dat wij hiervoor enige verantwoordelijkheid dragen," stelt Miskin. "De regering zal SRD 1.500 uitbetalen aan ambtenaren. Gepensioneerden ontvangen 70% daarvan, wat neerkomt op SRD 1.050. De onderhandelingen worden na Pasen voortgezet."

De regering benadrukt het belang van een goede samenwerking met de vakbeweging en spreekt haar waardering uit voor de inzet van de bonden, hun leden, het bedrijfsleven en de samenleving. Volgens de regering draagt deze samenwerking bij aan het herstel en de verdere ontwikkeling van Suriname, dat sinds 2020 met aanzienlijke financiële uitdagingen kampt.

In totaal zullen ongeveer 91.000 personen profiteren van deze tijdelijke regeling, waaronder circa 33.000 gepensioneerden. Tijdens de onderhandelingen van 24 april zullen ook voorstellen met betrekking tot belastingverlichting worden besproken, met het oog op structurele verbeteringen in de arbeidsvoorwaarden van ambtenaren.

Regering komt ambtenaren en gelijkgestelden tegemoet

Ingediend door admin op

De regering onder leiding van president Chandrikapersad Santokhi, heeft een overleg gehad met de vakbonden aangesloten bij Ravaksur Plus, vertegenwoordigd door de bondsvoorzitters Armand Zunder, Robby Berenstein, Michael Miskin, Reshma Mangre en Marcellino Nerkust. Er is in dit gesprek op 12 april 2025, overeengekomen dat de onderhandelingen op donderdag 24 april worden hervat. Daarnaast heeft de overheid besloten dat aan de ambtenaren en haar gelijkgestelden een netto uitkering zal worden toegekend.

Tijdens constructieve gesprekken, gehouden op zaterdag 5 april en voortgezet op woensdag 9 april 2025, is in samenspraak met het clusterteam van ministers onder leiding van minister Steven Mac

Andrew en het Onderhandelingsorgaan onderhandeld over een oplossing die zowel het personeel als de nationale economie ten goede moet komen.

De regering erkent en waardeert de gezonde samenwerking met de vakbonden en bedankt hen, evenals hun leden, het bedrijfsleven en de samenleving, voor de voortdurende inzet en constructieve houding bij het vinden van gezamenlijke oplossingen. Deze samenwerking draagt bij aan het herstel en de verdere ontwikkeling van Suriname, die sinds 2020 met grote financiële uitdagingen te maken heeft gehad.

Alvorens de toekenning gedaan is geworden door de regering , heeft Ravaksur Plus de uitdagingen waarmee zij worden geconfronteerd en hun voorstellen kenbaar

gemaakt aan het staatshoofd. Om de ambtenaren en gelijkgestelden toch deze maand en in mei 2025 tegemoet te komen, heeft de regering besloten hen een netto bedrag van srd 1500 toe te kennen. Deze verhoging is het resultaat van zorgvuldige berekeningen en is bedoeld om de inflatie van het afgelopen jaar te compenseren.

Gepensioneerden zullen ook profiteren van deze uitkering door de regering en zullen 70% van het  bedrag ontvangen. In totaal zullen ongeveer 91.000 personen profiteren van deze maatregel, waaronder circa 33.000 gepensioneerden. Dit besluit is bedoeld als een tijdelijke tegemoetkoming, terwijl de onderhandelingen tussen de regering en de vakbonden worden voortgezet op donderdag 24 april 2025 met als doel structurele verbeteringen in de arbeidsvoorwaarden van ambtenaren te brengen. De voorstellen met betrekking tot de belasting verlichtende maatregelen zullen ook onderdeel zijn van de komende gesprekken. 

De regering spreekt haar vertrouwen uit dat deze stap zal bijdragen aan het creëren van meer draagvlak, rust en perspectief binnen de publieke sector, en benadrukt haar inzet voor duurzame economische groei en sociale rechtvaardigheid.

KABINET VAN DE PRESIDENT

Van Dijk-Silos: Vervanging Belfort niet op basis van 137 lid 3

Ingediend door admin op

Jurist Jennifer van Dijk-Silos is het niet eens met het standpunt van het Onafhankelijk Kiesbureau (OKB) dat op basis van artikel 137 lid 3 van de Kiesregeling de overleden kandidaat Edward Belfort
(lijst NDP) geschrapt kan worden. Volgens haar wordt er een redeneringsfout gemaakt. Het is het Centraal Hoofdstembureau (CHS) dat kan besluiten Belfort te schrappen, waarna een plaatsvervangende kandidaat zijn plaats inneemt. Van Dijk-Silos benadrukt dat Belfort wél van de lijst moet worden geschrapt, maar niet op basis van artikel 137 lid 3, aangezien dat artikel volgens de gewezen OKB-voorzitter handelt over de periode na de stemming.

“Wanneer we kijken naar de Kiesregeling, met name artikel 137, lid 2 en lid 3, dan is duidelijk dat het OKB zich baseert op een verkeerde interpretatie van deze bepalingen. Lid 2 stelt dat in
het geval van overlijden van een kandidaat vóór de stemming, of wanneer een gekozen kandidaat zijn verkiezing niet aanvaardt, of wanneer de in artikel 136, lid 1 genoemde termijn is verstreken, de voorzitter van het CHS de president en het OKB hiervan in kennis moet stellen,” stelt Van Dijk-Silos tegenover Starnieuws.

“Lid 3, waar het OKB naar mijn mening een interpretatiefout maakt, zegt vervolgens: Ter voorziening in de vacatures bedoeld in het vorige lid treedt, indien het de verkiezing van De Nationale Assemblee betreft, in de opengevallen plaats de eerstvolgende, niet gekozen kandidaat van de lijst waarop de plaats is opengevallen. Komen er op de lijst geen kandidaten meer voor, dan treedt in de opengevallen plaats de hoogstgeplaatste plaatsvervangende kandidaat.”

“Mijn punt is dat lid 3 uitsluitend betrekking heeft op de situatie ná de stemming. Dat blijkt uit het taalgebruik, met name het gebruik van de term ‘niet gekozen kandidaat’. Deze formulering impliceert dat de stemming reeds heeft plaatsgevonden — iemand is immers pas ‘niet gekozen’ nadat er gestemd is. In de huidige situatie heeft de stemming nog niet plaatsgevonden, de loting is nog niet verricht, en de kandidatenlijsten zijn nog niet definitief gedrukt. Er is dus nog niemand gekozen of niet gekozen.”

Volgens Van Dijk-Silos is artikel 137 lid 3 dan ook niet van toepassing. “Het OKB stelt ten onrechte dat de kandidaat die op nummer 51 staat automatisch doorschuift naar nummer 50, en dat op positie 51 een plaatsvervanger komt. Dat is een onjuiste toepassing van de bepaling. Wanneer een kandidaat vóór de stemming overlijdt, moet een andere procedure worden gevolgd. In dat geval zou de partij op basis van de schaduwkandidatenlijst een vervanger mogen voordragen. Die vervanger komt dan op de plaats van de overleden kandidaat. Deze heeft immers reeds het screeningsproces doorlopen, wat geen nieuwe complicaties zou moeten opleveren.”

Het CHS kan zich dus niet baseren op artikel 137 lid 3 om te bepalen wat er moet gebeuren bij overlijden vóór de verkiezingen, benadrukt Van Dijk-Silos. “Dit artikel handelt uitsluitend over situaties ná de verkiezingen en in het geval dat een overledene gekozen zou zijn. Het moet ook duidelijk zijn voor de samenleving dat het niet de taak is van het OKB om te bepalen wat er moet gebeuren. Het OKB kan hoogstens een advies uitbrengen. De beslissingsbevoegdheid ligt uiteindelijk bij het CHS.”

“Wat het CHS wel kan doen, is constateren dat de kandidatenlijst nog niet definitief is — want maandag vergadert het CHS nog. Pas na die vergadering zijn alle protesten behandeld en is de lijst definitief. Tot die tijd is er dus ruimte om wijzigingen door te voeren, zoals het schrappen van een overleden kandidaat. Mijn standpunt is dan ook dat het CHS zou kunnen besluiten om deze overleden kandidaat van de lijst te schrappen, en vervolgens de partij de mogelijkheid te geven om via de schaduwkandidatenlijst een nieuwe kandidaat voor te dragen op die positie. Maar het schuiven van kandidaat 51 naar 50 is niet wettelijk onderbouwd — dat is wat het OKB beweert, en dat is onjuist.”

Politie Santodorp beëindigd 6- jarige vete tussen jeugdigen van Ephraimszegen

Ingediend door admin op

De politie van het bureau Santodorp heeft in de late avond van maandag 7 april 2025 een zes jaren durende ruzie tussen twee jeugdige groepen van Ephraimszegen met succes beëindigd. Tijdens het onderzoek van de politie is naar voren gekomen dat de ruzie tussen de twee groepen is ontstaan, nadat de twee jeugdigen E.T. (16) en M.H. (15) tijdens het voetballen in het jaar 2019 een meningsverschil kregen die uitmondde in een vechtpartij. Deze twee jeugdigen gingen in de loop der jaren , zodra zij elkaar tegen kwamen op de vuist. De ruzie werd erger toen ook vrienden en

familieleden van beide partijen zich hiermee bemoeiden en deelname aan de groepsgevechten die er onstonden. Na de inverzekeringstelling van ene A. uit de groep van M.H. op dinsdag 1 april 2025, werden na verhoor van de verdachten en getuigen, E.T. en zijn 18-jarige neef M.A. op maandag 7 april 2025 eveneens door de politie aangehouden. De wetsdienaren constateerden daarbij dat het over en weer om wraakacties gingen van eerdere gevechten, mishandelingen en vernederingen op social media tussen de vrienden uit beide groepen, waarvan er geen aangiften waren gedaan. De zaak werd toen in bijzijn van alle betrokken partijen en ook
de ouders en familieleden beslecht, waarbij de politie hen erop wees wat de gevolgen kunnen zijn als de ruzie niet onmiddelijk wordt beëindigd. Na afstemming met het Openbaar Ministerie werden de aangehouden jeugdigen, na verhoor ernstig aangesproken en vervolgens heengezonden.

Aan de ouders en of verzorgers, danwel familieleden wordt geadviseerd de handelingen van hun kroost te volgen en er op toe te zien wat voor voor vrienden hun kinderen op na houden. Verder dat zij bij de geringste calamiteit direct contact maken met de politie.

Gelooft u niet blindelings het deel van het verhaal van uw kinderen aIleen. Indien u opmerkt dat het gedrag van uw kinderen strafrechtelijke consequenties kan opleveren, kunt u zo snel als mogelijk contact opnemen met de politie.

Veiligheid, een zaak van u en de politie!!!

OKB wil maatregelen tegen CHS-ondervoorzitter Jap-A-Joe

Ingediend door admin op
Wendy Jap-A-Joe, ondervoorzitter van het CHS.

Het Onafhankelijk Kiesbureau (OKB) vindt dat het handelen de ondervoorzitter van het Centraal Hoofdstembureau (CHS),  Wendy Jap-A-Joe, onverenigbaar is met de objectieve uitvoering van haar

taken. De directe aanleiding betreft haar actieve en zichtbare deelname aan het partijcongres van de Algemene Bevrijdings- en Ontwikkelingspartij (ABOP), dat op 23 maart 2025 plaatsvond in Ballroom Prince. Ondanks recente voorbeelden van andere functionarissen die om soortgelijke redenen uit functie zijn ontheven, heeft zij zich niet neutraal opgesteld. Integendeel, zij heeft openlijk een politieke voorkeur uitgesproken.


De geconstateerde handelingen zijn onverenigbaar met de vereisten van onpartijdigheid en institutionele onafhankelijkheid zoals vastgelegd in de Kiesregeling, het Surinaamse staatsrechtelijke bestel en internationale standaarden. Gezien het bovenstaande heeft het OKB de president van

de Republiek Suriname, als constitutioneel waarborg van eerlijke en vrije verkiezingen, verzocht de noodzakelijke maatregelen te treffen. Doel hiervan is de integriteit, transparantie en rechtsgeldigheid van het verkiezingsproces in Suriname te waarborgen, benadrukt het OKB in een persverklaring.


Het acht het, in het kader van zowel zijn wettelijke toezichtverantwoordelijkheid als ter bescherming van de democratische rechtsorde, noodzakelijk te benadrukken dat enkele waargenomen gevallen het integriteitsbeginsel van het lopende verkiezingsproces ernstig bedreigen en de rechtsgeldigheid van de verkiezingen van 25 mei 2025 in gevaar brengen. Het OKB stelt dan ook dat politiek optreden van verkiezingsfunctionarissen ontoelaatbaar is.


Functionarissen die deel uitmaken van verkiezingsorganen dienen zich te allen tijde neutraal en onafhankelijk op te stellen en zich niet te lenen voor enige vorm van inmenging of vereenzelviging met een politieke organisatie of kandidaat. Iedere vorm van inmenging of vereenzelviging ondermijnt de integriteit van het verkiezingsproces.

Het OKB handhaaft hierover een eenduidig standpunt. Dit is onder meer tot uiting gekomen in adviezen met betrekking tot politiek optreden van drie voormalige districtscommissarissen en directieleden van het ministerie van Binnenlandse Zaken. In elk van deze gevallen is door het OKB een duidelijke positie ingenomen. Aan de deken der districtscommissarissen en de president van de Republiek Suriname is verzocht om bewustwording te creëren rondom belangenverstrengeling en de schadelijke gevolgen daarvan voor het verkiezingsproces en het land.

Toen bleek dat, ondanks deze waarschuwingen, geen gehoor werd gegeven aan het verzoek van het OKB, is dit orgaan overgegaan tot het nemen van maatregelen. Deze maatregelen hebben ertoe geleid dat belangenverstrengeling in sommige gevallen werd beëindigd, en waar dat niet gebeurde, zijn betrokkenen uit hun functie ontheven. Het OKB heeft herhaaldelijk gewaarschuwd voor het risico van belangenverstrengeling. Desondanks blijkt opnieuw dat verkiezingsfunctionarissen deze waarschuwingen naast zich neerleggen.

Het OKB acht het dan ook onhoudbaar dat een functionaris van een belangrijk verkiezingsorgaan gelijktijdig politiek actief is in een partijpolitiek kader. Deze dubbele rol is in strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur, en met de normen en principes van neutraliteit en onafhankelijkheid die gelden voor functionarissen in dergelijke posities. Deze waarden zijn essentieel voor een eerlijke en onpartijdige uitvoering van het verkiezingsproces.

Reactie op: 'Kookvideo met mogelijk grote gevolgen'

Ingediend door admin op

In het artikel op Starnieuws 'Kookvideo met mogelijk grote gevolgen' is het opmerkelijk hoe een moreel kompas van ons land wordt opgeworpen, terwijl de verontwaardiging niets anders is dan politiek theater verpakt
in morele taal. De opinie die president Santokhi's ontmoeting met de heer Kadensi bestempelt als "het dieptepunt van vier jaar bestuur" is niet alleen misleidend, maar getuigt van een diep respectloos discours richting het hoogste ambt van ons land. Wie zo omgaat met het hoogste instituut van het land, miskent niet alleen de persoon Santokhi, maar schendt ook het respect dat we collectief behoren te tonen aan het ambt zelf.

Selectieve verontwaardiging is ook immoreel
De auteur van het opiniestuk noemt Kadensi’s bezoek "een bewust politiek signaal". Dat mag, maar dan moeten we ook durven kijken naar wie dat narratief voedt.
Wie deelt het filmpje? Wie plaatst het in een politieke context?

Waar was deze morele woede toen politieke figuren uit andere hoeken van het spectrum zich openlijk omringden met figuren uit de onderwereld? Wanneer veroordeelden op andere verkiezingslijsten prijkten? Deze stilte maakt duidelijk: het gaat hier niet om morele principes. Het gaat om politieke opportuniteit. De suggestie dat de president hiermee "criminaliteit normaliseert" is dan ook ronduit lasterlijk.

Het verwijt dat deze actie de reputatie van Suriname schaadt, is ironisch, gezien het feit dat juist het overdreven moraliseren, en het publiekelijk framen van de president als immoreel, een veel schadelijker beeld naar buiten brengt dan het feit dat hij een burger laat koken in zijn huis.

De balans na bijna vijf jaar
Is alles vlekkeloos verlopen de afgelopen vijf jaar? Zeker niet! Laten we de context niet vergeten: deze regering erfde een land op de rand van een economische catastrofe. Vier jaar lang heeft men geprobeerd dat recht te trekken, met internationale hulp, pijnlijke bezuinigingen en structurele hervormingen. Moeilijke keuzes, met echte gevolgen. Maar in plaats van dat debat te voeren, kiest men voor een filmpje van een kokende man als politiek kapmes. We mogen daar kritiek op hebben, maar dan wel met eerlijke maatstaven en niet te snel en makkelijk kiezen voor gemakzuchtig framen.

Politiek gewin boven landsbelang
Wie werkelijk geeft om het imago van Suriname, kiest niet voor karaktermoord op de president in de internationale schijnwerpers. Wie werkelijk geeft om jeugd, recht en orde, toont leiderschap door debat te voeren op inhoud, niet op symboliek. En wie werkelijk denkt dat Suriname beter verdient, komt met oplossingen in plaats van stemmingmakerij.

Wat werkelijk verontrustend is, is de manier waarop symboliek boven inhoud wordt geplaatst. Een filmpje van een kokende Kadensi zegt niks over het begrotingstekort, de gezondheidszorg, of het herstel van de SRD. Maar het biedt wel goedkoop munitie voor opposanten die zelf geen concreet alternatief bieden.

Tot die tijd blijft deze aanval wat het werkelijk is: een staaltje holle verontwaardiging, met als enig doel het beschadigen van een man  en via hem, het presidentschap, in aanloop naar de verkiezingen. Een president die, ondanks alles, de waardigheid van zijn ambt blijft bewaken. Iets waar zijn critici nog wat van kunnen leren.

Fares I. Naipal


 Oprichting N.V. Telesur officieel bekrachtigd

Ingediend door admin op

Het Telecommunicatiebedrijf Suriname (Telesur) heeft in het kader van zijn jaarvergadering de jaarrekeningen van 2018 tot en met 2021 aan president Chandrikapersad Santokhi gepresenteerd. Bij deze gelegenheid op vrijdag 11 april waren aanwezig algemeen directeur Doric Ramlakhan, de ministers Uraiqit Ramsaran van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT), Stanley Raghoebarsing van Financiën en Planning, fiscalist Roy Shyamnarain, accountant-specialist Ronny Sheoratan en interne accountant Lutchman. Besproken is hoe het bedrijf in de genoemde jaren heeft gepresteerd. Een mijlpaal is de officiële oprichting van de N.V. Telesur.

Het betrof uitdagende jaren, waarin de covidcrisis een grote rol speelde. Telesur heeft in de periode

2018 tot 2021 een belangrijke bijdrage geleverd aan de samenleving, onder andere door diensten aan te bieden tegen een lagere koers. De oprichtingsakte is ondertekend, en de volgende stap is de inschrijving bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken (KKF). Na dertig jaar van intensieve samenwerking met diverse instanties, is de transformatie naar een naamloze vennootschap gerealiseerd.

De wetgeving hiervoor werd vorig jaar behandeld in De Nationale Assemblée (DNA) en dit jaar aangenomen en afgekondigd op 19 maart 2025. Binnen een maand na afkondiging moest de oprichting plaatsvinden, en dat gebeurde op 11 april 2025. De oprichting vond plaats met ondersteuning

van notarissen Marengo-Derby en Dollart-Derby, fiscalist Shyamnarain, accountant-specialist Sheoratan, interne accountant Lutchman, en verschillende experts vanuit Telesur.

Ook het ministerie van Financiën, het ministerie van TCT en de president hebben hierbij een belangrijke rol gespeeld. De omzetting van sui generis naar een naamloze vennootschap maakt het eenvoudiger om internationaal te opereren. Voorheen was het moeilijk om de rechtsvorm uit te leggen. Met de nieuwe structuur, in het Engels aangeduid als “Limited by Shares”, kan Telesur als 100% staatsbedrijf zelfstandig onderhandelen met andere partijen om betere diensten en nieuwe producten voor Suriname te realiseren.

Naast de rechtsvormverandering zijn ook de financiële cijfers besproken. De afgelopen jaren waren moeilijk, maar er is nu uitzicht op herstel. Een belangrijk onderdeel hiervan is de verrekening van de staatsschuld, hierover zijn afspraken gemaakt in de regeringsvergadering, bevestigd door beschikkingen van de minister van Financiën. Per 15 november 2024 heeft de staat geen schuld meer bij Telesur, wat een positief effect heeft op de financiële positie.

Met de nieuwe rechtsvorm krijgt Telesur meer handelingsvrijheid. Waar er eerder als sui generis voor vrijwel elke handeling toestemming nodig was van de minister, kan de naamloze vennootschap opereren onder een eigen directie. Deze verandering biedt ruimte voor groei en stabiliteit binnen de telecommunicatiesector.

‘Stijgende wisselkoers werkt onzekerheid in de hand’

Ingediend door admin op

De Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB) volgt de recente onrust op de valutamarkt met toenemende bezorgdheid. De gestage stijging van de wisselkoers werkt onzekerheid in de hand bij zowel ondernemers als consumenten. Wat opvalt, is dat er vrijwel dagelijks een nieuwe oorzaak wordt aangewezen — van buitenlandse politieke figuren tot de deviezencommissie en vergunninghouders die hun exportverplichtingen niet zouden nakomen. Deze gefragmenteerde verklaringen dragen niet bij aan vertrouwen en kunnen eerder als symptoom van beleidsmatige stuurloosheid worden gezien dan als serieuze analyse.

Het meest recente SEOB-bulletin biedt daarentegen wél een structureel en feitelijk inzicht in de onderliggende oorzaken. Zo blijkt dat

de basisgeldhoeveelheid (M0) eind 2024 de IMF-doelstelling met 8,6% overschreed, voornamelijk als gevolg van verhoogde overheidsuitgaven. Bovendien constateert de SEOB dat het begrotingstekort verder toenam doordat de overheidsinkomsten sneller daalden dan de uitgaven, en dat de staatsschuld is opgelopen tot 96,7% van het BBP. Deze macro-economische onevenwichtigheden vormen, in combinatie met het ontbreken van effectief vraagbeheer, een structurele druk op de wisselkoers.

De VSB is zich ervan bewust dat snelle uitspraken in een gespannen context meer kwaad dan goed kunnen doen. Als professionele en neutrale organisatie kiezen wij voor een zorgvuldige en onderbouwde benadering. Daarom werkt de VSB aan een gefundeerde

analyse van de valutamarkt, die wij in een volgende nieuwslijn zullen delen. Alleen met beleidsrust, transparantie en samenhang kunnen we het vertrouwen in de Surinaamse economie herstellen.

Edward Belfort wordt toch van kandidatenlijst NDP geschrapt

Ingediend door admin op

Het Onafhankelijk Kiesbureau heeft onlangs kennisgenomen van het tragische nieuws dat de heer Edward Belfort, kandidaat voor de Nationale Democratische Partij (NDP) voor de verkiezing van de Nationale Assemblee (DNA), is overleden. Dit roept vragen op over de juridische en administratieve stappen die volgen in het geval van overlijden van een kandidaat vóór de stemming. Het OKB wenst te benadrukken dat de Kiesregeling duidelijke richtlijnen biedt over wat er moet gebeuren met zijn kandidatuur en de invulling van de vacante plaats.

Artikel 137 van de Kiesregeling voorziet in de procedure bij het overlijden van een kandidaat, en vooral in de

invulling van de vacante plaatsen op de kandidatenlijst van een partij. Volgens artikel 137, lid 2 van de Kiesregeling wordt de situatie van een overleden kandidaat onmiddellijk gereguleerd. Wanneer een kandidaat vóór de stemming overlijdt, moet de voorzitter van het Centraal Hoofdstembureau de President en het OKB onmiddellijk op de hoogte stellen. Dit betekent dat, ondanks dat de heer Edward Belfort’s naam nog op de lijst van de NDP staat, de kennisgeving van zijn overlijden de formele basis vormt voor het verwijderen van zijn naam van de lijst.

De heer Edward Belfort kan immers niet langer als kandidaat deelnemen aan

de verkiezingen, en zijn naam moet dus geschrapt worden om de verkiezingsprocedure correct voort te zetten. Artikel 137, lid 3 verduidelijkt dat zodra een kandidaat overlijdt, de vacante plaats automatisch wordt ingevuld door de volgende kandidaat op de lijst. Dit zorgt ervoor dat kiezers alleen kunnen stemmen voor actieve en beschikbare kandidaten. De plaats die voorheen door de heer Edward Belfort werd ingenomen op de lijst, komt vacant te staan. Van de NDP zal de eerstvolgende niet-gekozen kandidaat op de lijst de vacante plaats innemen. De kandidaat die de plaats van de heer Edward Belfort overneemt, krijgt dezelfde rechten en verantwoordelijkheden als de heer Edward Belfort zou hebben gehad, had hij de verkiezingen kunnen meemaken.

Het OKB wenst te benadrukken dat de wet voorziet in een ordelijke opvolging die de continuïteit van de verkiezingen waarborgt. De Kiesregeling is ontworpen om een soepel verloop van verkiezingen te waarborgen, zelfs in het geval van onvoorziene omstandigheden zoals het overlijden van een kandidaat. Concluderend kan worden gesteld dat er voor de NDP de keuze bestaat om de vacante plaats van de heer Edward Belfort in te vullen met de eerstvolgende niet-gekozen kandidaat op de lijst.

Dit is een correcte en rechtmatige toepassing van de Kiesregeling. Kiezers zullen niet op de overleden heer Edward Belfort kunnen stemmen, en zijn naam zal van de lijst worden geschrapt, zodat de verkiezingen op een eerlijke en ordelijke manier kunnen voortgaan. De wet biedt duidelijke richtlijnen voor het omgaan met het overlijden van een kandidaat, zodat de rechtszekerheid en integriteit van de verkiezingen gewaarborgd blijven.

OKB: Edward Belfort wordt geschrapt van kandidatenlijst

Ingediend door admin op

Naar aanleiding van het overlijden van Edward Belfort, kandidaat voor De Nationale Assemblee namens de Nationale Democratische Partij (NDP), heeft het Onafhankelijk Kiesbureau (OKB) bevestigd dat zijn naam wordt geschrapt van de
kandidatenlijst. Dit gebeurt in overeenstemming met de Kiesregeling, die duidelijke richtlijnen biedt voor dergelijke situaties.

Volgens het OKB bepaalt artikel 137 van de Kiesregeling dat, wanneer een kandidaat vóór de stemming overlijdt, de voorzitter van het Centraal Hoofdstembureau onmiddellijk de president en het OKB op de hoogte moet stellen. Op basis van deze melding wordt de overledene formeel van de kandidatenlijst verwijderd.

De Kiesregeling schrijft tevens voor dat de opengevallen plaats automatisch wordt ingevuld door de eerstvolgende niet-gekozen kandidaat van dezelfde partij. In het geval van de NDP betekent dit dat een andere partijgenoot de positie van Belfort zal overnemen, inclusief alle
bijbehorende rechten en verantwoordelijkheden.

“De heer Belfort kan niet langer deelnemen aan de verkiezingen, en het is wettelijk vereist dat zijn naam wordt geschrapt om het verkiezingsproces rechtmatig voort te zetten,” stelt het OKB.

Het bureau benadrukt dat de Kiesregeling specifiek is ingericht om ook bij onvoorziene omstandigheden, zoals het overlijden van een kandidaat, het verloop van de verkiezingen ordelijk en rechtvaardig te laten verlopen. Kiezers zullen hierdoor alleen kunnen stemmen op actieve kandidaten.

Het OKB besluit dat de toepassing van deze regels essentieel is voor het behoud van de rechtszekerheid en integriteit van de verkiezingen. De wettelijke opvolgingsprocedure voorkomt onduidelijkheid en garandeert dat de verkiezingen op eerlijke wijze kunnen doorgaan.